34 293 Renovatie Binnenhof

Nr. 123 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 5 november 2021

In de zesde rapportage project renovatie Binnenhof (Kamerstuk 34 293, nr. 122) heb ik voor wat betreft de tijdelijke huisvesting van het Ministerie van Algemene Zaken op het Catshuisterrein aangegeven dat er een aantal nog nader te analyseren aandachtspunten rond de beveiliging is die op hun consequenties moeten worden bezien en gewogen. Daarnaast nam de gemeenteraad van Den Haag op 15 juli jl. een motie aan met de oproep aan het college van B&W om de gevraagde vergunning voor de realisatie van de tijdelijke huisvesting op het Catshuis niet te verlenen.

De afgelopen periode is hierover overleg geweest met de gemeente Den Haag en het Ministerie van Algemene Zaken. Uit de gesprekken met de gemeente Den Haag is duidelijk geworden dat, ondanks dat er op dit moment geen juridische beletselen lijken, de aangevraagde vergunning conform de aangenomen motie zou worden geweigerd als het Rijksvastgoedbedrijf vasthoudt aan de huidige vergunningaanvraag. Dit heeft ertoe geleid dat verschillende alternatieven zijn bekeken in relatie tot de gestelde (veiligheids-)eisen. De uitkomst van de analyse is dat de tijdelijke huisvesting op het Catshuis als optie komt te vervallen en dat het Ministerie van Algemene Zaken elders in de rijksvastgoedportefeuille zal worden ondergebracht. Het afzien van het Catshuis als tijdelijke huisvesting voor het Ministerie van Algemene Zaken is van invloed op het programma renovatie Binnenhof. In afwachting van de definitieve keuze spannen het Ministerie van Algemene Zaken en het Rijksvastgoedbedrijf zich gezamenlijk in om een balans te vinden tussen de werkzaamheden van het ministerie en de voortgang van de renovatie op het Binnenhof waar inmiddels de eerste onderzoeken en werkzaamheden volgens plan plaatsvinden.

Zodra de bovengenoemde besluitvorming heeft plaatsgevonden zal ik u nader informeren. Ik verwacht dat dit uiterlijk begin december van dit jaar zal zijn.

In de zevende voortgangsrapportage ga ik in meer detail in op de exacte impact van dit besluit voor het programma.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.W. Knops

Naar boven