Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202035070 nr. 13

35 070 Wijziging van de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet in verband met het centraliseren van tolkvoorzieningen ten behoeve van de ondersteuning bij de arbeidsinschakeling en de deelname aan het maatschappelijk verkeer van personen met een auditieve beperking, van de luisterlijnen voor volwassenen en jeugdigen en van het vertrouwenswerk jeugd (Wet centraliseren tolkvoorzieningen auditief beperkten leef- en werkdomein, luisterlijnen en vertrouwenswerk jeugd)

Nr. 13 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 4 november 2019

Bij de behandeling van het wetsvoorstel «centraliseren tolkvoorzieningen auditief beperkten leef- en werkdomein, luisterlijnen en vertrouwenswerk jeugd» (Kamerstuk 35 070) op 7 maart 2019, heb ik toegezegd uw Kamer na 1 juli 2019 te informeren over de stand van zaken wat betreft de implementatie van deze wet, waar het gaat om de centralisatie van de tolkvoorzieningen voor mensen met een auditieve beperking.

Aan deze toezegging voldoe ik graag. In deze brief ga ik eerst, mede namens de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media (BVOM) en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in op de aanleiding voor deze centralisatie en het proces dat daaraan vooraf is gegaan. Vervolgens bespreek ik wat de ervaringen tot nu toe zijn, om af te sluiten met een korte beschrijving van hoe verder.

De belangrijkste conclusies zijn:

  • Het realiseren van een centraal loket is een belangrijke stap geweest in het vereenvoudigen van de toegankelijkheid van de verschillende tolkvoorzieningen voor mensen met een auditieve beperking.

  • De overgang naar dit ene loket is soepel verlopen.

  • Het komend jaar blijven we de kwaliteit van de dienstverlening toetsen en nemen we de verdere harmonisatie van de verschillende regels voor de tolkvoorzieningen in het werk-, onderwijs- en leefdomein ter hand (bijvoorbeeld wat betreft de tarieven).

Waarom centralisatie tolkvoorzieningen voor auditief beperkten?

Het recht op een tolkvoorziening is essentieel voor de participatie van mensen met een auditieve beperking in de samenleving. Tot 1 juli 2019 moesten mensen met een auditieve beperking voor een tolk bij arbeidsparticipatie en voor het onderwijs-, werk- en leefdomein bij verschillende loketten aankloppen. Naar aanleiding van een onderzoek uit 20161 kwam naar voren dat bij gebruikers van de tolkvoorzieningen en de tolken behoefte bestond aan één loket voor deze drie domeinen. Daar kwam bij dat vanaf 1 januari 2018 de tot dan toe gebruikte wijze van financiering van de tolkvoorziening vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) niet meer mogelijk was.

Daarom is per wet geregeld dat de taken voor de tolkvoorzieningen voor auditief beperkten zoals deze voortvloeien uit de Participatiewet en Wmo 2015, bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) zijn neergelegd. Voor het UWV is gekozen omdat deze organisatie al de tolkvoorzieningen in het werk- en onderwijsdomein uitvoerde. Op 12 maart 2019 is het wetsvoorstel door uw Kamer met algemene stemmen aangenomen, op 21 mei 2019 daarin gevolgd door de Eerste Kamer.

De wet regelt dus dat er één loket van tolkvoorzieningen voor het werk-, onderwijs- en leefdomein bij het UWV is2. Dit is geïmplementeerd per 1 juli 2019. In de aanloop daarnaar toe heb ik, samen met mijn collega’s van SZW, OCW samen met het UWV en de belangenorganisaties van gebruikers en tolken, deze centralisatie voorbereid.

Ervaringen tot nu toe

Per 1 juli jongstleden is het centrale loket een feit, mede dankzij de inzet van het UWV, Berengroep/Tolkcontact en de belangenorganisaties.

