Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 35295 nr. BG |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 35295 nr. BG |
Aan de voorzitters van de vaste commissies voor Europese Zaken en voor Justitie en Veiligheid
Cc: Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Brussel, 9 maart 2026
De Commissie dankt de Eerste Kamer voor haar advies over het verslag over de rechtsstaat 2025 – Situatie op het gebied van de rechtsstaat in de Europese Unie (COM(2025) 900 final).
De Commissie verheugt zich over het belang dat de Eerste Kamer aan rechtsstatelijke kwesties hecht. In de politieke beleidslijnen 2024–2029 benadrukt voorzitter Von der Leyen dat de democratie en de economie van de EU op de rechtsstaat berusten en dat de EU nu beter dan ooit is toegerust om rechtsstatelijke kwesties in elke lidstaat op objectieve wijze aan te pakken. Tegelijkertijd wordt er melding gemaakt van zorgwekkende trends. Ook worden in de politieke beleidslijnen de toenemende dreigingen voor onze democratische stelsels en instellingen onderkend. Op basis van de ervaringen van de afgelopen jaren en de geleerde lessen zal de Commissie proactief blijven optreden om de rechtsstaat te beschermen en te handhaven.
Na zes jaar is de jaarlijkse rechtsstaatcyclus nu stevig verankerd als een solide, objectief en eerlijk instrument om de situatie in de EU te onderzoeken, op basis van dialoog en een sterke betrokkenheid van de lidstaten. Problemen kunnen hierdoor in een vroeg stadium worden opgespoord en opgelost, en de aanbevelingen zijn bedoeld als katalysator voor hervormingen. Uit het rechtsstaatverslag van 2025 blijkt dat veel lidstaten op de goede weg zijn en vooruitgang hebben geboekt op de vier gebieden waarop het verslag betrekking heeft (justitie, corruptiebestrijding, vrijheid en pluriformiteit van de media, institutionele controles en waarborgen), ook al blijven er, zoals de Eerste Kamer opmerkt, in sommige lidstaten aanzienlijke uitdagingen bestaan.
De Commissie zal haar samenwerking in het kader van de rechtsstaatcyclus met alle lidstaten voortzetten, en zo de vooruitgang monitoren en de hervormingen ondersteunen. Zij wil de cyclus ook doeltreffender maken, onder meer door de nieuwe internemarktdimensie in de jaarverslagen te verdiepen, de follow-up van aanbevelingen te verbeteren en ervoor te zorgen dat de cyclus beter wordt geïntegreerd in het werk van alle EU-instellingen. De Commissie wil graag benadrukken dat haar verslag over de rechtsstaat slechts één onderdeel is van het instrumentarium voor de rechtsstaat van de EU. Zij zal de andere instrumenten waarover zij beschikt om op gevaren voor de rechtsstaat te reageren, eveneens ten volle blijven inzetten.
Zo is de eerbiediging van de rechtsstaat een voorwaarde voor het ontvangen van EU-middelen. Verder legt de Commissie in haar voorstel voor het meerjarig financieel kader 2028–20341 uit dat door de combinatie van financiële steun voor hervormingen ten behoeve van de rechtsstaat en het gebruik van waarborgen en voorwaarden, ook de toekomstige EU-begroting zal worden beschermd en zal worden ingezet om de rechtsstaat en de grondrechten te versterken.
De Commissie is ingenomen met de debatten die in de Eerste Kamer over het verslag over de rechtsstaat worden gevoerd en erkent de essentiële rol van de nationale parlementen bij het bevorderen en in stand houden van een nationale rechtsstatelijke cultuur.
De bijlage bij deze brief bevat nadere verduidelijkingen met betrekking tot de specifieke punten die de Eerste Kamer aan de orde heeft gesteld.
De Commissie hoopt dat zij met deze verduidelijkingen voldoende is ingegaan op de door de Eerste Kamer aan de orde gestelde punten en kijkt uit naar het verdere verloop van de politieke dialoog.
