34 775 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (VI) voor het jaar 2018

Nr. 92 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 februari 2018

Uw Kamer heeft mij via de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid gevraagd de Kamer te informeren over de voorgeschiedenis van de persoon die verdacht wordt van betrokkenheid bij een steekpartij met dodelijke afloop.

Voorts vraagt u naar de gevolgen van dit incident voor het terrorisme- en vreemdelingenbeleid.

Het is zo dat ik terughoudend ben met het verstrekken van informatie over individuele zaken. Ten aanzien van de voorgeschiedenis van betrokkene kan ik melden dat hij sedert het najaar van 2014 in ons land verblijft.

Voorts constateer ik dat er sprake is van een lopende strafrechtelijke procedure. Ik acht het niet gepast mededelingen te doen over het onderzoek van het openbaar ministerie. Wel stel ik vast dat de slachtoffers en nabestaanden hulp aangeboden hebben gekregen van Slachtofferhulp Nederland.

Ik zie geen aanleiding tot wijzigingen van bestaand beleid. In algemene zin kan ik u melden dat de opsporings- en inlichtingendiensten beschikken over voldoende signaleringsinstrumenten om risicovolle personen te monitoren. Daarnaast wordt er zowel vanuit de zorg- en veiligheidsketen constant gewerkt aan verbetering van de samenwerking met de partners om zorgwekkende signalen tijdig en op de juiste plek te adresseren.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

Naar boven