34 760 Verslag van de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten over haar werkzaamheden in 2016

Nr. 1 VERSLAG

Vastgesteld 11 juli 2017

De commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten heeft de eer verslag uit te brengen over haar werkzaamheden in 2016.

De fungerend voorzitter van de commissie, Zijlstra

De griffier van de commissie, Van der Leeden

1. Inleiding

In het jaarverslag wordt ingegaan op de taak en werkwijze van de commissie, de samenstelling en ondersteuning van de commissie alsmede de frequentie en de opkomst van de vergaderingen in 2016. Daarnaast wordt een beknopt chronologisch overzicht gegeven van de in 2016 geagendeerde onderwerpen, en (beleids)stukken die de commissie heeft ontvangen en die in de commissie zijn besproken.

Het jaarverslag is, mede als gevolg van het staatsgeheime karakter van de gedeelde informatie, geen uitputtende opsomming van de onderwerpen die in de commissie aan de orde zijn geweest.

2. Taak en werkwijze van de commissie

De commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (hierna: de commissie) is belast met de parlementaire controle op de geheime aspecten van het overheidsbeleid rond de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de AIVD) en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de MIVD). Dit betekent dat de commissie in beginsel enkel kennisneemt van staatsgeheime informatie. De grondslag voor het vertrouwelijk verstrekken van staatsgeheime informatie aan de commissie is gelegen in artikel 68 van de Grondwet, waarin de inlichtingenplicht aan beide Kamers der Staten-Generaal is geregeld. Tevens voorziet artikel 8 van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 (Wiv 2002) in de mogelijkheid om beide Kamers der Staten-Generaal vertrouwelijk te informeren.

De commissie vergadert gemiddeld minstens één keer per maand. Deze vergaderingen zijn besloten en worden in de regel bijgewoond door de leden van de commissie, de griffier en de adviseur van de CIVD,1 de betrokken Ministers (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Defensie en Veiligheid en Justitie), eventueel vergezeld door de secretaris-generaal van het betreffende departement, de (plv) directeur-generaal van de AIVD, vergezeld door maximaal één medewerker, de (plv) directeur van de MIVD, tevens vergezeld door maximaal één medewerker en de (plv) Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (hierna: de NCTV). Naast de overleggen met de betreffende Ministers en de vergaderingen over interne aangelegenheden, voert de commissie één à twee keer per jaar gesprekken met de Commissie voor Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (hierna: de CTIVD) en de Algemene Rekenkamer (hierna: de ARK).

Van de vergaderingen wordt een verslag gemaakt, welke door de commissie wordt vastgesteld in de eerst daaropvolgende vergadering. Deze verslagen zijn staatsgeheim gerubriceerd.

3. Samenstelling en ondersteuning van de commissie

Ingevolge het in 2016 geldende artikel 22 van het Reglement van Orde bestond de commissie uit de voorzitters van alle fracties. In 2016 waren dit: Zijlstra (VVD), voorzitter van de commissie, Samsom (PvdA), Wilders (PVV), Roemer (SP), Van Haersma Buma (CDA), Pechtold (D66), Klaver (Groen Links), Segers (ChristenUnie), Thieme (PvdD), Van der Staaij (SGP) en Krol (50PLUS). In december 2016 heeft mevrouw Kuiken de heer Samsom als fractievoorzitter van de PvdA opgevolgd.

Op 13 december 2016 heeft de Tweede Kamer een amendement van het lid Zijlstra c.s. aangenomen op het voorstel tot wijziging van het hierboven genoemde artikel 22 van het Regelement van Orde.2 Met dit amendement is het aantal commissieleden tot maximaal vijf beperkt, namelijk de voorzitters van de vijf grootste fracties. Een in omvang beperkte commissie bevordert volgens de indieners van het amendement flexibiliteit, waardoor sneller en gemakkelijker ingespeeld kan worden op actualiteiten. Bovendien wordt de kans op een lek van staatsgeheime informatie bij een kleinere commissie beperkt/verminderd. De commissie kan volgens het nieuwe artikel 22 besluiten de commissie uit te breiden met maximaal twee fractievoorzitters, waarbij de grootte van de fractie niet doorslaggevend is. Hiermee kan de coalitie- en oppositieverhouding meer in evenwicht worden gebracht, en kan de continuïteit en expertise binnen de commissie worden geborgd. Deze wijzigingen zijn buiten dit verslagjaar in werking getreden, te weten de dag waarop na de verkiezingen de nieuw gekozen Kamer voor de eerste maal samenkwam, op 23 maart 2017.

