Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201534232 nr. 2

34 232 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten ter implementatie van richtlijn nr. 2013/50/EU van het Europees parlement en de Raad van 22 oktober 2013 tot wijziging van Richtlijn 2004/109/EG van het Europees parlement en de Raad betreffende de transparantievereisten die gelden voor informatie over uitgevende instellingen waarvan effecten tot de handel op een gereglementeerde markt zijn toegelaten, Richtlijn 2003/71/EG van het Europees parlement en de Raad betreffende het prospectus dat gepubliceerd moet worden wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel worden toegelaten en Richtlijn 2007/14/EG van de Commissie tot vaststelling van concrete uitvoeringsvoorschriften van een aantal bepalingen van Richtlijn 2004/109/EG (PbEU 2013, L 294) (Implementatiewet wijziging richtlijn transparantie)

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is om regels te stellen ter uitvoering van richtlijn nr. 2013/50/EU van het Europees parlement en de Raad van 22 oktober 2013 tot wijziging van Richtlijn 2004/109/EG van het Europees parlement en de Raad betreffende de transparantievereisten die gelden voor informatie over uitgevende instellingen waarvan effecten tot de handel op een gereglementeerde markt zijn toegelaten, Richtlijn 2003/71/EG van het Europees parlement en de Raad betreffende het prospectus dat gepubliceerd moet worden wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel worden toegelaten en Richtlijn 2007/14/EG van de Commissie tot vaststelling van concrete uitvoeringsvoorschriften van een aantal bepalingen van Richtlijn 2004/109/EG (PbEU 2013, L 294);

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Wet op het financieel toezicht wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 1:1 wordt gewijzigd als volgt:

1. In de definitie van «grote risico’s» wordt «richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: richtlijn jaarrekening.

2. In de definitie van «moederonderneming» wordt «als bedoeld in de artikelen 1 en 2 van de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: als bedoeld in artikel 22, eerste tot en met vijfde lid, van de richtlijn jaarrekening.

3. De definitie van «richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervalt.

4. De definitie van «richtlijn jaarrekening» komt te luiden:

richtlijn jaarrekening:

richtlijn 2013/34/EU van het Europees parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PbEU 2013, L 182);.

B

Artikel 1:81 wordt gewijzigd als volgt:

1. Onder vernummering van het vierde tot en met zesde lid tot vijfde tot en met zevende lid wordt, na het derde lid een lid ingevoegd, luidende:

  • 4. In afwijking van het eerste en tweede lid kan de toezichthouder de hoogte van de bestuurlijke boete voor een overtreding van een voorschrift gesteld bij of krachtens de hoofdstukken 5.1a of 5.3, met uitzondering van een overtreding van de artikelen 5:25c, zesde tot en met negende lid, 5:25i en 5:36, vaststellen:

    • a. voor rechtspersonen op maximaal € 10.000.000, of indien dat meer is, 5% van de netto-omzet van de overtreder in het boekjaar voorafgaand aan het vaststellen van de boete;

    • b. voor natuurlijke personen op maximaal € 2.000.000.

2. In het zesde lid (nieuw) wordt «Voor de toepassing van het derde en vierde lid» vervangen door «Voor de toepassing van dit artikel» en komt de tweede volzin te luiden:

Indien de bestuurlijke boete wordt opgelegd aan een onderneming die opgenomen is in een groep met een geconsolideerd bestuursverslag, worden bij de berekening de totaalbedragen gehanteerd uit het geconsolideerde bestuursverslag van de uiteindelijke moederonderneming.

C

Aan artikel 1:94 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. Onverminderd het eerste lid kan een openbare waarschuwing worden uitgevaardigd ter zake van een overtreding van een voorschift, gesteld bij of krachtens hoofdstuk 5.1a of 5.3, indien de overtreding is gerangschikt in de derde boetecategorie, bedoeld in artikel 1:81, tweede lid, met uitzondering van een overtreding als bedoeld in de artikelen 5:25c, zesde tot en met negende lid, 5:25i en 5:36, en de overtreding is begaan door een uitgevende instelling als bedoeld in de hoofdstukken 5.1a en 5.3 of een meldingsplichtige als bedoeld in artikel 5:33, eerste lid, onderdeel c.

D

In artikel 1:97, eerste lid, onderdeel c, wordt «5:38, eerste en tweede lid, 5:39, eerste lid, 5:40, 5:41, eerste en tweede lid» vervangen door: 5:40.

E

In artikel 3:268, eerste lid, onderdeel c, wordt «als bedoeld in de artikelen 1 en 2 van de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: als bedoeld in artikel 22, eerste tot en met vijfde lid, van de richtlijn jaarrekening.

