35 143 (R2120) Goedkeuring van de op 19 oktober 2012 te Washington tot stand gekomen Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika inzake de status van personeel van de Verenigde Staten in het Caribische deel van het Koninkrijk (Trb. 2012, 226), en de op 15 november 2018 te ’s-Gravenhage tot stand gebrachte notawisseling houdende een verdrag ter uitbreiding tot Curaçao van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten (Trb. 2018, 216)

Nr. 10 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 oktober 2019

In reactie op het schrijven van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken d.d. 27 september jl. deel ik U, mede namens de Minister van Defensie, mee dat mijn voorkeur ernaar uitgaat de plenaire behandeling van het genoemde voorstel van Rijkswet niet uit te stellen tot eind mei/begin juni 2020 en indien mogelijk nog dit kalenderjaar te agenderen.

Het verzoek van Curaçao tot medegelding bij het meerjarige statusverdrag tussen het Koninkrijk en de Verenigde Staten dateert reeds van maart 2018. Gelet op de vervolgstappen in het goedkeuringstraject betekent een plenaire behandeling in mei/juni dat het meerjarige statusverdrag naar verwachting pas eind 2020/begin 2021 voor Curaçao in werking zou kunnen treden. Dit vooruitzicht belemmert een intensievere defensiesamenwerking. Curaçao, Nederland en de VS hechten aan duidelijk juridische afspraken voor deze defensiesamenwerking over zaken als strafrechtelijke en civiele aansprakelijkheid, de mogelijkheid van in-en uitvoer van materieel, en het kunnen dragen van wapens en munitie, zoals geregeld in het verdrag. Ook de Verenigde Staten heeft daarom aangegeven graag een eerdere inwerkingtreding te zien. Curaçao biedt voor de Verenigde Staten qua grootte en aanwezige infrastructuur betere trainingsopties dan de overige Caribische delen van het Koninkrijk.

Ook wordt door het uitblijven van medegelding voor Curaçao bij het meerjarige statusverdrag met de Verenigde Staten eventuele rampenbestrijding (niet noodzakelijkerwijs op Curaçao zelf, maar veeleer als hub/coördinatiecentrum) bemoeilijkt, bijvoorbeeld bij orkanen. Het orkaanseizoen loopt elk jaar van begin juni tot en met eind november. Bij een plenaire behandeling in mei/juni 2020 zal het meerjarige statusverdrag naar alle waarschijnlijkheid nog niet voor het orkaanseizoen 2020 voor Curaçao gaan gelden. Dit bemoeilijkt de samenwerking tussen het koninkrijk en de Verenigde Staten, bijvoorbeeld op het gebied van evacuatie en het kunnen leveren van noodhulp bij een orkaan.

Gelet op deze redenen verzoek ik u om het wetsvoorstel nog dit kalenderjaar te agenderen.

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok

Naar boven