De commissie wordt ondersteund door een griffier, een commissieassistent en sinds oktober 2016 tevens door een adviseur. Laatstgenoemde is een medewerker van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD), die voor bepaalde tijd gedetacheerd is bij de Tweede Kamer. Gedurende deze detachering valt de betrokken medewerker volledig onder het gezag en de verantwoordelijkheid van de Tweede Kamer.

4. Frequentie en opkomst van de vergaderingen

De commissie kwam in 2016 in totaal 16 keer bijeen ten behoeve van reguliere vergaderingen, extra vergaderingen (bijvoorbeeld naar aanleiding van een specifieke gebeurtenis), gesprekken met de CTIVD en de ARK, en een werkbezoek aan de AIVD. Dit is minder vaak dan in 2015, toen de commissie 19 keer bij elkaar kwam. Ook was de opkomst in 2016 lager dan voorgaande jaren. Sinds dit wordt bijgehouden (2014), lag de gemiddelde opkomst rond de 70%. In 2016 was dit gemiddeld 54%.

5. Chronologisch overzicht van door de commissie behandelde onderwerpen en (beleids)stukken

21 januari 2016

In de vergadering van januari 2016 heeft de commissie met alle drie de Ministers gediscussieerd over het wel of niet openbaar kunnen maken van bepaalde informatie uit het geheime Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (hierna: het DTN) nr. 40, dat eind 2015 in de commissie was besproken.3 Daarnaast is gesproken over de geactualiseerde Geïntegreerde Aanwijzing 2016–2018 (hierna: de GA) en de prioriteitenstelling door het kabinet ten aanzien van een van de onderwerpen in de GA. De commissie sprak uit een hogere prioriteit wenselijk te vinden. De Minister van BZK deed de toezegging dit met het kabinet te bespreken en aan de CIVD te zullen rapporteren over de uitkomsten. Dit leidde tot een brief van de Minister van BZK, in maart 2016, welke in de vergadering van april 2016 is besproken (zie onder 14 en 20 april 2016).

In het kader van de voortgangsrapportage van de MIVD is met de Minister van Defensie onder meer gesproken over de capacitaire schaarste en knelpunten op het gebied van IV-IT (informatievoorzieningen informatietechnologie). Voor de MIVD is een goed functionerende IT van groot belang.

Ook de voortgangsrapportage van de AIVD is in deze vergadering behandeld. Er is onder andere gesproken over onderzoeken naar mogelijke aanslagplots, over onderzoeken naar specifieke targets en over niet-transparante financiering door Golfstaten. Door de commissie is opgemerkt dat in de voortgangsrapportage weliswaar veel aandacht is voor spionage door Rusland en China, maar niet voor economische spionage.

De AIVD gaf voorts een uitgebreide mondelinge toelichting op het AIVD-onderzoek naar salafisme. Er werd onder meer ingegaan op de salafistische invloed in moskeeën en de focus van de diepte-onderzoeken van de AIVD.

Tot slot is ten aanzien van het geheime jaarplan 2016 van de AIVD door de commissie kritiek geuit op de leesbaarheid van het stuk. Het abstractieniveau van het jaarplan is te hoog, en begeeft zich te veel op macroniveau. De commissie gaf aan meer inzicht te willen krijgen in knelpunten en afwegingen die de AIVD moet maken. De Minister van BZK zegde toe zorg te dragen voor een beter leesbaar jaarplan in 2017.

4 en 18 februari 2016

Op 4 februari 2016 kwam de commissie bij elkaar naar aanleiding van het plenair debat over het rapport van de Commissie van Onderzoek (27 en 28 januari 2017), die onderzoek deed naar het schenden van de geheimhouding van de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten.4

In de vergadering van 18 februari 2016 is onder andere de geheime bijlage bij het CTIVD toezichtsrapport nummer 46 over afluisteren en de selectie van sigint door de AIVD met de Minister van BZK besproken. Daarnaast liet de AIVD weten dat er signalen binnenkwamen van personen in de vluchtelingenstroom die banden hebben met Jabhat al-Nusra (JaN) of ISIS. Op dat moment waren de vermeende banden nog niet bevestigd, maar hadden enkele gevallen de aandacht van de AIVD.

