Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201935204 nr. 2

35 204 Wijziging van de Tabaks- en rookwarenwet houdende implementatie van de artikelen 15 en 16 van Richtlijn 2014/40/EU inzake de procedure en de verkoop van tabaksproducten

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is de artikelen 15 en 16 van Richtlijn 2014/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten en tot intrekking van Richtlijn 2001/37/EG (PbEU 2014, L 127) te implementeren teneinde daarmee illegale smokkel in tabak te voorkomen en in verband hiermee de Tabaks- en rookwarenwet op een aantal onderdelen aan te passen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Tabaks- en rookwarenwet wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, eerste lid, worden in de alfabetische rangschikking de volgende onderdelen ingevoegd:

gedelegeerde verordening gegevensopslagcontracten:

door Onze Minister aan te wijzen gedelegeerde verordening;

uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk:

door Onze Minister aan te wijzen uitvoeringsbesluit;

uitvoeringsverordening traceringssysteem:

door Onze Minister aan te wijzen uitvoeringsverordening.

B

De aanduiding na artikel 3e «§3. Reclame- en sponsoringbeperkingen» komt te vervallen en wordt ingevoegd voor artikel 5.

C

Na artikel 3e wordt de volgende paragraaf ingevoegd:

§ 2a. Volg- en traceersysteem en veiligheidskenmerk

Artikel 4

In het bij of krachtens deze paragraaf bepaalde wordt onder de begrippen die gedefinieerd worden in artikel 2 van de gedelegeerde verordening gegevensopslagcontracten, artikel 2 van het uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk en artikel 2 van de uitvoeringsverordening traceringssysteem verstaan hetgeen daaronder wordt begrepen in de genoemde artikelen van deze Europese rechtshandelingen.

Artikel 4a

  • 1. Producenten en importeurs van tabaksproducten merken elke geproduceerde of ingevoerde verpakkingseenheid van een tabaksproduct met een unieke identificatiemarkering als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de tabaksproductenrichtlijn en nemen daarbij de uitvoeringsverordening traceringssysteem in acht.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden eisen gesteld aan de door de producenten en importeurs aan te brengen unieke identificatiemarkering. De eisen hebben betrekking op:

    • a. de technische wijze waarop de unieke identificatiemarkering wordt aangebracht op de verpakkingseenheid;

    • b. de inhoud en vorm van de unieke identificatiemarkering;

    • c. de toegankelijkheid van de informatie die deel uitmaakt van de unieke identificatiemarkering.

  • 3. De op grond van het tweede lid gestelde eisen kunnen voor verschillende producten verschillend worden vastgesteld en er kunnen verschillende tijdstippen worden vastgelegd waarop zij gaan gelden.

Artikel 4b

Het is verboden om tabaksproducten te leveren, in te voeren, uit te voeren of in de handel te brengen, indien die producten niet aan de in artikel 4a gestelde eisen voldoen.

Artikel 4c

  • 1. Alle bij de handel in tabaksproducten betrokken marktdeelnemers, van de producent tot en met de laatste marktdeelnemer vóór de eerste detaillist, registreren de bewegingen, bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van de tabaksproductenrichtlijn en nemen daarbij artikel 15, negende lid, van de tabaksproductenrichtlijn en de uitvoeringsverordening traceringssysteem in acht.

  • 2. Alle natuurlijke personen en rechtspersonen die deel uitmaken van de leveringsketen van tabaksproducten houden een register bij als bedoeld in artikel 15, zesde lid, van de tabaksproductenrichtlijn en nemen daarbij de uitvoeringsverordening traceringssysteem in acht.

  • 3. De producenten van tabaksproducten voorzien alle marktdeelnemers die betrokken zijn bij handel in tabaksproducten van de apparatuur, bedoeld in artikel 15, zevende en achtste lid, van de tabaksproductenrichtlijn.

