35 217 Verkiezingen voor de Nederlandse leden van het Europees Parlement

Nr. 1 BRIEF VAN DE COMMISSIE VOOR HET ONDERZOEK VAN DE GELOOFSBRIEVEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 juni 2019

De Commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven heeft in het kader van de haar opgedragen taak tot controle van de verkiezingen voor de Nederlandse leden van het Europees Parlement de processen-verbaal gecontroleerd van alle stembureaus in Nederland.

Bij die controle heeft de commissie bij een aantal stembureaus afwijkingen in de vaststelling van de uitslag geconstateerd. De Kiesraad, het centraal stembureau, heeft ook afwijkingen geconstateerd maar mist, op grond van art. P21 Kieswet, de bevoegdheid tot nader onderzoek vanwege het feit dat de omvang van de afwijkingen niet zo groot is dat daardoor het ernstig vermoeden gerechtvaardigd is dat deze afwijkingen van invloed op de zetelverdeling zouden kunnen zijn.

De Commissie Geloofsbrieven ondersteunt de opvatting in dezen van de Kiesraad volledig.

Niettemin heeft de Commissie Geloofsbrieven, gezien het belang van verkiezingen en het vertrouwen dat burgers in het rechtmatig verloop en de juistheid van de uitslag moeten kunnen hebben, gemeend te moeten besluiten u, op basis van art. V4 4e lid Kieswet, te verzoeken, opdracht te geven tot een hertelling van de bescheiden van drie stembureaus waar opvallende verschillen zijn geconstateerd. Het betreft de stembureaus Haarlem 45, Brielle 8 en Deventer 14.

De hertelling heeft tot doel inzicht te geven in de werkwijze van stembureaus waardoor afwijkingen op kunnen treden en dit inzicht te gebruiken bij komende verkiezingen.

Namens de commissie verzoek ik u de Kamer voor te stellen aldus te besluiten.

De voorzitter van de commissie, Leijten

De griffier van de commissie, Hendrickx

Naar boven