F

Artikel 5:25a wordt gewijzigd als volgt:

1. Het eerste lid wordt gewijzigd als volgt:

1°. In de aanhef wordt voor «in afwijking van» ingevoegd: voor zover nodig.

2°. In onderdeel b wordt «ter implementatie van de artikelen 51 en 51bis van de richtlijn jaarrekening of artikel 37 van de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: ter implementatie van artikel 34 van de richtlijn jaarrekening.

3°. Onderdeel c komt te luiden:

c. lidstaat van herkomst:

lidstaat van herkomst als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de richtlijn transparantie;.

2. Het tweede en derde lid vervallen.

3. Er worden drie leden toegevoegd, luidende:

  • 2. Een uitgevende instelling maakt haar lidstaat van herkomst bekend op de wijze zoals is bepaald bij of krachtens de artikelen 5:25m, 5:25p en 5:25w.

  • 3. Een uitgevende instelling maakt haar lidstaat van herkomst bekend door, voor zover van toepassing, de toezichthoudende instantie van de lidstaat waar zij haar zetel heeft, de toezichthoudende instantie van de lidstaat van herkomst en de toezichthoudende instanties van alle lidstaten waar de effecten van de uitgevende instelling zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt van haar lidstaat van herkomst in kennis te stellen.

  • 4. Het tweede lid is niet van toepassing op een uitgevende instelling die overeenkomstig artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de richtlijn transparantie een lidstaat van herkomst heeft gekozen en de toezichthoudende instantie van deze lidstaat van herkomst hiervan voor 27 november 2015 in kennis heeft gesteld, tenzij de uitgevende instelling op of na 27 november 2015 een andere lidstaat van herkomst kiest.

G

Aan artikel 5:25b wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In afwijking van het eerste lid is artikel 5:25a, tweede en derde lid, eveneens van toepassing op uitgevende instellingen met een andere lidstaat van herkomst waarvan effecten slechts zijn toegelaten tot de handel op een in Nederland gelegen gereglementeerde markt.

H

Artikel 5:25c wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «vijf jaar» vervangen door: tien jaar.

2. Het vierde lid wordt gewijzigd als volgt:

1°. In onderdeel a vervalt «of de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» en wordt «in de zin van de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: in de zin van de richtlijn jaarrekening.

2°. In onderdeel b wordt «ter uitvoering van artikel 46 van de richtlijn jaarrekening of artikel 36 van de richtlijn geconsolideerde jaarrekening» vervangen door: ter uitvoering van de artikelen 19 en 20 van de richtlijn jaarrekening.

I

In artikel 5:25d, eerste lid, wordt «twee maanden» vervangen door «drie maanden» en wordt «vijf jaar» vervangen door: tien jaar.

J

Artikel 5:25e komt te luiden:

Artikel 5:25e

Binnen zes maanden na afloop van het boekjaar stelt een uitgevende instelling die actief is in de sectoren, bedoeld in artikel 41 van de richtlijn jaarrekening, haar opgemaakte jaarlijkse verslag over betalingen aan overheden algemeen verkrijgbaar. Het verslag wordt gedurende een periode van ten minste tien jaar beschikbaar gehouden voor het publiek.

K

Artikel 5:25g wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «De artikelen 5:25c, 5:25d en 5:25e» vervangen door «De artikelen 5:25c en 5:25d» en wordt na «de Europese Centrale Bank» ingevoegd: , het Europees Stabiliteitsmechanisme, elk ander mechanisme dat is gecreëerd met als doel de financiële stabiliteit van de Europese monetaire unie te bewaren door middel van het verlenen van tijdelijke financiële bijstand aan de lidstaten die de euro als munt hebben.

2. In het tweede lid wordt «Deze paragraaf is» vervangen door: De artikelen 5:25c en 5:25d zijn.

3. In het derde lid wordt «is deze paragraaf» vervangen door: zijn de artikelen 5:25c en 5:25d.

L

Artikel 5:25h, derde en vierde lid, vervalt.

M

Artikel 5:25n vervalt.

N

In artikel 5:25q wordt «werkzame» vervangen door: functionerende.

O

In artikel 5:25s, eerste lid, vervalt «5:25n,».

P

Artikel 5:25v wordt gewijzigd als volgt:

1. In het tweede lid wordt «artikel 5:25e, tweede lid,» vervangen door: artikel 5:25e.

2. In het derde lid wordt «ingevolge artikel 5:25m» vervangen door «ingevolge het bepaalde bij of krachtens de artikelen 5:25m, 5:25p en 5:25w» en wordt «vierde lid» vervangen door: vijfde lid.

