Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433835 nr. 7

33 835 Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)

Nr. 7 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 juni 2014

In uw brief van 4 juni jl.verzoekt u om een brief inzake de handhavingskosten die doorberekend worden door de NVWA, en de recente verhoging van deze kosten ten opzichte van het kabinetsstandpunt in dezen.

Zoals aangegeven in mijn brief van 19 december 2013 (Kamerstuk 33 835, nr. 2) met betrekking tot de herziening van het retributiestelsel van de NVWA, vormt «Maat houden» de basis voor de herziening van de retributies. Uitgangspunt hierbij is de regel dat de kosten voor het toezicht in beginsel (alleen) worden doorberekend indien één of enkele partijen er een specifiek toerekenbaar profijt van hebben (profijtbeginsel). Het preventieve en repressieve toezicht (handhaving) bij de overige bedrijven betaalt in principe de overheid, tenzij in EU-regelgeving anders is bepaald. Het kader «Maat houden» is onlangs herzien. Deze herziening is op 7 mei jl. naar uw Kamer gezonden (Kamerstuk 24 036, nr. 407). De recente tariefswijzigingen zijn hier mee in lijn.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma