34 031 Wijziging van de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met het regelen van de mogelijkheid een deel van het onderwijs te geven in de Engelse, Duitse of Franse taal

H MOTIE VAN HET LID NOOREN C.S.

Voorgesteld 22 september 2015

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat de introductie van meertalig onderwijs in het basisonderwijs kinderen extra kansen en uitdagingen kan bieden en positieve betekenis kan hebben voor Nederland als land met een sterke internationale oriëntatie;

van mening, dat meertalig onderwijs kinderen ook op achterstand kan zetten, als zij op de basisschoolleeftijd (nog) niet in staat zijn om te participeren in onderwijs in een andere voertaal dan het Nederlands;

voorts constaterende, dat meertalig onderwijs ongewenste negatieve effecten kan hebben op de toegankelijkheid van het basisonderwijs, als het aanbieden van tweetalig onderwijs gepaard gaat met een hogere ouderbijdrage en die hogere ouderbijdrage door ouders als een drempel wordt ervaren of voor hen niet op te brengen is;

van mening dat dit soort effecten ongewenst is, omdat (verkapte) selectie aan de poort van het basisonderwijs gelijke kansen voor alle kinderen in Nederland op goed onderwijs belemmert;

verzoekt de regering de effecten van de introductie van meertalig onderwijs met name te monitoren op het vóórkomen van negatieve effecten op de toegankelijkheid van het basisonderwijs in het algemeen voor kwetsbare kinderen, en in het bijzonder voor kinderen met een taalachterstand en/of leermoeilijkheden, op de scholen die tweetalig onderwijs geven, en de Kamer daar uiterlijk voor 1 januari 2018 over te berichten,

en gaat over tot de orde van de dag.

Nooren

Pijlman

Ganzevoort

Bruijn

Ten Hoeve

Naar boven