Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201935122 nr. 29

35 122 Wijziging van de Penitentiaire beginselenwet, het Wetboek van Strafrecht en enige andere wetten in verband met de wijziging van de regeling inzake detentiefasering en voorwaardelijke invrijheidstelling (Wet straffen en beschermen)

Nr. 29 MOTIE VAN DE LEDEN DROST EN VAN DER STAAIJ

Voorgesteld 20 juni 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat met de Wet straffen en beschermen wordt toegewerkt naar een doelgericht detentie en re-integratieplan (D&R-plan) voor iedere gedetineerde;

constaterende dat in het regeerakkoord staat dat resocialisatie en reclassering bij de tenuitvoerlegging van straffen en maatregelen steviger zal worden gepositioneerd en dat hierbij ook meer aandacht en ruimte komt voor vrijwilligerswerk;

overwegende dat vrijwilligersorganisaties een unieke rol kunnen hebben bij de re-integratie van gedetineerden, bijvoorbeeld door het ondersteunen bij contact met de familie;

overwegende dat begeleiding van vrijwilligers voor gedetineerden ook na hun detentieperiode betekenisvol kan zijn en dat vrijwilligers hierbij kunnen helpen bij het slaan van een brug tussen voormalig gedetineerde en samenleving, zoals bijvoorbeeld het Yellow Ribbon Project in Singapore laat zien;

verzoekt de regering, nader uit te werken hoe vrijwilligersorganisaties intensiever kunnen worden betrokken bij de uitvoering van het D&R-plan en hoe de slagkracht van vrijwilligersorganisaties kan worden versterkt bij begeleiding na beëindiging van de detentieperiode en daarvoor middelen vrij te maken of daartoe voorstellen aan de Kamer te doen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Drost

Van der Staaij