34 229 Voordracht ter vervulling van een vacature in de Commissie van Toezicht betreffende de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (CTivd)

Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER PRESIDENT, MINISTER VAN ALGEMENE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juni 2015

Mevrouw mr. S.J.E. Horstink – von Meyenfeldt heeft de secretaris-generaal van het Ministerie van Algemene Zaken verzocht te bevorderen dat met ingang van 1 januari 2016 aan haar ontslag zal worden verleend als lid van de CTIVD. Zijne Majesteit zal door mij worden verzocht mevrouw Horstink eervol ontslag te verlenen als lid van de CTIVD met ingang van 1 januari 2016.

De ontslag- en benoemingsprocedure voor leden van de CTIVD is geregeld in hoofdstuk 6 van de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Artikel 65, lid 2 geeft aan dat voor de benoeming van de leden door de Tweede Kamer der Staten-Generaal per vacature een voordracht wordt gedaan van tenminste drie personen, waaruit de betrokken ministers een keuze maken. Bij haar voordracht slaat de Tweede Kamer zodanig acht als haar dienstig voorkomt op een door de vicepresident van de Raad van State, de president van de Hoge Raad der Nederlanden en de Nationale ombudsman gezamenlijk opgemaakte aanbevelingslijst van ten minste drie kandidaten per vacature. De geselecteerde kandidaat wordt door de Kroon benoemd.

Ik verzoek u de benoemingsprocedure te starten, teneinde per 1 januari 2016 een nieuw lid van de CTIVD te kunnen benoemen.

Volledigheidshalve verzoek ik u om acht te slaan op de volgende punten. De geselecteerde kandidaten moeten voldoen aan de vereisten uit artikel 65, leden 4, 6 en 7. Voorts geef ik u in overweging dat de kandidaten beschikken over de volgende kenmerkende eigenschappen: gezaghebbend, een behoorlijke politieke, bestuurlijke en/of ambtelijke ervaring. Naar de te benoemen kandidaat wordt een veiligheidsonderzoek niveau A uitgevoerd.

De Minister-President, Minister van Algemene Zaken, M. Rutte

Naar boven