Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201534200-IX nr. 5

34 200 IX Jaarverslag en slotwet Ministerie van Financiën en Nationale Schuld 2014

Nr. 5 VERSLAG HOUDENDE EEN LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 8 juni 2015

De vaste commissie voor Financiën, belast met het voorbereidend onderzoek van dit voorstel van wet, heeft de eer verslag uit te brengen in de vorm van een lijst van vragen met de daarop gegeven antwoorden.

De vragen zijn op 28 mei 2015 voorgelegd aan de Minister van Financiën. Bij brief van 5 juni 2015 zijn ze door de Minister van Financiën beantwoord.

Met de vaststelling van het verslag acht de commissie de openbare behandeling van het wetsvoorstel voldoende voorbereid.

De voorzitter van de commissie, Duisenberg

De griffier van de commissie, Berck

Vraag 1

Waardoor is de maximale omvang van de garantie SNS per jaareinde afgenomen met € 566,4 miljoen tot € 3,6 miljard? Waarom is dit niet eerder voorzien?

Antwoord

De omvang van de garantie staat in directe relatie tot de financiering die noodzakelijk is voor Propertize. Propertize bouwt de vastgoedportefeuille op de middellange termijn af, waardoor de omvang van de benodigde financiering alsmede de garantie afneemt.

Vraag 2

In 2014 is er geen beroep gedaan op de MIGa-faciliteit; hoe was het beroep op deze faciliteit in voorgaande jaren?

Antwoord

Er is ook de afgelopen jaren geen beroep gedaan op de MIGA-faciliteit.

Vraag 3

Kan worden aangegeven in hoeverre er – door de lage rente – diverse leningen (i.v.m. de staatsschuld) zijn geherfinancierd? Of dat er ingespeeld is op de lage rente bij nieuwe leningen?

Antwoord

Herfinanciering van een lening vindt plaats op het moment dat de oorspronkelijke lening afloopt. De nieuwe lening wordt geherfinancierd tegen de rente die op dat moment geldt. De rentestand is niet van invloed op de mate van herfinanciering.

Er is wel ingespeeld op de lage rentestanden in die zin dat het sinds 2012 onder voorwaarden mogelijk is om af te wijken van de 7-jaars gecentreerde portefeuille. In de praktijk is van deze mogelijkheid ook daadwerkelijk gebruik gemaakt wat geleid heeft tot een verlenging van de gemiddelde looptijd van de schuld.