  • 4. De producenten en importeurs van tabaksproducten sluiten contracten over de opslag van gegevens met een onafhankelijke derde als bedoeld in artikel 15, achtste lid, eerste alinea, van de tabaksproductenrichtlijn. De producenten, importeurs en de onafhankelijke derde nemen daarbij de gedelegeerde verordening gegevensopslagcontracten en de uitvoeringsverordening traceringssysteem in acht.

  • 5. Tabaksproducenten stellen een externe auditor voor die wordt goedgekeurd door de Europese Commissie. Tabaksproducenten en de externe auditor nemen daarbij artikel 15, achtste lid, tweede alinea, van de tabaksproductenrichtlijn in acht.

  • 6. De onafhankelijke derde zorgt ervoor dat de faciliteiten voor gegevensopslag volledig toegankelijk zijn voor Onze Minister, de Europese Commissie en de externe auditor. Onze Minister kan producenten of importeurs toegang verlenen tot de opgeslagen gegevens, overeenkomstig artikel 15, achtste lid, derde alinea, van de tabaksproductenrichtlijn.

  • 7. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld inzake het eerste tot en met zesde lid, voor zover die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van de bij of krachtens de tabaksproductenrichtlijn gestelde voorschriften.

Artikel 4d

  • 1. Onze Minister wordt aangewezen als ID-uitgever, die is belast met het aanmaken en uitgeven van:

    • a. unieke identificatiemarkeringen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de uitvoeringsverordening traceringssysteem, voor tabaksproducten die in Nederland in de handel worden gebracht;

    • b. marktdeelnemeridentificatiecodes als bedoeld in artikel 15 van de uitvoeringsverordening traceringssysteem;

    • c. faciliteitsidentificatiecodes als bedoeld in artikel 17 van de uitvoeringsverordening traceringssysteem;

    • d. machine-identificatiecodes als bedoeld in artikel 19 van de uitvoeringsverordening traceringssysteem.

  • 2. De tarieven die samenhangen met het verrichten van de in het vorige lid, onder a, genoemde werkzaamheden, worden bij ministeriële regeling vastgesteld. Daarbij kunnen voor verschillende werkzaamheden verschillende tarieven worden vastgesteld.

Artikel 4e

Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het bepaalde in de artikelen 9, vierde lid, 20, vierde lid, 27, derde lid en 32, vijfde lid, van de uitvoeringsverordening traceringssysteem.

Artikel 4f

Onze Minister wijst de bevoegde autoriteiten, de nationale beheerders en degene die meldingen ontvangt aan, bedoeld in de artikelen 7, tweede en vijfde lid, 8, vierde lid, tweede alinea, 15, vierde lid, 17, vierde lid, 19, vierde lid, 25, eerste lid, onderdelen f, k en l, 26, zesde lid, 27 en 35, vijfde en zevende lid, van de uitvoeringsverordening traceringssysteem. De bevoegde autoriteiten en nationale beheerders nemen die uitvoeringsverordening in acht.

Artikel 4g

Onze Minister is bevoegd tot het vragen van inlichtingen en het nemen van de maatregelen, bedoeld in artikel 35, vierde, onderscheidenlijk zesde lid, van de uitvoeringsverordening traceringssysteem.

Artikel 4h

  • 1. Producenten en importeurs van tabaksproducten merken alle verpakkingseenheden van tabaksproducten die in de handel worden gebracht met een onvervalsbaar veiligheidskenmerk als bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de tabaksproductenrichtlijn.

  • 2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden eisen gesteld aan het door producenten en importeurs aan te brengen veiligheidskenmerk. De eisen kunnen voor onderscheiden categorieën tabaksproducten verschillen en hebben betrekking op:

    • a. de samenstelling van het veiligheidskenmerk;

    • b. de aanbieder die de authenticatie-elementen van het veiligheidskenmerk levert;

    • c. de wijze van aanbrengen van het veiligheidskenmerk op de verpakkingseenheden;

    • d. andere voorschriften voor zover die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van de in het uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk gestelde voorschriften;

    • e. de wijze waarop het veiligheidskenmerk aangevraagd kan worden.

