Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 20 maart 2019
Tijdens de behandeling van de begroting van het Ministerie van Justitie en Veiligheid
in uw Kamer, heeft het lid Overbeek (SP) het kabinet gevraagd om een brief over de
afhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgever via het systeem van tewerkstellingsvergunningen
en de maatregelen die het kabinet heeft genomen om misbruik van arbeidsmigranten tegen
te gaan. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft de vragen aan mij doorgeleid.
Middels deze brief kom ik tegemoet aan het verzoek.
Arbeidswetgeving dient ter bescherming van werknemers tegen slechte arbeidsomstandigheden,
onderbetaling, illegaliteit en verdringing op de arbeidsmarkt. Deze bescherming is
van essentieel belang voor onze samenleving. Voor bedrijven kan het financieel voordelig
zijn om de arbeidswetgeving te ontduiken. Door werknemers te weinig te betalen, te
lang of onder slechte arbeidsomstandigheden te laten werken besparen zij op de kosten
en behalen een oneigenlijk concurrentievoordeel. Migranten kunnen kwetsbaar zijn voor
misbruik op het terrein van de arbeidsvoorwaarden. De Wet arbeid vreemdelingen (Wav)
bevat bepalingen ter bescherming van arbeidsmigranten van buiten de Europese Unie
en voorkoming van concurrentie op arbeidsvoorwaarden.
Op grond van de Wav is het een werkgever verboden een vreemdeling arbeid te laten
verrichten zonder tewerkstellingsvergunning of zonder dat een vreemdeling in het bezit
is van een gecombineerde vergunning voor verblijf en voor werkzaamheden bij die werkgever.
Voor de verlening van een vergunning wordt niet alleen getoetst of er prioriteitgenietend
arbeidsaanbod in Nederland of Europa aanwezig is maar ook de arbeidsvoorwaarden worden
getoetst. Zo dient een marktconform loon te worden betaald. Als de arbeidsomstandigheden,
arbeidsvoorwaarden of arbeidsverhoudingen beneden het niveau liggen van wat binnen
de bedrijfstak gebruikelijk is, wordt de vergunning geweigerd. De vergunning kan ook
worden geweigerd als een bestuurlijke boete is opgelegd voor een arbeidsgerelateerde
overtreding of na een onherroepelijke veroordeling wegens een arbeidsgerelateerd delict.
De vergunning wordt verleend voor specifieke werkzaamheden bij een specifieke werkgever.
De arbeidsmigrant kan wisselen van werkgever; de nieuwe werkgever zal dan wel een
nieuwe tewerkstellingsvergunning dan wel gecombineerde vergunning moeten aanvragen.
Hierbij wordt opnieuw getoetst of de werkgever aan alle voorwaarden voldoet. In het
geval dathet arbeidscontract vroegtijdig wordt ontbonden en de arbeidsmigrant werkloos
raakt, trekt de IND de verblijfsvergunning in. De arbeidsmigrant krijgt dan wel een
zoekperiode van drie maanden om een andere baan te zoeken. Een vreemdeling die gedurende
een ononderbroken tijdvak van vijf jaar heeft beschikt over een voor het verrichten
van arbeid geldige verblijfsvergunning, ongeacht bij welke werkgever(s) de vreemdeling
heeft gewerkt, is vrij om zich op de Nederlandse arbeidsmarkt te begeven.
Illegale tewerkstelling en misbruik moeten worden voorkomen. De werkgever is verantwoordelijk
voor de naleving van de arbeidswetten, waaronder de Wav, en kan worden beboet bij
overtreding ervan. Toezicht en handhaving zijn dus van groot belang en vormen randvoorwaarden
voor een werkende arbeidsmarkt en een werkend stelsel van sociale zekerheid. Het kabinet
heeft 50,5 miljoen euro per jaar vrijgemaakt ten behoeve van de handhavingsketen van
de Inspectie SZW. Meer dan de helft van de investering in de komende jaren ligt op
de aanpak van oneerlijk werk, onderbetaling, uitbuiting en andere misstanden. In het
interdepartementale programma «Samen tegen Mensenhandel»1 is onder andere omschreven hoe de aanpak van arbeidsuitbuiting en ernstige benadeling
van werknemers wordt doorontwikkeld.
Werknemers van buiten de EU waarbij er sprake is van de geringste aanwijzing van mensenhandel,
kunnen gebruik maken van de «B8-regeling» en komen in aanmerking voor een tijdelijke
verblijfsvergunning. In deze regeling wordt er drie maanden bedenktijd aangeboden
en worden mogelijke slachtoffers van arbeidsuitbuiting opgevangen en ondersteund.
Hierdoor worden ze uit de uitbuitingssituatie gehaald en krijgen ze de ruimte en tijd om aangifte tegen de voormalig werkgever
te doen. In het interdepartementale programma «Samen tegen Mensenhandel»2 is verder omschreven hoe de aanpak van arbeidsuitbuiting en ernstige benadeling van
werknemers wordt doorontwikkeld.
De systematiek van de tewerkstellingsvergunningen zoals deze in de Wav is vastgelegd,
is er op gericht arbeidsmigranten te beschermen en concurrentie op arbeidsvoorwaarden
te voorkomen. Dat deze systematiek misbruik van arbeidsmigranten in de hand werkt,
herken ik niet. Wel is het van belang dergelijk misbruik te voorkomen en aan te pakken.
Het kabinet zet om deze reden stevig in op het aanpakken van oneerlijk werk en het
terugdringen van arbeidsuitbuiting.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
W. Koolmees