Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202035300-A nr. 34

35 300 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2020

Nr. 34 MOTIE VAN HET LID DE PATER-POSTMA C.S.

Voorgesteld tijdens het Notaoverleg van 25 november 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de aanpak van de N35 belangrijk is voor de verkeersveiligheid en de doorstroming Zwolle-Duitse grens;

constaterende dat de provincie Overijssel bereid is om 120 miljoen cofinanciering op tafel te leggen en bereid is de rijksmiddelen (deels) voor te financieren om de aanpak van de N35 te versnellen;

overwegende dat de provincie Overijssel en de Kamer meermaals hebben aangegeven de N35 als prioriteit te zien;

overwegende dat in het eerste kwartaal van 2020 in een apart bestuurlijk overleg, op basis van de uitkomsten van het aanvullend verkeersonderzoek en het aanbod van de provincie Overijssel met betrekking tot de Marsroute N35, afspraken worden gemaakt over de verdere aanpak van de N35;

verzoekt de regering, het aanbod van de provincie Overijssel zeer serieus te nemen en in het aparte bestuurlijk overleg een gezamenlijk einddoel af te spreken voor de verdere MIRT-planning van de N35 en aan te geven onder welke condities (tijd, geld, oplossingsrichtingen) de N35 op de MIRT-agenda kan komen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De Pater-Postma

Van der Graaf

Schonis

Remco Dijkstra