33 865 (R2024) Goedkeuring en uitvoering voor de wetgeving op Koninkrijksniveau van de op 10 en 11 juni 2010 te Kampala aanvaarde wijzigingen van het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof (Trb. 2011, 73)

33 866 Uitvoering van de op 10 en 11 juni 2010 te Kampala aanvaarde wijzigingen van het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof (Trb. 2011, 73)

F HERDRUK1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 februari 2018

Ter gelegenheid van de plenaire behandeling in de Tweede Kamer van de wetsvoorstellen tot goedkeuring en uitvoering van de Kampala-amendementen van het Internationaal Strafhof (Kamerstukken 33 865 en 33 866) in 2015 is toegezegd de Staten-Generaal te informeren over het voornemen om de strafbaarstelling van het misdrijf agressie in de Wet internationale misdrijven in werking te laten treden. Met deze brief doe ik, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, deze toezegging gestand.

Op 14 december 2017 heeft de vergadering van verdragspartijen het besluit genomen om de rechtsmacht van het Internationaal Strafhof voor het misdrijf agressie te activeren (Resolutie ICC-ASP/16/Res.5). Dit betekent dat met ingang van 17 juli 2018 het Internationaal Strafhof rechtsmacht heeft over het misdrijf agressie.

Voorts betekent dit dat wij nu voornemens zijn om de strafbaarstelling van het misdrijf agressie in de Wet internationale misdrijven, zoals neergelegd in de wet van 6 juli 2016 (Stb. 304), met ingang van 1 augustus 2018 in werking te laten treden.

De strafbaarstelling van het misdrijf agressie vormt een historische mijlpaal in het tegengaan van straffeloosheid en de versterking van de internationale rechtsorde. Nederland heeft ten tijde van de onderhandelingen een actieve rol gespeeld bij de totstandkoming van de amendementen inzake het misdrijf agressie. De Nederlandse ratificatie van deze amendementen in 2016 en de voornoemde inwerkingtreding van de strafbaarstelling in de Wet internationale misdrijven bekrachtigen onze positie als voorstander van het Strafhof en als gastland, met Den Haag als juridische wereldhoofdstad.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


X Noot
1

Letter F heeft alleen betrekking op wetsvoorstel 33 865 (R2024); herdruk in verband met foutieve datum: 23 februari 2018 in plaats van 23 januari 2018.

Naar boven