Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201935000-XIII nr. 47

35 000 XIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2019

Nr. 47 MOTIE VAN DE LEDEN MOORLAG EN BECKERMAN

Voorgesteld 8 november 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de regering de omvang van het windpark Drentse Monden, na een oorspronkelijke range van 150 MW-185 MW, heeft teruggebracht naar circa 150 MW;

overwegende dat het windpark in het gebied als ernstige aantasting van de leefomgeving wordt ervaren en op weinig draagvlak mag rekenen;

overwegende dat Minister Kamp de Kamer per brief meedeelde: «Eind 2014 heb ik de omvang van het windpark vastgesteld op 150 MW»;

overwegende dat de Commissie voor de m.e.r. heeft vastgesteld dat bij de keuze voor windturbines van 4,2 MW aanmerkelijk minder turbines nodig zijn dan bij de keuze voor turbines van 3 MW en dat daarmee de milieu-impact kan verminderen;

constaterende dat de regering niet turbines met een totale capaciteit van circa 150 MW maar turbines met een totale capaciteit van 175,5 MW heeft vergund;

verzoekt de regering, invloed en gezag aan te wenden om in overleg met de initiatiefnemers de omvang van het windpark terug te doen brengen tot circa 150 MW,

en gaat over tot de orde van de dag.

Moorlag

Beckerman