16 maart 2016

Op 16 maart 2016 heeft de commissie een extra overleg gehouden met de Ministers van BZK en Defensie, naar aanleiding van het mediabericht van 15 maart 2016 over de verijdelde terroristische aanslag op Prinsjesdag 2015.5 Tijdens deze vergadering is door de commissie tevens gevraagd naar de beïnvloeding van het referendum Associatieverdrag Oekraïne door Rusland.

14 en 20 april 2016

In april kwam de commissie twee keer bij elkaar: één keer ten behoeve van een reguliere vergadering, één keer ten behoeve van een gesprek met de CTIVD.

In de vergadering van 14 april was het DTN nr. 41 het belangrijkste agendapunt. In dat kader werd onder andere gesproken over aanslagplots tegen het Westen van verschillende terroristische organisaties, de veiligheidssituatie in Libië, uitreizigers en potentiële terugkeerders in het Caribisch gebied en de mogelijke uitstralingseffecten naar het Nederlands Koninkrijk, over uitgereisde westerse jihadisten uit de ons omringende landen, de gevolgen van de toename van het aantal jihadistische groeperingen in Mali voor de Nederlandse missie aldaar, het toepassen van «doxing»6 als modus operandi door ISIS en over de veiligheidssituatie in Turkije (in relatie tot de aanslag in Istanbul van 12 januari 2016). Ook werd gesproken over het al dan niet meereizen van jihadisten via de vluchtelingenstroom. De commissieleden wilden in dat verband weten in hoeverre hier op dat moment zicht op was, en welke acties ingezet werden om het zicht te vergroten.

In dezelfde vergadering kwam het onderwerp terrorismefinanciering door non-profitorganisaties aan bod. De leden wilden weten om wat voor type organisaties het zou gaan, hoe dit probleem tegengegaan zou kunnen worden, of er genoeg juridische middelen beschikbaar waren om terrorismefinanciering door non-profitorganisaties aan te pakken, en wat hierover in het openbaar besproken zou kunnen worden.

Tot slot werd in deze vergadering de in januari toegezegde brief van de Minister van BZK besproken betreffende de prioritering van een van de onderzoeken in de GA (zie ook onder 21 januari 2016). In deze brief gaf de Minister aan dat de Raad voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (RIV) geen behoefte zag de prioritering te wijzigen. Door de commissie werd in de vergadering uitgesproken dat indien de diensten geen noodzaak zien tot andere prioritering, het niet aan de commissie is de deskundigheid van de diensten in twijfel te trekken. Wel is het voor de commissie van belang inzicht te krijgen in de redenen en inkleuring van dit besluit. Door de Minister van BZK werd toegezegd hier in een volgende vergadering nader op in te gaan. Dit heeft geleid tot een brief van de Minister van BZK, in mei 2016 (zie onder 19 mei 2016).

Op 20 april 2016 sprak de commissie met de CTIVD over de geheime bijlagen bij haar toezichtsrapporten nr. 46 (over afluisteren en de selectie van sigint door de AIVD) en nr. 47 (over de inzet van de afluisterbevoegdheid door de MIVD), over het CTIVD jaarverslag 2015 en het jaarprogramma 2016 van de CTIVD.

19 mei 2016

In mei besprak de commissie met de Minister van Defensie de geheime bijlage bij het CTIVD toezichtsrapport nr. 47 over de inzet van de afluisterbevoegdheid door de MIVD. Daarnaast kwamen de lessons learned die getrokken konden worden uit de ontvoering van Sjaak Rijke in Mali, de mogelijke beïnvloeding van het referendum Associatieverdrag Oekraïne door Rusland, en de situatie in Zuid-Amerika en de consequenties voor het Caribisch deel van het Koninkrijk aan bod. De Minister van V&J ging voorts in op de vragen van de commissieleden (van 14 april) over terrorismefinanciering door non-profitorganisaties en stichtingen.

Op 19 mei is ook gesproken over het Geheim Jaarverslag van de AIVD 2015. De commissie heeft vragen gesteld over de absorptiecapaciteit van de AIVD, de capacitaire beperkingen van de AIVD, de inzet van menselijke bronnen en cyber en de verdeling van de formatie. Daarnaast is aandacht geweest voor de attributie van cyberaanvallen, en de doelwitten van dergelijke aanvallen (grote en kleine bedrijven, overheidsinstellingen).

