Het voorbereidend onderzoek heeft de commissie aanleiding gegeven tot het maken van
de volgende opmerkingen en het stellen van de volgende vragen.
1. Inleiding
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het onderhavige wetsvoorstel.
Zij achten het een goede zaak dat het delict mensensmokkel, zeker in het licht van
de huidige toename van illegale immigratie in Europa, extra aandacht krijgt en dat
de regering wil inzetten op het afgeven van een krachtig signaal dat het profiteren
van en stimuleren van illegale immigratie niet wordt getolereerd. Deze leden zijn
positief gestemd over het voornemen om de strafbedreiging op het delict mensensmokkel
te verhogen, vooral omdat het ook gepaard gaat met intensivering van de aanpak ervan
door opsporingsinstanties en Openbaar Ministerie. Zij hebben nog wel een enkele vraag. De leden van de PVV-fractie sluiten zich bij deze vraag aan.
De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben met belangstelling kennis genomen van het wetsvoorstel dat strekt tot de verhoging
van de strafmaxima voor mensensmokkel. Deze leden steunen de inzet van het kabinet
om mensensmokkel intensiever en effectiever te bestrijden. De verhoging van de strafmaxima
zien zij als sluitstuk van deze effectieve bestrijding. Het wetsvoorstel geeft deze
leden aanleiding tot het stellen van enkele vragen.
2. Maximale boete
De leden van de VVD-fractie merken op, mede namens de leden van de fractie van de PVV, dat de regering in de memorie van toelichting (MvT)2 stelt dat mensensmokkel wordt gepleegd door goed georganiseerde, calculerende, criminele
netwerken die een hoge opbrengst in financiële zin nastreven. Deze leden vragen zich
in dit verband af, waarom de regering niet ook de maximale boete die voor het delict
kan worden opgelegd heeft verhoogd in het voorstel.
3. Informatiepositie
De leden van de ChristenUnie- fractie constateren dat mensensmokkel een geraffineerde vorm van criminaliteit is
die zich over veel landsgrenzen strekt. Een goede informatiepositie is daarom essentieel
om tot een effectieve aanpak te komen. Deze leden vragen hoe de informatiepositie
wordt versterkt. Zij hebben in de memorie van toelichting gelezen dat het liaisonnetwerk
van politie en de Koninklijke Marechaussee (Kmar) wordt uitgebreid. Zij vragen hoe
dit zich verhoudt tot de eerdere voorgenomen bezuinigingen op het liaisonnetwerk.
Welke omvang gaat dit netwerk nu krijgen, wat zijn de taken en welke middelen worden
daarvoor vrijgemaakt? Wordt er de facto nog steeds bezuinigd? Zij vragen ook of de
financiering van het nieuwe gemeenschappelijk team (GMST) van politie, Openbaar Ministerie
en KMar in de bestaande begroting van het Ministerie van Veiligheid en Justitie wordt
gezocht of dat hier extra middelen voor beschikbaar zijn en zo ja, hoeveel.
4. Advies Nationaal Rapporteur Mensenhandel
De leden van de ChristenUnie-fractie merken op dat de Nationaal Rapporteur Mensenhandel in haar advies wijst op
de overgang van mensensmokkel naar mensenhandel3. Zij pleit voor training van betrokken instanties om voldoende alert te zijn op (kwetsbaarheid
voor) slachtofferschap van mensenhandel en voldoende effectieve samenwerking met landen
langs de vluchtroutes. In dat opzicht pleit de Nationaal Rapporteur voor ontschotting
tussen deze twee delicten. De leden van de ChristenUnie-fractie vragen op welke wijze de Staatssecretaris werk wil maken van de aanbevolen
ontschotting. Zij vragen of gebruik is gemaakt van het aanbod van de Nationaal rapporteur
om op dat punt nader te adviseren en zo nee, waarom dit niet is gebeurd.
De leden van de SGP-fractie sluiten zich graag aan bij de vragen van zowel de VVD-fractie als de fractie van de ChristenUnie.
De leden van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie zien de reactie van de
regering – bij voorkeur binnen vier weken – met belangstelling tegemoet.
De voorzitter van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie, Duthler
De griffier van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie, Van Dooren