Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Eerste Kamer der Staten-Generaal2016-201734251 nr. G

34 251 Wijziging van een aantal onderwijswetten in verband met versterking van de bestuurskracht van onderwijsinstellingen

G VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld 17 februari 2017

De leden van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap1 hebben kennisgenomen van de brief2 van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 23 december 2016 inzake de gedane toezeggingen tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel Wet versterking bestuurskracht. Naar aanleiding hiervan is op 20 januari 2017 een brief gestuurd aan de Minister.

De Minister heeft op 16 februari 2017 gereageerd.

De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde schriftelijk overleg.

De griffier van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, De Boer

BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Den Haag, 20 januari 2017

De leden van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) hebben met belangstelling kennisgenomen van uw brief3 van 23 december 2016 inzake de gedane toezeggingen tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel Wet versterking bestuurskracht.

De leden van de commissie, met uitzondering van de leden van de fractie van de PVV, vragen u om een reactie op het volgende.

Tijdens het debat van 7 juni 2016 inzake het wetsvoorstel zegde u toe te bevorderen dat studentenorganisaties, de hogescholen en de universiteiten met elkaar in gesprek gaan over de invulling van de hoofdlijnen van de begroting.4 In uw brief van 23 december geeft u aan hoe u gestand doet aan deze toezegging5: «U vroeg mij te bevorderen dat studentorganisaties, VSNU en Vereniging Hogescholen in gesprek gaan over de invulling van het instemmingsrecht van de medezeggenschap op de hoofdlijnen van de begroting. Dit instemmingsrecht is overeengekomen om ervoor te zorgen dat studenten en docenten een stevige betrokkenheid krijgen bij de inzet van de middelen die vrij vallen door de afspraken over het studievoorschot. Ik ben dan ook erg blij met de afspraken die VSNU, VH, ISO en LSVb samen hebben gemaakt over het overlegproces over de inzet van de middelen uit het Studievoorschot. Afgesproken is dat de inzet van deze middelen onderdeel uitmaakt van de hoofdlijnen van de begroting, dat hogescholen en universiteiten samen met studenten en docenten de kernambities zullen uitwerken in concrete plannen en de instellingen zich in het jaarverslag zullen verantwoorden over de besteding van de middelen en het overleg met de medezeggenschap.»

Deze leden danken u voor de toelichting op uw uitwerking van toezegging T02333 maar achten deze op dit moment nog onvoldoende. U geeft aan dat er afspraken zijn gemaakt over het overlegproces over de inzet van de middelen uit het studievoorschot. De toezegging is in de ogen van deze leden echter omvattender van aard; het betreft niet enkel de vraag om in gesprek te gaan over de invulling van de hoofdlijnen maar ook wat er vervolgens wordt verstaan onder de hoofdlijnen van de begroting in zijn geheel, juist omdat deze leden signalen hebben ontvangen dat daarover verschillend wordt gedacht. Zij verzoeken u de uitkomsten hiervan nader toe te lichten.

De leden van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zien uw reactie met belangstelling tegemoet en ontvangen deze graag uiterlijk 17 februari 2016.

Voorzitter van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, G. de Vries-Leggedoor

BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 februari 2017

Met de brief van 20 januari 2017 geven de leden van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aan met belangstelling kennis te hebben genomen van mijn brief van 23 december 2016.6 In deze brief heb ik onder andere aangegeven op welke wijze ik gestand heb gedaan aan mijn toezegging – gedaan tijdens het debat van 7 juni 2016 over het wetsvoorstel Versterking bestuurskracht – te bevorderen dat studentenorganisaties, de VH en de VSNU in gesprek gaan over de invulling van het instemmingrecht op de hoofdlijnen van de begroting.7

U geeft aan dat u de uitwerking van deze toezegging op dit moment nog onvoldoende acht. In de ogen van uw leden betreft de toezegging niet enkel de vraag aan de organisaties om in gesprek te gaan over de invulling van het instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de begroting, maar ook over wat er vervolgens wordt verstaan onder de hoofdlijnen van de begroting in zijn geheel.

Tijdens het debat heb ik steeds aangegeven dat het gesprek over de invulling van de hoofdlijnen van de begroting op het niveau van de instellingen moet plaatsvinden. Ook heb ik aangegeven dat ik constateer dat veel instellingen daar het afgelopen jaar al mee bezig zijn geweest en heb ik de studentenorganisaties, de hogescholen en de universiteiten opgeroepen om hierover met elkaar in gesprek te gaan. Zoals ik in mijn brief van 23 december jl. heb aangegeven hebben de VH, VSNU, ISO en LSVb inmiddels samen afgesproken dat de inzet van de middelen uit het studievoorschot onderdeel zullen uitmaken van de hoofdlijnen van de begroting.

