Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201534264 nr. 5

34 264 Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst

Nr. 5 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 25 augustus 2015

Uw Kamer ontving vandaag het voorstel tot wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst (Kamerstuk 34 264, nrs. 1 t/m 4). Met dit wetsvoorstel zet ik de laatste van de drie stappen die het kabinet in 2012 heeft aangekondigd om het publieke mediabestel te moderniseren en daarmee toekomstbestendig te maken.

Uw Kamer heeft aangekondigd dat u voornemens bent de schriftelijke vragen over het wetsvoorstel op 10 september in te dienen. U kunt dan de nota naar aanleiding van het verslag op 17 september verwachten. Ik zal alles in het werk stellen om het mogelijk te maken dat het debat over dit wetsvoorstel vóór het herfstreces met u kan worden gevoerd. Dit houdt verband met de wens om de wetswijziging per 1 januari 2016 in werking te laten treden, tegelijk met de start van de nieuwe erkennings- en concessieperiode bij de publieke omroep.

In deze brief geef ik een overzicht van de zaken die uw Kamer de komende tijd nog kan verwachten die verband houden met het wetsvoorstel.

Concessiebeleidsplan NPO

Op 15 juni heeft de NPO het concessiebeleidsplan 2016–2020 gepresenteerd. Ik heb de Raad voor Cultuur en het Commissariaat voor de Media gevraagd om te adviseren over het plan, inclusief de aanvragen voor nieuwe aanbodkanalen die hier onderdeel van uitmaken.1 Deze adviezen worden rond 15 september verwacht. In de nota naar aanleiding van het verslag zal ik alvast een eerste reactie geven op de relatie tussen het wetsvoorstel en het concessiebeleidsplan. Na het debat met uw Kamer over het wetsvoorstel geef ik een uitgebreide reactie op het concessiebeleidsplan. Dit biedt de ruimte om de uitkomsten van het debat hier in mee te nemen. Het ontwerpbesluit over de nieuwe aanbodkanalen volgt ook na het debat. Hiervan ontvangt uw Kamer een afschrift. Zoals gebruikelijk kunnen belanghebbende partijen vervolgens hun zienswijze op het ontwerpbesluit geven, voordat er een definitief besluit over de nieuwe aanbodkanalen wordt genomen. Mede op basis van het concessiebeleidsplan maak ik dit najaar prestatieafspraken met de publieke omroep over de periode 2016–2020.

Regionale publieke mediadienst

Onlangs heb ik het plan Het nieuwe publieke regionale mediabedrijf van ROOS (Regionale Omroep Overleg en Samenwerking, koepelorgaan voor de regionale omroepen) ontvangen.2 In dit plan doet ROOS een voorstel om het regionale omroepbestel slagvaardiger en efficiënter te organiseren. Vóór het debat over het wetsvoorstel zal ik uw Kamer mijn beleidsreactie op dit plan sturen. In het wetsvoorstel dat u vandaag heeft ontvangen, is een eerste stap gezet om de bestuurlijke slagvaardigheid van de regionale omroep te vergroten. Over mijn beleidsreactie ben ik nog in gesprek met ROOS. Indien dit gesprek leidt tot een wijziging van het wetsvoorstel, dan zal ik tegelijkertijd met de beleidsreactie een nota van wijziging aan uw Kamer sturen. De verdere uitwerking van de beleidsreactie resulteert in een wetsvoorstel over de regionale omroep dat als streefdatum van inwerkingtreding 1 januari 2017 heeft. Uw Kamer kan dit wetsvoorstel in het voorjaar van 2016 tegemoet zien.

Nieuwe dienstentoets

Zoals ik heb toegezegd in het mediabegrotingsdebat in 2014, wordt er onderzoek uitgevoerd met een internationale vergelijking van de procedure voor nieuwe aanbodkanalen in andere Europese landen. Uw Kamer ontvangt dit onderzoek, inclusief mijn reactie hierop, vóór het debat over het voorstel tot wijziging van de Mediawet. Als de uitkomst van het onderzoek aanleiding geeft tot het aanpassen van de wet, dan neem ik deze wijziging mee in het wetsvoorstel over de regionale omroep, mits het voorstel geen noodzaak geeft tot uitvoerig overleg met de Europese Commissie.

Commissievragen over de brief journalistiek

De leden van de VVD-fractie en de D66-fractie hebben mij vragen gesteld naar aanleiding van mijn brief over journalistiek van 1 juni 2015.3 U kunt de antwoorden op deze vragen in september verwachten.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker


X Noot
1

Kamerstuk 32 827, nr. 74.

X Noot
2

ROOS, «Het nieuwe publieke regionale mediabedrijf: betrokken en betrouwbaar», april 2015.

X Noot
3

Kamerstuk 32 827, nr. 71.