Lid van de Commissie, M. Šefčovič
Lid van de Commissie, M. McGrath
Wat betreft de impact van de verslagen over de rechtsstaat en de controle op de uitvoering van de aanbevelingen, merkt de Commissie op dat meer dan twee derde van de aanbevelingen die zij sinds 2022 aan de lidstaten heeft gedaan, volledig of gedeeltelijk zijn opgevolgd. Dit toont aan dat het verslag over de rechtsstaat de lidstaten daadwerkelijk ondersteunt bij het doorvoeren van positieve hervormingen. De Commissie hanteert een kwalitatieve aanpak bij de beoordeling van de vooruitgang die de lidstaten bij de uitvoering van de aanbevelingen boeken, en gebruikt hiervoor vijf categorieën (geen vooruitgang, beperkte vooruitgang, enige vooruitgang, aanzienlijke vooruitgang, volledig uitgevoerd). De methode die wordt gevolgd bij het opstellen van de verslagen over de rechtsstaat wordt samen met het verslag gepubliceerd2: naast de jaarlijkse vragenlijst voor het verslag worden de gebieden die in de lidstaten worden beoordeeld en de belangrijkste bronnen bekendgemaakt. Het onderzoek van de Commissie is gebaseerd op een breed scala aan documenten en input van uiteenlopende gesprekspartners. Voor het verslag van 2025 hebben de diensten van de Commissie ongeveer 270 bijdragen van belanghebbenden ontvangen en geanalyseerd, en meer dan 650 vergaderingen gehouden met ruim 980 nationale autoriteiten, ministeries, rechtbanken, onafhankelijke instanties, maatschappelijke organisaties en andere belanghebbenden.
Wat betreft de koppeling van aanbevelingen aan financiële prikkels, doelstellingen en tijdlijnen, wijst de Commissie erop dat in haar voorstel voor het meerjarig financieel kader 2028–34 is bepaald dat het verslag over de rechtsstaat onderdeel zal zijn van het referentiekader voor de plannen voor nationaal en regionaal partnerschap van de lidstaten (NRPP’s), naast de landspecifieke aanbevelingen die in het kader van het Europees Semester worden gedaan3. De aanpak bestaat uit een combinatie van financiële steun voor maatregelen ter versterking van de rechtsstaat en de grondrechten, en sterke waarborgen en voorwaarden om ervoor te zorgen dat de EU-begroting wordt beschermd. De koppeling van de aanbevelingen in het verslag over de rechtsstaat aan de financiële steun in het kader van de EU-begroting wordt versterkt door middel van de NRPP’s, waarmee specifieke investeringen en hervormingen kunnen worden ondersteund.
Wat betreft de tijdlijnen voor de uitvoering van aanbevelingen, merkt de Commissie op dat het bij sommige aanbevelingen langer kan duren voordat ze worden opgevolgd, vanwege lopend politiek overleg of raadplegingen van belanghebbenden, of electorale cycli die de vooruitgang van het wetgevingsproces onderbreken. Dankzij de jaarlijkse cyclus van het verslag kan vooruitgang voortdurend worden gemonitord en kunnen aanbevelingen worden aangepast indien er onvoldoende vooruitgang wordt geboekt.
Indien lidstaten geen gevolg geven aan de aanbevelingen, blijft de Commissie in de eerste plaats de vooruitgang monitoren in het kader van haar volgende verslagen en gaat zij een politieke en technische dialoog met de betreffende lidstaten aan, om hen te ondersteunen bij de uitvoering van de aanbevelingen. Tegelijkertijd beschikt de Commissie over andere instrumenten om te reageren op ernstige dreigingen voor de rechtsstaat, waarvan zij zo nodig gebruik zal blijven maken. Handhaving door middel van inbreukprocedures is hier een belangrijk onderdeel van; de Commissie vervult haar rol als hoedster van de EU-verdragen door inbreukprocedures in te leiden om specifieke schendingen van de rechtsstaat aan te pakken. Artikel 7 VEU is ook een belangrijk onderdeel van het EU-instrumentarium voor de rechtsstaat. Voor Hongarije wordt de procedure van artikel 7, lid 1, VEU voortgezet, en de Raad Algemene Zaken heeft in oktober 2025 een negende formele hoorzitting met Hongarije gehouden, tijdens welke de Commissie input heeft geleverd en heeft benadrukt dat zij veel van de zorgen blijft delen die het Europees Parlement heeft geuit toen het de procedure in 2018 inleidde.