Naar aanleiding van mijn oproep tot overleg hebben de studentenorganisaties, de VH en de VSNU constructief gesproken over hoe de hoofdlijnen van de begroting worden verstaan c.q. worden geïnterpreteerd (door zowel bestuurders als medezeggenschap). Zo beschouwen universiteiten (belangrijke wijzigingen in) het interne verdeelmodel van de eerste geldstroom (dus de verdeling over onderwijs, onderzoek en ondersteuning) alsmede de investeringsagenda’s op het gebied van huisvesting en ICT op instellingen als hoofdlijnen van de begroting. Hierbij gaat het concreet bijvoorbeeld om de hoofdlijnen van de financiële ruimte voor strategische beleidsprioriteiten (dan wel uitstel, afbouw of beëindiging van prioriteiten) op het gebied van onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering en om hoofdlijnen van de financiële ruimte voor investeringen in vastgoed. Zij vinden het van belang om met elkaar in gesprek te blijven over dit onderwerp, om de ervaringen uit te wisselen over het begrotingsproces 2017 en om de ervaringen van de respectievelijke achterbannen met elkaar te delen en te bespreken. Zo wordt in het netwerk financiën van de controllers van hogescholen het onderwerp instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de begroting geagendeerd waarbij ook vertegenwoordigers van het ISO en de LSVB zullen worden uitgenodigd. Tijdens dit overleg zullen ervaringen worden uitgewisseld over hoe hogescholen hiermee omgaan. Op Saxion bijvoorbeeld wordt de gehele begroting besproken met de medezeggenschap, zowel in commissieverband als tijdens de overlegvergadering met het College van Bestuur en heeft de medezeggenschapsraad instemmingsrecht op de (gehele) begroting.

Voorts voert het ISO, samen met de LSVb, een vervolg uit op het onderzoek uit mei 20168 naar de hoofdlijnen van de begroting. De VSNU doet dat ook bij de universiteiten en de uitkomsten van beide onderzoeken worden door studentenbonden en universiteiten gezamenlijk besproken.

Wat betreft het instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de begroting merk ik op dat van de 14 universiteiten er 13 inmiddels instemming van hun medezeggenschap hebben verkregen op de hoofdlijnen van de begroting voor 2017. Bij één universiteit is het begrotingsproces nog niet afgerond. Van de VH, ISO en LSVb heb ik begrepen dat er geen signalen zijn dat het de hogescholen niet gelukt is om instemming op de hoofdlijnen van de begroting voor 2017 te verkrijgen.

Overigens voert de Algemene Rekenkamer een onderzoek uit naar de werking van het instemmingsrecht van medezeggenschapsorganen op hoofdlijnen van de begroting en de voorinvesteringen door de sector hoger onderwijs in de jaren 2015 tot en met 2017. De Algemene Rekenkamer verwacht dit onderzoek in het najaar van 2017 te kunnen publiceren.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M. Bussemaker


X Noot
1

Samenstelling:

Nagel (50PLUS), Ten Hoeve (OSF), Koffeman (PvdD), De Vries-Leggedoor (CDA) (voorzitter), Ganzevoort (GL), Martens (CDA), Sent (PvdA), Van Strien (PVV), Bruijn (VVD), Gerkens (SP), Kops (PVV), Van Apeldoorn (SP), Atsma (CDA), Bikker (CU), Van Hattem (PVV), Köhler (SP), Krikke (VVD), Nooren (PvdA), Pijlman (D66), Rinnooy Kan (D66), Schalk (SGP), Schnabel (D66) (vice-voorzitter), Jorritsma-Lebbink (VVD), Klip-Martin (VVD), Sini (PvdA)

X Noot
2

Kamerstukken I, 2016–2017, 34 251, F.

X Noot
3

Kamerstukken I, 2016–2017, 34 251, F.

X Noot
4

Zie toezegging T02333 op www.eerstekamer.nl

X Noot
5

Kamerstukken I, 2016–2017, 34 251, F, pagina 8–9.

X Noot
6

Kamerstukken I, 2016–2017, 34 251, F

X Noot
7

Zie toezegging T02333 op www.eerstekamer.nl

X Noot
8

Welke hoofdlijnen? ISO inventariseert instemmingsrecht «hoofdlijnen begroting»