35 000 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (VI) voor het jaar 2019

J MOTIE VAN HET LID STRIK C.S.

Voorgesteld 18 december 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslagingen,

overwegende,

  • dat de ontwrichting van economie en samenleving in het buurland Venezuela leidt tot een toenemend aantal vluchtelingen in de landen binnen het Koninkrijk;

  • dat de individuele Caribische landen binnen het Koninkrijk geen of weinig kaders en middelen hebben voor een humane opvang en procedures, zoals verschillende mensenrechtenverdragen waaronder het EVRM voorschrijven;

  • dat het EVRM van toepassing is op het gehele grondgebied van het Koninkrijk;

  • dat Nederland mede gelet op de waarborgfunctie van het Koninkrijkstatuut, als grootste land binnen het Koninkrijk een belangrijke verantwoordelijkheid draagt voor de toepassing van het EVRM;

constaterende,

  • dat organisaties als het VN-Comité tegen Foltering, Amnesty International en de Nationale ombudsman de noodklok luiden over de wijze waarop vluchtelingen, in strijd met het EVRM en het VN-verdrag tegen Foltering in de betreffende landen worden belemmerd in hun toegang tot asielprocedures en in automatische detentie worden geplaatst onder vaak erbarmelijke omstandigheden;

  • dat het Koninkrijksstatuut de mogelijkheid biedt om hulp en bijstand aan de landen binnen het Koninkrijk te verlenen;

verzoekt de ministers van Justitie en Veiligheid en van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de staatssecretarissen van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om in overleg met de Caribische landen in het Koninkrijk te komen tot adequate bijstand om te waarborgen dat asielzoekers humaan kunnen worden opgevangen en een zorgvuldige en passende procedure kunnen doorlopen, opdat strijdigheid met de mensenrechten te allen tijde wordt voorkomen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Strik

Lintmeijer

Ten Hoeve

Nooren

Overbeek

Reuten

Koffeman

Nagel

Naar boven