Er bestaan ook instrumenten om de EU-begroting te beschermen tegen schendingen van de beginselen van de rechtsstaat. De conditionaliteitsverordening is bedoeld om de begroting van de Unie (zowel inkomsten als uitgaven) te beschermen tegen schendingen van de beginselen van de rechtsstaat in de lidstaten die voldoende rechtstreekse gevolgen hebben of dreigen te hebben voor het goed financieel beheer van de Uniebegroting of de bescherming van de financiële belangen van de Unie. De conditionaliteitsverordening kan alleen in werking worden gesteld als er in de Uniewetgeving geen andere procedure is vastgesteld die de Uniebegroting doeltreffender kan beschermen. De horizontale randvoorwaarde in het kader van de verordening gemeenschappelijke bepalingen draagt ertoe bij dat de lidstaten bij de toepassing van EU-fondsen het Handvest van de grondrechten van de EU eerbiedigen. De eerbiediging van de rechtsstaat en de grondrechten blijft een centraal onderdeel van het volgende meerjarig financieel kader (MFK). Terwijl de conditionaliteitsverordening van toepassing zal blijven op alle fondsen, heeft de Commissie een reeks geharmoniseerde conditionaliteitsregels voorgesteld voor alle fondsen onder gedeeld beheer. Deze moeten de huidige lappendeken van maatregelen in het kader van de verordening gemeenschappelijke bepalingen en de herstel- en veerkrachtfaciliteit vervangen en zorgen voor meer samenhang in het volgende MFK.
Wat betreft de vraag over de manier waarop het verslag over de rechtsstaat zich verhoudt tot de conditionaliteitsverordening en de herstel- en veerkrachtfaciliteit, benadrukt de Commissie dat het hier om afzonderlijke instrumenten gaat met verschillende doelstellingen en een verschillend toepassingsgebied:
− Het verslag over de rechtsstaat is in de eerste plaats een preventief instrument dat ertoe dient belangrijke ontwikkelingen op het gebied van de rechtsstaat in alle lidstaten regelmatig te monitoren en vast te leggen, zonder dat het op zichzelf tot financiële gevolgen leidt.
− Zoals hierboven uitgelegd, dient de conditionaliteitsverordening ertoe de EU-begroting te beschermen tegen schendingen van de beginselen van de rechtsstaat. Overeenkomstig de conditionaliteitsverordening houdt de Commissie bij het vaststellen en beoordelen van schendingen van de beginselen van de rechtsstaat die de financiële belangen van de Unie schaden, rekening met het verslag over de rechtsstaat en met andere informatie van belangrijke instellingen (bijvoorbeeld OLAF, het EOM en de Europese Rekenkamer).
− De herstel- en veerkrachtfaciliteit is het belangrijkste instrument van de EU om de maatschappelijke en economische schokken van de COVID-19-pandemie mee op te vangen, in het kader waarvan financiering wordt verstrekt op basis van geleverde prestaties. Hoewel de herstel- en veerkrachtfaciliteit geen specifiek rechtsstaatinstrument is, kan zij, binnen de grenzen van haar juridische structuur, bijdragen tot de aanpak van bepaalde rechtsstaatkwesties in de lidstaten. Elk herstel- en veerkrachtplan moet bijdragen tot een doeltreffende aanpak van alle of een aanzienlijk deel van de uitdagingen die zijn vastgesteld in het kader van de desbetreffende landspecifieke aanbevelingen van het Europees Semester, waarvan sommige betrekking hebben op de rechtsstaat. Daarom hebben veel lidstaten in hun herstel- en veerkrachtplannen hervormingen en investeringen opgenomen die de rechtsstaat ten goede moeten komen. Verschillende maatregelen in de herstel- en veerkrachtplannen van de lidstaten zijn gericht op het versterken en efficiënter maken van de rechtsstelsels door middel van digitalisering, het versterken van de instellingen die corruptie bestrijden of het verbeteren van het wetgevingsproces. Voor bepaalde lidstaten bevatten de herstel- en veerkrachtplannen specifieke «controlemijlpalen» (zogenaamde «supermijlpalen»). Deze hebben betrekking op situaties waarin de rechtsstaatsystemen rechtstreeks van invloed zijn op de nationale controlesystemen voor herstel- en veerkrachtplannen die bedoeld zijn om de financiële belangen van de EU te beschermen. Betalingsverzoeken in het kader van de betreffende herstel- en veerkrachtplannen kunnen pas worden ingewilligd wanneer deze «supermijlpalen» op bevredigende wijze zijn gehaald. In zijn herstel- en veerkrachtplan heeft Hongarije zich ertoe verbonden 27 «supermijlpalen» te halen om de bescherming van de financiële belangen van de Unie te waarborgen en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te versterken.
