35 181 Voordracht ter vervulling van een vacature voor de afdeling klachtbehandeling van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD)

Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER-PRESIDENT, MINISTER VAN ALGEMENE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 5 april 2019

De heer mr. J.L. Burggraaf heeft mij verzocht te bevorderen dat aan hem ontslag wordt verleend als lid van de afdeling klachtbehandeling van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD). Zijne Majesteit heeft het Koninklijke Besluit houdende de ontheffing van de heer Burggraaf uit zijn functie van lid van de afdeling klachtbehandeling van de CTIVD per 1 april 2019 getekend1. Door het vertrek van de heer Burggraaf is het wenselijk om een nieuw lid te benoemen.

De ontslag- en benoemingsprocedure voor de CTIVD is geregeld in hoofdstuk 7 van de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten 2017 (Wiv 2017). Artikel 99, lid 1, van deze wet geeft aan dat voor de benoeming van de leden van de CTIVD door de Tweede Kamer der Staten-Generaal per vacature een voordracht wordt gedaan van tenminste drie personen, waaruit de betrokken ministers een keuze maken. Bij haar voordracht slaat de Tweede Kamer zodanig acht als haar dienstig voorkomt op een door de vicepresident van de Raad van State, de president van de Hoge Raad der Nederlanden en de Nationale ombudsman gezamenlijk opgemaakte aanbevelingslijst van ten minste drie kandidaten per vacature. De geselecteerde kandidaat wordt door de Kroon benoemd.

Ik heb de vice-president van de Raad van State verzocht om de benoemingsprocedure op korte termijn te starten en de aanbevelingscommissie bijeen te roepen. Ik verzoek u om een benoemingscommissie samen te stellen, teneinde een nieuw lid van de afdeling klachtbehandeling op voordracht van de Tweede Kamer te kunnen benoemen.

De Minister-President, Minister van Algemene Zaken, M. Rutte


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven