34 972 Algemene regels inzake het elektronisch verkeer in het publieke domein en inzake de generieke digitale infrastructuur (Wet digitale overheid)

Nr. 38 AMENDEMENT VAN DE LEDEN VERHOEVEN EN ÖZÜTOK TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 221

Ontvangen 5 februari 2020

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1. » geplaatst.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. De voordracht voor een krachtens artikel 9, tweede lid, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd, tenzij binnen deze termijn door of namens een van de Kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van een van de Kamers de wens te kennen wordt gegeven het onderwerp van de algemene maatregel van bestuur bij wet te regelen.

Toelichting

Dit amendement regelt dat er een duidelijke controlerende rol voor de Tweede Kamer is om de toelatingscriteria voor private aanbieders van digitale identificatiemiddelen inhoudelijk te beoordelen. De AMvB die deze criteria vaststelt moet al in voorhang naar de Kamers- dit amendement voegt daaraan toe dat als de leden het niet eens zijn met de inhoud van de AMvB, zij met dertig leden deze kunnen tegenhouden en dat de Minister een wetsvoorstel moet opstellen om de toelatingseisen vast te stellen. In dat geval staan ook de mogelijkheden tot amendering open voor de Kamer.

Verhoeven Özütok


X Noot
1

Vervanging in verband met wijziging in de ondertekening.

Naar boven