Q

In artikel 5:25w, tweede lid, wordt na «met betrekking tot» ingevoegd: de inhoud en het deponeren van het verslag, bedoeld in artikel 5:25e, en.

R

Artikel 5:33, eerste lid, wordt gewijzigd als volgt:

1. Onderdeel a komt te luiden:

  • a. uitgevende instelling:

    • 1°. een naamloze vennootschap naar Nederlands recht waarvan aandelen als bedoeld in onderdeel b, onder 1° of 2°, zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt;

    • 2°. een rechtspersoon met een andere lidstaat van herkomst waarvan aandelen als bedoeld in onderdeel b, onder 1° of 2°, slechts zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 5:26, eerste lid, is verleend;

    • 3°. een rechtspersoon opgericht naar het recht van een staat die geen lidstaat is waarvan aandelen als bedoeld in onderdeel b, onder 1° of 2°, zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 5:26, eerste lid, is verleend;.

2. In onderdeel f wordt «drie procent» telkens vervangen door: 3 procent.

S

In artikel 5:38, vierde lid, wordt «drie procent, vijf procent, tien procent, vijftien procent, twintig procent, 25 procent, dertig procent» vervangen door: 3 procent, 5 procent, 10 procent, 15 procent, 20, procent, 25 procent, 30 procent.

T

In artikel 5:39, derde lid, wordt «drie procent, vijf procent, tien procent, vijftien procent, twintig procent, 25 procent, dertig procent» vervangen door: 3 procent, 5 procent, 10 procent, 15 procent, 20, procent, 25 procent, 30 procent.

U

Artikel 5:41 komt te luiden:

Artikel 5:41

  • 1. Een ieder wiens substantiële deelneming ten opzichte van zijn vorige melding, naar hij weet of behoort te weten, een drempelwaarde bereikt, overschrijdt dan wel onderschrijdt als gevolg van een afwijkende samenstelling door een omwisseling van aandelen als bedoeld in artikel 5:33, eerste lid, onderdeel b, onder 3° of 4°, of een financieel instrument of contract als bedoeld in artikel 5:45, tiende lid, in aandelen als bedoeld in artikel 5:33, eerste lid, onderdeel b, onder 1° of 2°, dan wel als gevolg van een omwisseling van aandelen als bedoeld in artikel 5:33, eerste lid, onderdeel b, onder 1°, in aandelen als bedoeld in artikel 5:33, eerste lid, onderdeel b, onder 2°meldt dat uiterlijk binnen 4 handelsdagen na de datum waarop hij dit weet of behoort te weten aan de Autoriteit Financiële Markten. Indien deze verplichting op een bestuurder of commissaris rust, is hieraan voldaan indien terzake van hetzelfde feit een melding is gedaan op grond van artikel 5:48, zesde of zevende lid.

  • 2. Een ieder wiens substantiële deelneming ten opzichte van diens vorige melding, naar hij weet of behoort te weten, een drempelwaarde bereikt, overschrijdt dan wel onderschrijdt als gevolg van een afwijkende samenstelling door de uitoefening van rechten ingevolge een overeenkomst tot verkrijging van stemmen of meldt dat uiterlijk binnen 4 handelsdagen na de datum waarop hij dit weet of behoort te weten aan de Autoriteit Financiële Markten. Indien deze verplichting op een bestuurder of commissaris rust, is hieraan voldaan indien terzake van hetzelfde feit een melding is gedaan op grond van artikel 5:48, zevende lid.

  • 3. De drempelwaarden, bedoeld in het eerste en tweede lid zijn: 3 procent, 5 procent, 10 procent, 15 procent, 20 procent, 25 procent, 30 procent, 40 procent, 50 procent, 60 procent, 75 procent en 95 procent.

  • 4. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald wat onder handelsdag wordt verstaan en in welke gevallen een meldingsplichtige behoort te weten dat hij een drempelwaarde bereikt, overschrijdt dan wel onderschrijdt.

V

Artikel 5:45, tiende lid, aanhef, komt te luiden:

Iemand wordt geacht te beschikken over de aandelen alsmede de daaraan verbonden stemmen indien hij:.

W

Artikel 5:46 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid, aanhef, vervalt «regelmatige».

2. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt:

1°. In de aanhef vervalt «, voor zover de aandelen en de daaraan verbonden stemmen worden gehouden in de regelmatige uitoefening van hun bedrijf,».

2°. In onderdeel a wordt «voorzover deze» vervangen door «voor zover de aandelen en de daaraan verbonden stemmen worden gehouden in de uitoefening van hun bedrijf en de bewaarnemers» en vervalt aan het slot van het onderdeel «en».

