35 295 EU en de rechtsstaat

BF BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 januari 2026

Mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, de Minister van Binnenlandse Zaken, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, deel ik hierbij ter informatie de Nederlandse input op de vragenlijst van de Europese Commissie in het kader van de toetsingscyclus voor de rechtsstaat 2026.

In de vragenlijst wordt de lidstaten gevraagd welke stappen er zijn genomen om opvolging te geven aan de aanbevelingen uit het landenhoofdstuk van het rechtsstaatrapport van 2025.1 Ook wordt lidstaten gevraagd om ontwikkelingen te melden die relevant zijn voor het actualiseren en opvolgen van de beoordeling van alle onderwerpen die in het landenhoofdstuk van 2025 worden besproken, evenals andere relevante ontwikkelingen op rechtsstatelijk gebied.

De Commissie is voornemens om op basis van de verkregen input en een landenbezoek het rapport in juli 2026 te publiceren. Uw kamer wordt hierover langs reguliere weg geïnformeerd. De landenhoofdstukken worden vervolgens tijdens landenspecifieke dialogen in de Raad Algemene Zaken besproken. Daarnaast is de verwachting dat, in lijn met de Nederlandse inzet, ook dit jaar thematische onderwerpen uit het rapport bij de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken aan de orde komen.

De Minister van Buitenlandse Zaken, D.M. van Weel


X Noot
1

De Kamer ontving op 29 augustus 2025 de kabinetsreactie op rechtsstaatrapport 2025, Kamerstuk 21 501-02, nr. 3223.


X Noot
1

De Kamer ontving op 29 augustus 2025 de kabinetsreactie op rechtsstaatrapport 2025, Kamerstuk 21 501-02, nr. 3223.

Naar boven