9, 13 en twee keer op 23 juni 2016

Op 9 juni 2016 heeft de commissie een extra vergadering gehouden naar aanleiding van het mediabericht van 6 juni 2016 dat een slapende IS-cel aanwezig zou zijn in een Nijmeegse vluchtelingenkamp, en de reactie van de Minister van BZK hierop.7

Op 13 juni 2016 bracht de commissie een werkbezoek aan de AIVD. Tijdens dit werkbezoek werd de commissie ingelicht over het internationaal samenwerkingsverband op het terrein van contra-terrorisme.

Op 23 juni 2016 heeft de commissie een gesprek gevoerd met de president, één van de directeuren en een senior-onderzoeker van de Algemene Rekenkamer over de Resultaten van het verantwoordingsonderzoek 2015 bij het Ministerie van BZK. Aansluitend heeft de commissie dit met de Minister van BZK besproken, alsook de reactie van de Minister op het rapport van de ARK. De commissie constateerde een spanning tussen de GA, het visiedocument en het verantwoordingsonderzoek, omdat de behandeling hiervan in de Tweede Kamer deels in het openbaar en deels in het geheim plaatsvindt. Dit maakt parlementaire controle lastig. Afgesproken werd dat de genoemde documenten integraal in de commissie zouden worden behandeld, en dat de Tweede Kamercommissie Binnenlandse Zaken de openbare informatie zou ontvangen.

In dezelfde vergadering sprak de commissie met de Minister van V&J over de mogelijkheid om (jihadistische) terugkeerders (consulair) in het strijdgebied op te vangen, over aandacht voor de geopolitieke elementen in de vluchtelingenstroom in het DTN, en over de mogelijkheid informatie over salafistische organisaties in het openbaar te delen.

Daarnaast werd het Geheim Jaarverslag MIVD 2015 met de Minister van Defensie besproken. Capacitaire tekorten van de MIVD kwamen aan bod, alsmede de inlichtingenpositie van de dienst op bepaalde onderzoeken. Gesproken werd over cyberdreiging, over de nucleaire ballistische raketprogramma’s van Noord-Korea en de missies in Syrië en Irak.

Met de Minister van BZK sprak de commissie over de voortgangsrapportage van de AIVD. In dat verband was met name aandacht voor de gevolgen van het verschuiven van onderzoekscapaciteit naar het contra-terrorismeonderzoek voor andere onderzoeken. Daarnaast werd gesproken over de gevolgen van de diverse aanslagen in Europa voor Nederland.

De AIVD gaf tot slot een mondelinge toelichting op de situatie in Zuid-Amerika en de gevolgen voor het Caribisch deel van het Nederlands Koninkrijk. Daarbij werd stilgestaan bij de focus van de gezamenlijke onderzoeken van de AIVD en de MIVD in Latijns-Amerika en de inlichtingenpositie van de diensten op dat moment.

15 september 2016

In september 2016 heeft de commissie met de Ministers van BZK, Defensie en V&J overleg gevoerd over het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland nr. 42. In dit kader is onder andere gesproken over ISIS-cellen in Europa, aanslagplots van Al Qaida, het mogelijke gebruik van de vluchtelingenstroom door ISIS-operatives, de mogelijke interesse van jihadisten in nucleaire doelwitten, salafistische organisaties, en het bestand «groupe schiphol» dat aangetroffen was op een in beslag genomen laptop na de aanslag in Brussel op 22 maart 2016. Ook kwam ISIS in Libië aan bod, Turkije als mogelijke doorvoerroute voor ISIS-strijders en de veiligheidssituatie in Turkije.

Met de Minister van BZK sprak de commissie daarnaast over de spanningen in de Turks-Nederlandse gemeenschap in Nederland als gevolg van de mislukte staatsgreep in Turkije. Met de Minister van Defensie werd tot slot gesproken over de militaire aanpak van ISIS in Syrië en Irak.