Hoe ziet dit loket er in de praktijk uit? Alle activiteiten en deskundigheid op het gebied van tolkvoorzieningen ligt bij UWV binnen één team. Het UWV schakelt voor een aantal taken Tolkcontact in. Het UWV gaat over het aanvragen van de tolkvoorziening en over de toekenning van de tolkuren. Dit team geeft een toekenning automatisch door aan Tolkcontact. Tolkcontact verzorgt de bemiddeling voor een tolkopdracht, de voorlichting en de facturatie door tolken. Ook is Tolkcontact dag en nacht bereikbaar als iemand met spoed een tolk nodig heeft. Alle bemiddelingsaanvragen, ingeplande en afgeronde tolkopdrachten staan in één digitale omgeving van Tolkcontact. Verder hoeven nieuwe gebruikers maar één keer het bewijs van de auditieve beperking aan te leveren. Tenslotte is per 1 juli ook het prikbord in gebruik genomen, waarmee een tolkgebruiker zelf een opdracht kan plaatsen. Dit prikbord was een wens van de gebruikers en is ook aan de orde geweest tijdens de behandeling van het wetsvoorstel3.

De inwerkingtreding van het loket is soepel verlopen. Samen met de belangenorganisaties van mensen met een auditieve beperking en van de tolken is begin september door het UWV de balans opgemaakt. Hieruit kwam naar voren dat zowel de gebruikers als de tolken tevreden zijn met de overgang naar één loket. Ook het prikbord functioneert naar tevredenheid van tolkgebruikers en tolken. Uiteraard is er nog wel een aantal verbeterpunten die vooral technisch van aard zijn (zoals de kilometervermelding en het facturatiesysteem) en door het UWV en Tolkcontact worden opgepakt. Een behoefte vanuit de gebruikers is om rechtstreeks met het uitvoeringsteam contact te kunnen leggen. Het UWV gaat hiernaar kijken.

Hoe verder

Het UWV zal samen met Tolkcontact in overleg met tolkgebruikers en de tolken de kwaliteit van dienstverlening blijven toetsen. Eens per jaar wordt er een cliënttevredenheidsonderzoek door het UWV gehouden. Ook zal het UWV blijvend investeren in de deskundigheid van medewerkers. Zo zal bijvoorbeeld in het eerste kwartaal van 2020 een vakdag voor de medewerkers worden georganiseerd.

De komende tijd ga ik samen met de Minister voor BVOM en Staatssecretaris van SZW na hoe binnen het werk-, onderwijs- en leefdomein een verdere harmonisatie in de tolkvoorzieningen kan plaatsvinden. Daarbij gaat het om thema’s als tarieven, beleidsinformatie, wijze van toekenning, sturing en verantwoording. Uiteraard doen we dit in nauw overleg met het UWV en de belangenorganisaties voor mensen met een auditieve beperking en de tolken.

Bij de al genoemde behandeling van het wetsvoorstel heb ik toegezegd om een jaar na de centralisatie (dus na 1 juli 2020) uw Kamer nogmaals te informeren over de stand van zaken. Daarbij zal ik ingaan op bovenvermelde onderwerpen.

Daarnaast ontvangt u voor het eind van dit jaar van de Staatssecretaris van SZW een brief waarin wordt ingegaan op de uitvoering van de motie van het lid Kerstens (PvdA)4. Deze motie verzoek de regering, samen met belangenorganisaties en het UWV, de knelpunten in de huidige regelgeving (waar het gaat om onderwijs en op de arbeidsmarkt) te inventariseren, respectievelijk te bezien of en hoe deze kunnen worden geadresseerd op een wijze waarmee de participatie van mensen met een auditieve beperking optimaal is gebaat.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de Jonge


X Noot
1

Harmonisatie tolkvoorziening – onderzoek naar knelpunten en mogelijke oplossingsrichtingen voor de tolkvoorziening in het leef-, werk- en onderwijsdomein, Kamerstuk 32 805, nr. 51.

X Noot
2

De wet gaat vergezeld van twee Algemene Maatregelen van Bestuur en twee ministeriële regelingen voor de Wmo 2015 en de Participatiewet.

X Noot
3

Kamerstuk 35 070, nr. 12.

X Noot
4

Kamerstuk 35 070, nr. 10.