Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201734412 nr. 23

34 412 Wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de Wet op het onderwijstoezicht en het Wetboek van Strafrecht, in verband met het tegengaan van misleidend gebruik van de naam universiteit en hogeschool, het onterecht verlenen en voeren van graden, alsmede het bevorderen van maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef door rpho’s (bescherming namen en graden hoger onderwijs)

Nr. 23 MOTIE VAN HET LID VAN MEENEN

Voorgesteld 28 september 2016

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het van groot belang is dat onderwijsinstellingen in Nederland aandacht besteden aan de bevordering van het maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef van studenten;

constaterende dat de Minister de bevoegdheid krijgt om te besluiten of een bepaalde uitspraak van een vertegenwoordiger van een instelling van discriminatoire aard is, nog voordat een rechter hierover een uitspraak heeft gedaan, en dat de Minister vervolgens kan besluiten een instelling het recht te ontnemen om graden op grond van de WHW te verlenen;

verzoekt de regering, het traject van ontneming van rechten pas te starten nadat de vermeende discriminatoire uitspraak door een rechter is beoordeeld als discriminatoir,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Meenen