34 258 Voorstel van wet van het lid Klein tot wijziging van de Kieswet ten behoeve van het elektronisch kunnen inleveren van kandidatenlijsten of daarmee samenhangende bescheiden

Nr. 7 BRIEF VAN HET LID KLEIN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 december 2015

Op 5 juli jongstleden heb ik het voorstel van wet tot wijziging van de Kieswet ten behoeve van het elektronisch kunnen inleveren van kandidatenlijsten of daarmee samenhangende bescheiden aanhangig gemaakt.

Daarop heeft u dit initiatiefwetsvoorstel op 28 juli voorgelegd aan de Afdeling advisering van de Raad van State. De Afdeling reageerde op 23 september jongstleden (Kamerstuk 34 258, nr. 4) met het verzoek of de initiatiefnemer bereid was het voorstel van wet eerst ter advies voor te leggen aan de Kiesraad. In een schrijven van 29 oktober jongstleden (Kamerstuk 34 258, nr. 5) heb ik u op de hoogte gesteld van het feit dat ik daartoe bereid was. Het voorstel is door mij op 2 oktober aangeboden aan de Kiesraad ter advisering.

Op 16 november jongstleden heb ik inzake dit voorstel van wet een advies van de Kiesraad ontvangen (Kamerstuk 34 258, nr. 6). Ik verzoek u om de Afdeling advisering van de Raad van State dit advies ter kennisneming toe te sturen. Inhoudelijk zal ik het Kiesraad advies ter harte nemen. De aanbevelingen van deze Raad alsmede het nadere advies van de Afdeling zal ik verwerken in het «voorstel van wet zoals gewijzigd naar aanleiding van het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State.»

Klein

Naar boven