De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
I
In artikel I, onderdeel G, wordt «€ 2.230» vervangen door: € 2.234.
II
In artikel XVII, onderdeel C, wordt «€ 2.230» vervangen door: € 2.234.
III
Na artikel XLII, onderdeel B, wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
Ba
Artikel 59 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, onderdeel a, eerste aandachtsstreepje, wordt «€ 0,1911» vervangen
door: € 0,24198.
2. In het derde lid wordt «€ 0,1911» vervangen door: € 0,24198.
IV
In artikel XLII, onderdeel C, onder 1, wordt «€ 0,1911» vervangen door «€ 0,24198»
en wordt «€ 0,20064» vervangen door: € 0,25056.
V
In artikel XLII, onderdeel C, onder 5, wordt «€ 0,12020» vervangen door «€ 0,10020».
VI
In artikel XLII, onderdeel C, onder 9, wordt «€ 0,1911» vervangen door «€ 0,24198»
en wordt «€ 0,20064» vervangen door: € 0,25056.
VII
Na artikel XLII, onderdeel C, wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
Ca
In artikel 60, eerste lid, eerste aandachtsstreepje, wordt «€ 0,03069» vervangen door: € 0,03886.
VIII
In artikel XLII, onderdeel D, onder 1, wordt «€ 0,03069» vervangen door «€ 0,03886»
en wordt «€ 0,03222» vervangen door: € 0,04024.
IX
Artikel XLVIII komt te luiden:
ARTIKEL XLVIII
Het Belastingplan 2015 wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel III wordt «verlaagd» vervangen door: verhoogd.
B
Artikel XVII, onderdeel C, komt te luiden:
C
Het in artikel 63, eerste lid, opgenomen bedrag wordt verlaagd met € 2,27.
X
Artikel LII, tweede lid, komt te luiden:
-
2. In afwijking van het eerste lid treden artikel XLII, onderdelen A, B, C en D, en
artikel L in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip en:
-
a. vinden deze eerst toepassing nadat artikel XLII, onderdelen Ba en Ca, is toegepast;
en
-
b. vinden deze toepassing met ingang van 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar
na het tijdstip, bedoeld in de aanhef.
Toelichting
Het reguliere tarief van de eerste schijf voor aardgas en het tarief van de eerste
schijf voor aardgas gebruikt in de glastuinbouw worden verhoogd met 25%, circa 5 cent,
respectievelijk 0.8 cent. Het tarief voor de eerste schijf voor elektriciteit wordt
tegelijkertijd verlaagd met 2 cent.
De verhoging van het tarief van de eerste schijf voor aardgas heeft een budgettaire
opbrengst van € 785 miljoen. De verlaging van het tarief eerste schijf elektriciteit
leidt tot een budgettaire derving van € 555 mln. Van de resterende € 230 miljoen wordt
€ 60 miljoen gereserveerd voor verbetering van de isolatie van grote woningen, van
meer dan 100 m2, met een energielabel D of lager, met een huur lager dan de liberalisatiegrens. Dit
wordt besteed via een apart amendement op de begroting BZK, waarbij het budget voor
de STEP wordt verhoogd. Ook wordt daarbij de regeling STEP aangepast om zodoende de
budgetvergroting te richten op de genoemde groep woningen.
Van de overige € 170 miljoen wordt € 127 miljoen gebruikt voor het verlagen van de
Aof-premie met 0.06% naar 5.85%. Deze verlaging moet nog toegevoegd worden aan het
amendement. De laatste € 43 miljoen wordt gebruikt voor het verhogen van de algemene
heffingskorting in de loon- en inkomstenbelasting. Het maximale bedrag van de algemene
heffingskorting wordt ten opzichte van het wetsvoorstel met € 4 verhoogd naar € 2.234
en het afbouwpercentage van de algemene heffingskorting wordt op grond van het in
het wetsvoorstel opgenomen artikel 10.6b van de Wet inkomstenbelasting 2001 in dat
geval automatisch verhoogd van 4,796 naar 4,800.
Grashoff