Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201834911 nr. 13

34 911 Wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met de introductie van een grondslag voor de verlaging van het wettelijk collegegeld voor groepen van studenten (verlaagd wettelijk collegegeld)

Nr. 13 MOTIE VAN HET LID FUTSELAAR

Voorgesteld 24 april 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat studenten die in de studiejaren 2015/2016, 2016/2017 en 2017/2018 zijn begonnen met studeren geen basisbeurs hebben gekregen en nu ook geen verlaging van het collegegeld krijgen;

constaterende dat deze studenten bij het behalen van hun hbo-bachelor of wo-bachelor plus master een voucher ter waarde van € 2.000 voor nascholing of bijscholing ontvangen en dat deze voucher pas vanaf vijf jaar tot tien jaar na het behalen van het diploma kan worden gebruikt;

overwegende dat deze studenten voor het eerst te maken kregen met het leenstelsel, het minst van de kwaliteitsverbetering ervaren en in de toekomst mogelijk een hogere rente op hun studielening moeten betalen;

van mening dat deze studenten disproportioneel veel moeten betalen voor hun studie;

verzoekt de regering, deze vouchers uit te geven aan studenten die gestart zijn in de studiejaren 2015/2016, 2016/2017 en 2017/2018 en een hbo- of wo-bachelor hebben afgerond,

verzoekt de regering voorts, het mogelijk te maken voor deze studenten om deze voucher in te zetten voor een masteropleiding naar keuze, direct na het behalen van hun hbo- of wo-bachelordiploma,

en gaat over tot de orde van de dag.

Futselaar