Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201633835 nr. 15

33 835 Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)

Nr. 15 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT EN STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 oktober 2015

In het plenaire debat over de vis- en vleesketen van 1 april jl. (Handelingen II 2014/15, nr. 70, item 7) hebben wij toegezegd om een toezichtkader voor de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) op te stellen, met daarin de kaders voor toezicht en handhaving.

Het toezicht van de NVWA is van groot belang voor het borgen van publieke belangen zoals volksgezondheid (voedsel- en productveiligheid), dier- en plantgezondheid en dierenwelzijn. Het vertrouwen van burgers en bedrijven in veilig voedsel en veilige producten is daarvan mede afhankelijk. Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het naleven van wetten en regels. De NVWA ziet toe en handhaaft als bedrijven zich niet aan die wetten en regels houden.

Recente voedselincidenten hebben – parallel aan een bredere herijking van rol en functie van toezichthouders – geleid tot discussie over de manier waarop de NVWA toeziet en handhaaft. De samenleving vraagt om voorspelbaar toezicht, met heldere kaders en waar nodig een stevige aanpak.

Nu ligt er een toezichtkader voor de NVWA als basis voor de verdere professionalisering van het toezicht en de handhaving door de NVWA1. Met als kern: «zacht waar het kan, hard waar het moet». De NVWA baseert haar toezicht op gerechtvaardigd vertrouwen in bedrijven die hun verantwoordelijkheden aantoonbaar waarmaken. De NVWA denkt daarin actief met bedrijven mee en geeft aan hoe het beter kan. Zonder hierbij de verantwoordelijkheid van het bedrijf over te nemen. Wanneer bedrijven het vertrouwen beschamen door regels en normen te overtreden, grijpt de NVWA snel en adequaat in. De NVWA neemt direct maatregelen als tijdens een inspectie misstanden of (mogelijke) risico’s voor de veiligheid worden aangetroffen. Ook bij opzettelijke overtredingen, recidive en fraude handelt de NVWA stevig en doortastend.

Wij stellen de kaders op waarbinnen de NVWA haar toezicht vorm en inhoud geeft. De NVWA vertaalt die uitgangspunten naar de uitvoering. Dit toezichtkader vraagt om concrete verbeteringen van de NVWA. Hiermee versterkt de NVWA haar rol als onafhankelijke, onpartijdige en rolvaste autoriteit. Dit draagt bij aan het vertrouwen van burgers en bedrijven in het onafhankelijk oordeel van de NVWA.

De vertaling van het toezichtkader in een aangescherpt interventiebeleid is naar verwachting in het voorjaar van 2016 gereed. De implementatie in de praktijk zal echter meer tijd vragen. Daarom start de NVWA snel met een implementatietraject om de organisatie voor te bereiden op het herziene interventiebeleid. Het aangescherpte interventiebeleid krijgt vorm in een beleidsregel en wordt gepubliceerd op de website van de NVWA en wordt daarmee kenbaar voor de onder toezicht gestelde bedrijven en sectoren.

De toepassing van de principes uit het toezichtkader vraagt geen extra financiële inzet, maar eerder een andere inzet van mensen en middelen binnen de NVWA. Met het Plan van Aanpak is geïnvesteerd in versterking van het toezicht en de capaciteit van de NVWA. De invulling van de uitgangspunten uit het toezichtkader en de implementatie van het aangescherpte interventiebeleid ondersteunen de verbeteracties uit het Plan van Aanpak.

Het toezichtkader is dynamisch en wordt wanneer ontwikkelingen dit vereisen, geëvalueerd en wanneer nodig aangepast aan veranderende maatschappelijke trends of inzichten. Wij vragen de NVWA ons te informeren over de voortgang van de implementatie, alsmede over eventuele knelpunten of onvoorziene ontwikkelingen die van invloed zijn op de uitvoering binnen de daartoe gestelde termijn.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl