Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201833836 nr. 31

33 836 Personen- en familierecht

Nr. 31 MOTIE VAN HET LID VAN DER GRAAF C.S.

Voorgesteld 5 juli 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het vaststellen van een omgangsregeling een precaire aangelegenheid is in het scheidingsproces en de omgangsregeling serieuze consequenties heeft voor het welzijn van het kind;

overwegende dat het welzijn van het kind in iedere echtscheidingsprocedure de leidende factor moet zijn;

overwegende dat omgangsregelingen maatwerk vereisen;

constaterende dat er in het huidige Burgerlijk Wetboek geen uitgangspunt is opgenomen met betrekking tot de deling van de omgang voor de vaststelling van een omgangsregeling;

verzoekt de regering, te onderzoeken of de belangen van kinderen en ouders worden gediend met een mogelijk wettelijk startpunt dat de zorgrechten en zorgplichten gelijk worden verdeeld over beide ouders, waarbij het vervolgens geheel vrijstaat aan ouders of waar nodig aan de rechter om te komen tot een andere verdeling,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van der Graaf

Koopmans

Van Nispen

Kuiken

Buitenweg