35 154 Goedkeuring van de op 30 oktober 2016 te Brussel tot stand gekomen Brede Economische en Handelsovereenkomst (CETA) tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds (Trb. 2017, 13)

Q BRIEF VAN DE MINISTER VOOR BUITENLANDSE HANDEL EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 11 april 2023

Graag reageer ik hierbij op het verzoek van de leden van uw Kamer om het concept voorstel voor het besluit inzake de interpretatie van een aantal bepalingen over investeringsbescherming en duurzaamheid van het Gemengd Comité CETA voor vertrouwelijke inzage beschikbaar te stellen. Dit verzoek volgde na mijn beantwoording van de door uw Kamer gestelde vragen d.d. 6 maart 2023, waarin ik aangaf dat het nog niet mogelijk is het concept besluit openbaar te maken.

Ik ben graag bereid de meest recente versie van het concept besluit ter vertrouwelijke inzage aan uw Kamer beschikbaar te stellen. Een fysieke kopie zal als vertrouwelijk stuk aan uw Kamer toegestuurd worden1.

Het is goed daarbij op te merken dat de meest recente versie dateert van 31 oktober 2022. De gesprekken tussen de EU en Canada, die de Europese Commissie namens de EU voert, zijn sindsdien voortgezet. Het is waarschijnlijk dat de uiteindelijke tekst van het concept besluit nog zal wijzigen. Zodra de Europese Commissie op basis van deze gesprekken een formeel voorstel doet aan de Raad, zal het kabinet uw Kamer hiervan op de hoogte stellen.

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, E.N.A.J. Schreinemacher


X Noot
1

Ter vertrouwelijke inzage gelegd, alleen voor leden, bij de Griffie van de Eerste Kamer.

Naar boven