33 836 Personen- en familierecht

Nr. 141 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANGDURIGE ZORG, JEUGD EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 juni 2026

U heeft per brief (kenmerk 2026Z09834) verzocht te reageren op een brief die uw vaste commissie Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft ontvangen. Met deze brief voldoe ik aan dit verzoek.

In de brief vertelt de heer T.G. over zijn persoonlijke ervaring met (wettelijke) vertegenwoordiging bij zijn vader. In de situatie van de heer T.G. is er door de rechter geen wettelijk vertegenwoordiger aangewezen voor zijn vader, die met dementie is opgenomen in een verpleeghuis. In het geval van de heer T.G. treedt de echtgenote van zijn vader op als vertegenwoordiger. De heer T.G. geeft aan dat de echtgenote geen informatie met hem en zijn broer deelt en dat zij niet betrokken worden bij de zorg voor zijn vader.

Allereerst dank ik de heer T.G. voor het delen van deze persoonlijke situatie. Ik kan me voorstellen dat het heel frustrerend is om niet betrokken te worden bij de zorg voor je eigen vader. Hoewel ik niet in kan gaan op individuele situaties, kan ik wel in algemeenheid iets zeggen over (wettelijke) vertegenwoordiging.

De (wettelijk) vertegenwoordiger neemt beslissingen over zaken waarover een cliënt zelf niet meer kan beslissen. Wettelijk is vastgelegd wie vertegenwoordiger kunnen zijn:

  • 1. Een wettelijk vertegenwoordiger (curator of mentor) is benoemd door de rechter;

  • 2. Een schriftelijk gemachtigde is benoemd door de cliënt zelf (in een schriftelijke verklaring);

  • 3. Een echtgenoot, geregistreerde partner of andere levensgezel (niet benoemd);

  • 4. Een ouder / kind / broer / zus / grootouder / kleinkind (niet benoemd).

De volgorde van deze opsomming is van belang. Als een cliënt zelf niet kan beslissen over zijn of haar zorg, zal de zorgverlener eerst kijken of de cliënt een wettelijk vertegenwoordiger heeft. Zo niet, dan wordt gekeken of er een schriftelijke gemachtigde is. Zo niet, dan kunnen de partner of de genoemde familieleden vertegenwoordiger zijn.

Er is dus een verschil tussen wettelijke vertegenwoordiging en familievertegenwoordiging. Een wettelijk vertegenwoordiger wordt benoemd door de rechter en staat onder toezicht van de rechter, terwijl een familie vertegenwoordiger niet wordt benoemd door de rechter en ook niet onder toezicht staat.

Uit het verhaal van de heer T.G. maak ik op dat de echtgenote niet door de rechtbank is benoemd als wettelijk vertegenwoordiger maar optreedt als familievertegenwoordiger. Daardoor kan de familie geen klacht indienen bij de rechtbank over haar functioneren. De familie kan wel een professionele mentor of curator aanvragen bij de rechtbank. Als de rechter dit toekent, neemt die mentor of curator de vertegenwoordiging over van de echtgenote. Ik realiseer me overigens dat een dergelijke aanvraag in deze gespannen situatie ook niet eenvoudig zal zijn.

Naar aanleiding van de vraag van de heer T.G. over het wettelijk mogelijk maken van twee vertegenwoordigers kan ik het volgende zeggen: het is momenteel al mogelijk dat de rechter twee wettelijk vertegenwoordigers benoemt. Er is geen voornemen om wettelijk vast te leggen dat er altijd twee familievertegenwoordigers moeten zijn. Niet uit te sluiten valt dat een dergelijke constructie zal leiden tot meer conflicten binnen families dan nu het geval is.

De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, W.R.C. Sterk

Naar boven