De vaste commissie voor Veiligheid en Justitie, belast met het voorbereidend onderzoek
van dit voorstel van wet, heeft de eer als volgt verslag uit te brengen. Onder het
voorbehoud dat de hierin gestelde vragen en gemaakte opmerkingen voldoende zullen
zijn beantwoord, acht de commissie de openbare behandeling van het voorstel van wet
genoegzaam voorbereid.
I ALGEMEEN
1. Inleiding
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het wetsvoorstel
om de Luchtvaartwet te wijzigen om drugssmokkel tegen te gaan. Doel van het onderhavige
wetsvoorstel is dat vluchten die vallen onder het zogeheten «100%-controleregime»
(vluchten die veel aandacht vragen omdat hier veel controle op nodig is wegens aanzienlijke
drugssmokkel) niet mogen landen op andere luchthavens dan Schiphol. Dit, omdat op
deze luchthavens onvoldoende personele en materiële voorzieningen aanwezig zijn voor
een robuuste, veilige en menswaardige controle op en opsporing van drugssmokkel. De
aan het woord zijnde leden onderschrijven het te bereiken doel middels voorliggende
wet volledig. Zij lezen dat het onderhavige wetsvoorstel geen gevolgen heeft voor
de regeldruk en geen administratieve en/of financiële kosten met zich meebrengt en
zijn verheugd dit vast te stellen.
De leden van de CDA-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van onderhavig
wetsvoorstel. Zij delen volmondig het uitgangspunt dat de huidige situatie onwenselijk
is. Deze bestaat eruit dat vluchten die onder het 100%-controleregime vallen in beginsel
op elke luchthaven mogen landen, ook op luchthavens waarop de genoemde verscherpte
controle niet mogelijk is. Deze leden hebben vooralsnog geen vragen over het voorstel.
De leden van de SGP-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het voorstel
om luchtvaarterreinen aan te wijzen die gebruikt dienen te worden voor vluchten die
een verhoogd risico vormen voor drugssmokkel. Zij steunen de gedachte die aan dit voorstel ten grondslag ligt.
2. Hoofdlijnen van het voorstel
De leden van de VVD-fractie merken op dat de 100% controle al enige tijd werkelijkheid
is. Dit zou een afschrikwekkende werking moeten hebben. Kan aangegeven worden in hoeverre
ook de pakkans substantieel gestegen is sinds de invoering van de 100% controle? Deze
leden zijn voorts benieuwd of er meer drugssmokkel via andere wegen (bijvoorbeeld
smokkel via schepen) dan via de luchtvaart te constateren valt nu de pakkans aanzienlijk
hoger is. Hoe wordt hier vervolgens op ingespeeld om ook deze smokkelroute zoveel
mogelijk te sluiten? Begrijpen voornoemde leden het goed dat dit voorstel geenszins
impliceert dat controle op drugs op andere luchthavens dan Schiphol wordt gestopt?
Hoe wordt daar de drugssmokkel tegengegaan? Tevens lezen de aan het woord zijnde leden
dat voor militaire vluchten vanuit de genoemde landen in het wetsvoorstel geen verhoogd
risico is vastgesteld wat betreft drugssmokkel. Deze vluchten mogen bij wijze van uitzondering wel landen op andere luchthavens
dan Schiphol. Deze leden constateren echter dat er in het verleden wel degelijk incidenten
zijn geweest. Hoe worden deze vluchten dan toch gecontroleerd?
Het wetsvoorstel gaat ervan uit dat er nauwelijks een toename zal ontstaan betreffende
de benodigde capaciteit van de politie en Schiphol na inwerkingtreding van dit wetsvoorstel.
Deze vluchten landen immers al op Schiphol en meer vluchten zijn niet te verwachten.
De leden van de VVD-fractie vragen of en hoe extra capaciteit beschikbaar is indien
de lijst van landen waaruit een 100% controle nuttig is, wordt uitgebreid.
De aan het woord zijnde leden vragen aandacht voor de negatieve ervaringen die mensen
kunnen ondervinden door de controles. Hoe worden de passagiers op de hoogte gebracht
van het feit dat er een 100% controle is, zodat zij niet onnodig schrikken als zij
eenmaal op Schiphol zijn?
De leden van de SGP-fractie hebben naar aanleiding van de opmerkingen van TUI airlines
over militaire vluchten nog een vraag. In de memorie van toelichting staat dat in
de regeling uitdrukkelijk opgenomen zal worden dat de aanwijzing niet van toepassing
is op militaire vluchten. Is het een bewuste keuze om dit niet in het wetsvoorstel
zelf te regelen? Zou het niet duidelijker zijn dat wel te doen?
II ARTIKELSGEWIJS
ARTIKEL I
Artikel 37x
De leden van de SGP-fractie hebben een vraag over de precieze formulering van de tekst
van voorgesteld artikel 37x. Hierin wordt gesproken over «verkeersvluchten, afkomstig
uit een derde land, die een sterk verhoogd risico vormen om te worden gebruikt voor
het binnen het grondgebied van Nederland brengen van middelen». Deze tekst suggereert
dat bij elke verkeersvlucht afzonderlijk vastgesteld dient te worden dat er sprake
is van een sterk verhoogd risico. Voornoemde leden gaan ervan uit dat dit niet de
bedoeling is. Moet het risico niet juist gekoppeld worden aan het specifieke land,
zodat bij vaststelling dat een bepaald land een risicoland is, automatisch alle gewone
verkeersvluchten een risico vormen? Zou het niet beter zijn het als volgt te formuleren:
«verkeersvluchten, afkomstig uit een derde land, aanwijzen als risicovlucht als er
een sterk verhoogd risico is dat verkeersvluchten uit dat land worden gebruikt voor
het binnen het grondgebied van Nederland brengen van middelen, als bedoeld in artikel
2 en 3 van de Opiumwet.»?
De fungerend voorzitter van de commissie, Visser
De griffier van de commissie, Hessing-Puts