  • 3. De op grond van het tweede lid gestelde eisen kunnen voor verschillende producten verschillend worden vastgesteld en er kunnen verschillende tijdstippen worden vastgelegd waarop zij gaan gelden.

  • 4. Onze Minister kan voor bepaalde categorieën tabaksproducten een voor belastingdoeleinden gebruikt nationaal herkenningsteken aanwijzen als veiligheidskenmerk als bedoeld in artikel 16, eerste lid, tweede alinea, van de tabaksproductenrichtlijn.

Artikel 4i

Het is verboden om tabaksproducten te leveren, in te voeren of in de handel te brengen, indien die producten niet aan de in artikel 4h, eerste of tweede lid, gestelde eisen voldoen.

Artikel 4j

Onze Minister wijst degene die meldingen ontvangt aan, bedoeld in artikel 8, vierde en zesde lid, van het uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk.

Artikel 4k

Onze Minister is bevoegd tot het vragen van inlichtingen en het nemen van de maatregelen, bedoeld in artikel 8, derde, onderscheidenlijk vijfde lid, van het uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk.

Artikel 4l

De artikelen 4, 4a, 4c, 4d, 4e, 4f, 4g, 4h, 4j en 4k kunnen bij ministeriële regeling worden gewijzigd in verband met aanpassingen van verwijzingen naar bindende EU-rechtshandelingen of onderdelen daarvan, voor zover de aanpassingen niet inhoudelijk van aard zijn.

D

Artikel 11b wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «4,» vervangen door «4a, 4b, 4c, 4e, 4h, 4i,».

2. In het tweede lid, onderdeel a, wordt de zinsnede «artikel 5 of 5a» vervangen door «artikel 4a, 4b, 4c, eerste tot en met vijfde lid, 4h, 4i, 5 of 5a».

E

Onder vernummering van artikel 13, tweede lid, tot 13, derde lid, wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 2. Indien de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, ambtenaren betreft, ressorterende onder een ander ministerie dan dat van Onze Minister, wordt het desbetreffende besluit genomen in overeenstemming met Onze Minister die het mede aangaat.

F

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. De toezichthouders beschikken over de bevoegdheid, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van het uitvoeringsbesluit veiligheidskenmerk en zijn bevoegd uitvoering te geven aan artikel 7, derde lid, van dat uitvoeringsbesluit.

G

De bijlage bij de Tabaks- en rookwarenwet wordt als volgt gewijzigd:

1. In categorie A wordt na «– Artikel 3e, tweede lid;» ingevoegd

  • Artikel 4b, door anderen dan producenten, groothandelaren en importeurs van tabaksproducten;

  • Artikel 4c, eerste en tweede lid, door anderen dan producenten, groothandelaren en importeurs van tabaksproducten;

  • Artikel 4c, zesde lid;

  • Artikel 4e;

  • Artikel 4i, door anderen dan producenten, groothandelaren en importeurs van tabaksproducten;»

2. In categorie B wordt voor «– Artikel 5, eerste lid;» ingevoegd

  • Artikel 4a;

  • Artikel 4b;

  • Artikel 4c, eerste tot en met vijfde lid;

  • Artikel 4h;

  • Artikel 4i;»

ARTIKEL II

In de Algemene douanewet wordt in de bijlage bij de artikelen 1:1 en 1:3 van de Algemene douanewet, onderdeel B, na «– Schepenwet» ingevoegd «– Tabaks- en rookwarenwet».

ARTIKEL III

In artikel 1, onder 4°, van de Wet op de economische delicten, wordt in de zinsnede met betrekking tot de Tabaks- en rookwarenwet «4» vervangen door «4a, 4b, 4c, 4h en 4i».

ARTIKEL IV

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,