Wat betreft de verslechtering van de mediavrijheid, benadrukt de Commissie dat zij er vast van overtuigd is dat vrije media en onafhankelijke journalistiek essentiële onderdelen van de democratie en de rechtsstaat zijn. In het verslag over de rechtsstaat 2025 wordt verwezen naar zorgwekkende bevindingen van de monitor voor de pluriformiteit van de media, waaruit blijkt dat de omstandigheden voor journalisten in verschillende landen verslechteren, onder meer als gevolg van online-intimidatie en andere risico’s, zoals sterk geconcentreerde media-eigendom en economische druk op het media-ecosysteem. De Commissie heeft zich er duidelijk toe verbonden om haar steun voor en bescherming van onafhankelijke media en journalisten op te voeren, met name door de uitvoering van de Europese verordening mediavrijheid, die in augustus 2025 in werking is getreden4. Daarom heeft voorzitter Von der Leyen in haar toespraak over de Staat van de Unie 2025 ook aangekondigd dat de Commissie een nieuw programma voor mediaveerkracht zal starten om onafhankelijke journalistiek en mediageletterdheid te ondersteunen. De Commissie heeft voor de volgende begroting voorgesteld om de financiering voor de media aanzienlijk te verhogen en de beschikbare instrumenten te gebruiken om ervoor te zorgen dat door middel van private equity onafhankelijke en lokale media kunnen worden ondersteund. Met het Europees schild voor de democratie5, dat op 12 november is aangenomen, heeft de Commissie opnieuw bevestigd dat zij vrije, onafhankelijke en pluriforme media wil ondersteunen. We hebben verschillende maatregelen genomen om de vrijheid en pluriformiteit van de media en de economische levensvatbaarheid van de mediasector te bevorderen.
Wat betreft vreemdelingenhaat en haatdelicten, zal de Commissie binnenkort een EU-strategie tegen racisme voor 2026–2030 vaststellen. Deze strategie bouwt voort op het huidige actieplan tegen racisme voor 2020–20256 en biedt een breed kader om racisme in al zijn vormen en uitingen te bestrijden. De strategie omvat een aantal gerichte acties op gebieden als het verbeteren van de uitvoering van de wetgeving inzake gelijkheid, het integreren van maatregelen tegen racisme in ander EU-beleid, het samenwerken met de lidstaten aan nationale maatregelen tegen racisme en het versterken van de dialoog met het maatschappelijk middenveld. Andere prioriteiten zijn het bestrijden van haatzaaiende uitlatingen en haatdelicten, en het verbeteren van de gegevensverzameling over racisme en discriminatie. In het kader van haar inspanningen om een Unie van gelijkheid tot stand te brengen, heeft de Commissie onlangs ook een strategie voor gelijkheid van lhbtiq’ers7 aangenomen, waarvan één van de pijlers erop gericht is lhbtiq+-personen te beschermen door hun veiligheid te waarborgen en haat jegens hen te bestrijden, ook online. Het actieplan voor integratie en inclusie 2021–27 van de Commissie wordt momenteel uitgevoerd en is onlangs aan een tussentijdse evaluatie onderworpen8. Het omvat talrijke maatregelen om de sociale inclusie van onderdanen van derde landen te versterken en hun deelname aan de gastsamenlevingen te bevorderen als middel om vreemdelingenhaat en uitsluiting te bestrijden.
Zie artikel 22, lid 2, punt p) van het voorstel van de Commissie voor een verordening tot oprichting van het Europees Fonds voor economische, sociale en territoriale cohesie, landbouw en platteland, visserij en maritieme zaken, welvaart en veiligheid voor de periode 2028–2034 en tot wijziging van Verordening (EU) 2023/955 en Verordening (EU, Euratom) 2024/2509, COM(2025) 565 final.
Zie artikel 22, lid 2, punt p) van het voorstel van de Commissie voor een verordening tot oprichting van het Europees Fonds voor economische, sociale en territoriale cohesie, landbouw en platteland, visserij en maritieme zaken, welvaart en veiligheid voor de periode 2028–2034 en tot wijziging van Verordening (EU) 2023/955 en Verordening (EU, Euratom) 2024/2509, COM(2025) 565 final.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-35295-BG.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.