3°. In onderdeel b wordt «personen die werkzaamheden verrichten» vervangen door «personen, voor zover die werkzaamheden verrichten» en wordt na «lidstaat van herkomst» ingevoegd: als bedoeld in artikel 5:25a, eerste lid, onderdeel c,.

4°. Er wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel b door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • c. personen die in het kader van de stabilisatie zoals omschreven in hoofdstuk III van verordening (EG) nr. 2273/2003 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 22 december 2003 tot uitvoering van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees parlement en de Raad wat de uitzonderingsregeling voor terugkoopprogramma’s en voor de stabilisatie van financiële instrumenten betreft (PbEU 2003, L 336) de beschikking krijgen of verliezen over aandelen en de daaraan verbonden stemmen, voor zover de stemmen niet worden uitgebracht of anderszins worden gebruikt om invloed uit te oefenen in het bestuur van de uitgevende instelling.

X

In artikel 5:47b, onderdeel b, wordt «vijf procent en tien procent» vervangen door: 5 procent en 10 procent.

Y

In artikel 5:48, tweede lid, onder 1°, wordt «tien procent» vervangen door: 10 procent.

Z

De zin aan het slot van artikel 5:60, eerste lid, komt te luiden:

De melding wordt, indien het een uitgevende instelling met zetel in Nederland of met zetel in een andere lidstaat betreft, gedaan aan de Autoriteit Financiële Markten. Indien het een uitgevende instelling betreft waarvan de zetel zich niet in een lidstaat bevindt, wordt de melding gedaan aan de toezichthouder van de lidstaat waar de aandelen voor de eerste maal na 26 november 2013 aan het publiek worden aangeboden of waar voor de eerste maal toelating tot de handel op een gereglementeerde markt wordt aangevraagd. Indien hierdoor de lidstaat van herkomst niet volgens de voorkeur van de uitgevende instelling met zetel in een staat die geen lidstaat is, is bepaald en deze achteraf een keuze maakt voor een andere lidstaat van herkomst of deze uitgevende instelling achteraf een keuze maakt voor een andere lidstaat van herkomst overeenkomstig artikel 2, eerste lid, onderdeel i, onder i en iii van de richtlijn transparantie, wordt de melding gedaan aan de toezichthouder van de gekozen lidstaat van herkomst.

AA

De bijlagen behorende bij de artikelen 1:79 en 1:80 worden gewijzigd als volgt:

1. In de opsommingen van de artikelen uit het Deel Gedragstoezicht financiële markten wordt in de numerieke volgorde telkens ingevoegd «5:25a, tweede lid».

2. In de opsommingen van de artikelen uit het Deel Gedragstoezicht financiële markten vervalt telkens «5:25n».

ARTIKEL II

De Wet toezicht financiële verslaggeving wordt gewijzigd als volgt:

A

Onder vervanging van de punt aan het slot van artikel 1, onderdeel d, subonderdeel 7°, door een puntkomma, wordt een subonderdeel toegevoegd, luidende:

  • 8°. het opgemaakte jaarlijkse verslag over betalingen aan overheden, bedoeld in artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht.

B

In artikel 2, eerste lid, wordt na «5:25d, tweede of vierde tot en met tiende lid,» ingevoegd: 5:25e,.

C

In artikel 3, tweede lid, onderdeel b, wordt na «5:25d, tweede lid of vierde tot en met tiende lid,» ingevoegd: 5:25e,.

ARTIKEL III

Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 448, tweede lid, vervalt de zin: Dit is niet van toepassing indien het verzoek betrekking heeft op een verslag als bedoeld in artikel 392a.

B

In artikel 450, vierde lid, vervalt de zin: Dit is niet van toepassing indien het verzoek betrekking heeft op een verslag als bedoeld in artikel 392a.

ARTIKEL IV

Artikel VI van de Wet van 25 september 2008 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht en enige andere wetten ter implementatie van richtlijn nr. 2004/109/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 december 2004 betreffende de transparantievereisten die gelden voor informatie over uitgevende instellingen waarvan effecten tot de handel op een gereglementeerde markt zijn toegelaten en tot wijziging van Richtlijn 2001/34/EG (PbEU L 390) vervalt.

ARTIKEL V

Artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht, zoals dat artikel luidt na inwerkingtreding van deze wet, is niet van toepassing op verslagen die betrekking hebben op boekjaren die zijn aangevangen voor 1 januari 2016.

ARTIKEL VI

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

ARTIKEL VII

Deze wet wordt aangehaald als: Implementatiewet wijziging richtlijn transparantie.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister van Financiën,