13 oktober 2016

In de vergadering van 13 oktober 2016 werd met de Minister van Defensie onder andere gesproken over de situatie in Venezuela en de gevolgen voor het Caribisch deel van het Nederlands Koninkrijk, alsmede over mogelijke cyberaanvallen door Rusland. Met de Minister van BZK werd in het kader van de voortgangsrapportage AIVD gesproken over ISIS-aanslagplanning vanuit Turkije, de financiering van een school door een buitenlandse organisatie, de verschuiving van onderzoekscapaciteit naar terrorisme gerelateerde onderzoeken, capacitaire tekorten van de AIVD en de gevolgen daarvan.

Tot slot gaf de AIVD een presentatie over de digitale beveiliging van ministeries en Hoge Colleges van Staat.

17 november 2016

Op 17 november sprak de commissie de Minister van V&J over een brief waarin de Minister reageert op een eerder door de commissie gestelde vraag over de beveiliging van de COVRA8 in relatie tot het mogelijk plegen van een aanslag hierop met als oogpunt slachtoffers te maken met radioactief materiaal. Voorts sprak de commissie de Ministers van V&J, BZK en Defensie over het DTN nr. 43. Onderwerpen die in dat verband aan de orde kwamen waren de mogelijke stroom van terugkeerders naar Europa en Nederland na de eventuele val van het «kalifaat» en het daarmee gepaarde verhoogde risico op aanslagen, de lange arm van Turkije in Nederland, de samenwerking tussen jihadisten en criminelen, en de dreiging rondom de aanstaande verkiezingen als gevolg van de toegenomen polarisatie.

21 december 2016 (twee keer)

Op 21 december 2016 heeft de commissie gesproken met de president, één van de directeuren en een senior onderzoeker van de ARK. Onderwerp van het gesprek waren de door de AIVD en de MIVD aangeleverde begrotingen. Geconcludeerd werd dat de informatievoorziening van de beide diensten richting de commissie op een aantal punten aangescherpt zou moeten worden, en dat bepaalde stukken relevant voor de uitoefening van het budgetrecht van de commissie op een eerder moment aangeleverd zouden moeten worden om optimale controle mogelijk te maken.

Aansluitend aan het gesprek met de ARK besprak de commissie dit onderwerp met de Ministers van BZK en Defensie. Afgesproken werd dat op ambtelijk niveau gekeken zou worden naar wat de commissie nodig heeft om haar parlementaire controle nog beter uit te kunnen oefenen, en welke stappen daartoe genomen kunnen worden. Aan de hand hiervan wordt een opzet voor de begrotingsbehandeling opgesteld, welke de commissie met de Ministers zal bespreken. In het jaarverslag 2017 zal op dit onderwerp terug worden gekomen.

In dezelfde vergadering werd de commissie op haar verzoek door de Minister van V&J geïnformeerd over de concrete gevolgen van de dreiging rondom de aankomende verkiezingen. Daarnaast werd gesproken over de geactualiseerde Geïntegreerde Aanwijzing 2017–2018 en over de voortgangsrapportage van de MIVD. In dat verband werd stil gestaan bij de spanning tussen vraag ((contra-)inlichtingenbehoeften) en aanbod (capaciteit van de dienst) en over de knelpunten ten aanzien van de IV/IT capaciteit. Ook werd een brief van de Minister van Defensie besproken over het veiligheidsrisico van het dragen van uniformen in het openbaar door Nederlandse militairen. Tot slot werd de commissie aan de hand van een presentatie geïnformeerd over digitale spionage, in het bijzonder door statelijke actoren.


X Noot
1

Zie ook onder paragraaf 3.

X Noot
2

Kamerstuk 34 567, nr. 6, Handelingen II 2016/17, nr. 34, item 12.

X Noot
3

Het dreigingsbeeld is een globale analyse van de nationale en internationale terroristische dreiging tegen Nederland en Nederlandse belangen in het buitenland ten behoeve van de ambtelijke en politieke leiding en beleidsmakers.

X Noot
4

Zie Kamerstuk 34 340, nr. 2.

X Noot
5

B. Olmer, «Aanslag op Prinsjesdag verijdeld», Telefgraaf 15 maart 2016.

X Noot
6

Doxing is het op (onder andere) sociale media achterhalen en publiceren van vertrouwelijke persoonlijke gegevens.

X Noot
7

A. Kouwenhoven en E. Oude Elfe, «Slapende IS-cel was aanwezig in Nijmeegs vluchtelingenkamp», NRC.nl 6 juni 2016.

X Noot
8

Centrale Organisatie Voor radioactief Afval.

Naar boven