34 871 Wijziging van de wet van 22 april 1855, houdende regeling der verantwoordelijkheid van de Hoofden der Ministeriële Departementen (Stb. 1855, 33) en aanpassing van daarmee verband houdende bepalingen in het Wetboek van Strafvordering en het Wetboek van Strafrecht in verband met het aanbrengen van enkele moderniseringen

I BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 december 2020

Mede namens mijn ambtgenote van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bericht ik u het volgende.

Bij brief van 20 december 2019 (Kamerstukken I 2019/20, 34 871, H) informeerde ik u dat de Commissie herziening wetgeving ambtsdelicten Kamerleden en bewindspersonen (commissie-Fokkens) verwachtte haar advies te kunnen uitbrengen kort voor het zomerreces van 2020.

Helaas hebben de werkzaamheden van de commissie en haar secretariaat als gevolg van de coronacrisis niet een zodanige voortgang kunnen vinden dat deze termijn haalbaar is gebleken. De commissie verwacht thans haar advies te kunnen uitbrengen kort voor het zomerreces van 2021.

Een hiermee verband houdende wijziging van de instellingsregeling zal vóór 1 januari a.s. in de Staatscourant worden gepubliceerd.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

Naar boven