U VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
Vastgesteld 29 juni 2021
De leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben op verzoek
van de leden van de VVD-fractie (De Bruijn-Wezeman) op 26 mei 2021 schriftelijk navraag
gedaan naar de uitvoering van toezegging van de voormalig Staatssecretaris van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid om de Ministers van BZK en VWS te verzoeken de Kamer in het
najaar van 2020 te informeren over de uitkomst van de principiële discussie om het
College voor de Rechten van de Mens standaard op te nemen in de consultatierondes
(T02928).
De Minister voor Medische Zorg en Sport heeft bij brief van 29 juni 2021 gereageerd.
De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde schriftelijk overleg.
De griffier van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Van der Bijl
BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Minister voor Medische Zorg en Sport
Den Haag, 26 mei 2021
De leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben op verzoek
van de leden van de VVD-fractie (De Bruijn-Wezeman) in de vergadering van 18 en 25 mei
2021 gesproken over de uitvoering van de toezegging van u als toenmalig Staatssecretaris
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Ministers van BZK en VWS te verzoeken de
Kamer in het najaar van 2020 te informeren over de uitkomst van de principiële discussie
om het College voor de Rechten van de Mens standaard op te nemen in de consultatierondes
(T02928). Vanwege uw huidige portefeuille brengt de commissie deze toezegging bij
u en uw ambtgenoot van BZK onder de aandacht.
De toezegging is gedaan naar aanleiding van vragen van de leden De Bruijn-Wezeman
(VVD) en Kox (SP), tijdens het debat van 19 mei 2020 over de Wijziging van de Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten en enkele andere wetten in verband
met verdere activering van de participatie van jonggehandicapten en het harmoniseren
van de verschillende regimes Wajong (35 213).1
De strekking van het verzoek van voornoemde leden was dat het vaker voorkomt dat over
wetsvoorstellen waarbij vragen leven over mogelijk ongelijke behandeling, door de
Eerste Kamer alsnog een advies gevraagd wordt aan het College voor de Rechten van
de Mens, wat vertragend werkt in het proces van wetsbehandeling. Indien er gegronde
redenen zijn om het College voor de Rechten van de Mens niet standaard in de consultatieronde
op te nemen, dan verneemt de commissie die graag en zal de Eerste Kamer wanneer dit
nodig wordt geacht besluiten om alsnog advies te vragen aan het College.
De commissie ziet ernaar uit op een zo kort mogelijke termijn over de stand van zaken
te worden geïnformeerd, indachtig het feit dat deze informatie in het najaar van 2020
werd verwacht.
Een afschrift van deze brief is verzonden aan de Minister van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties
De voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, E.M. Sent
BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 juni 2021
Hierbij informeer ik uw Kamer over de stand van zaken van een toezegging van de Staatssecretaris
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) van 19 mei 2020. De toezegging was om de
Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en Volksgezondheid,
Welzijn en Sport (VWS) te verzoeken de Kamer in het najaar van 2020 te informeren
over de uitkomst van de principiële discussie om het College voor de Rechten van de
Mens (het College) standaard op te nemen in de consultatierondes (T02928).
Met deze brief geef ik antwoord op uw verzoek uw vaste commissie voor Sociale Zaken
en Werkgelegenheid op zo kort mogelijke termijn over de stand van zaken met betrekking
tot deze toezegging te informeren.
Tot mijn spijt is de toezegging in zijn specifieke bewoording pas recent onder de
aandacht gekomen van mijn ministerie en zodoende onbedoeld ook niet aan de orde gekomen
in de Voortgangsrapportage over het programma Onbeperkt Meedoen! die op 20 november
2020 aan de Tweede Kamer is gezonden.
De Minister van VWS heeft in een debat met de Tweede Kamer op 19 december 2019 toegezegd
om een gesprek met de Ministeries van BZK en J&V te voeren over het nader rubriceren
van de wetgevingstoets op het VN-verdrag handicap en de Kamer hierover te informeren.
In de brief bij de voortgangsrapportage over het programma Onbeperkt Meedoen! is de
stand van zaken van die toezegging opgenomen, waarbij is aangegeven dat er in overleg
met de Minister van BZK een verkenning loopt naar wat mogelijk, wenselijk en haalbaar
is in het nader rubriceren van de wetgevingstoets op het VN-verdrag handicap (de wijze
waarop de toetsing van wetgeving aan het VN-verdrag handicap inzichtelijk wordt gemaakt).
Ik zal daarbij nu ook de principiële discussie meenemen om het College voor de Rechten
van de Mens standaard op te nemen in de consultatierondes. Op die manier geef ik invulling
aan de aan uw Kamer gedane toezegging.
Ik zal uw Kamer bij de volgende voortgangsrapportage over het programma Onbeperkt
Meedoen! in het najaar van 2021, gelijktijdig met de Tweede Kamer, informeren over
de stand van zaken en uitkomsten van deze lopende verkenning.
De Minister voor Medische Zorg en Sport, T. van Ark