Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433835 nr. 10

33 835 Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)

Nr. 10 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 4 juli 2014

Op 19 december 2013 hebben wij u het plan van aanpak NVWA (Kamerstuk 33 835, nr. 1) toegezonden. Het bevat ingrijpende maatregelen om het toezicht door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) te versterken en te verbeteren. Daarbij moeten flinke slagen gemaakt worden. Het plan van aanpak NVWA hebben wij met uw Kamer besproken in het algemeen overleg van 6 februari 2014. Wij hebben toegezegd uw Kamer door middel van halfjaarrapportages over de voortgang te informeren. Deze eerste rapportage bestrijkt de periode tot 1 juni 2014.

De maatregelen uit het plan van aanpak hebben tot doel de NVWA adequaat toe te rusten op haar taak als handhavingsorganisatie en toekomstbestendig te maken. Deze maatregelen zijn noodzakelijk voor het borgen van de publieke belangen volksgezondheid en de exportpositie van de agrarische sector. Het behoud van het vertrouwen van burgers en bedrijven in veilig voedsel en veilige producten is daar mede afhankelijk van.

Het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over «Risico’s in de vleesketen» heeft aangetoond dat dit noodzakelijk is. Op 10 juni jl. hebben wij uw Kamer de kabinetsreactie toegestuurd (Kamerstuk 26 991, nr. 418). Daarin zijn wij ingegaan op de maatregelen, die naast het versterken en verbeteren van het toezicht van de NVWA, noodzakelijk zijn. Aangegeven is dat het bedrijfsleven eerst en vooral zijn verantwoordelijkheid moet nemen om de veiligheid, kwaliteit, en integriteit van vlees te garanderen. Wij zijn daarbij ook ingegaan op de in het plan van aanpak aangekondigde herziening van keuring en toezicht. De huidige organisatie van veterinaire en fytosanitaire keuring en toezicht, waarbij private partijen worden ingezet, is onnodig kwetsbaar. Wij zullen uw Kamer na de zomer informeren over de agenda voor het onder publieke verantwoordelijkheid brengen van keuringstaken.

Zoals wij hebben aangegeven, moeten er flinke slagen gemaakt worden. De oplossing voor de geconstateerde problemen is niet van de ene op de andere dag te realiseren. Het verbetertraject dat is ingezet is ingrijpend en op sommige vlakken tijdrovend.

De volledige implementatie van het plan zal een paar jaar duren en, naast het reguliere werk, veel vergen van de NVWA en haar medewerkers. Wij willen benadrukken dat de implementatie van het verbeterplan juist ook kan leiden tot meer zaken die aan het licht komen en waaruit blijkt dat bedrijven de regels onvoldoende naleven.

Met de implementatie van een deel van de maatregelen, in het bijzonder die voor de vee- en vleessector, is in het laatste kwartaal van 2013 al een start gemaakt op basis van de brief van 3 september over het toezicht van de NVWA in slachtplaatsen (Kamerstuk 26 991, nr. 368). In de afgelopen periode is gewerkt aan het verbeteren van het toezicht op de kleine- en middelgrote roodvleesslachtplaatsen. Op ICT-gebied zijn diverse quick wins gerealiseerd. De andere maatregelen verkeren voor het merendeel in de planfase, die tot en met juni 2014 loopt. Deze planfase is nodig voor het leggen van een goede basis voor de verdere implementatie in de komende jaren, die moet leiden tot een structurele verbetering van de handhaving en het op orde brengen van de organisatie.

In deze eerste voortgangsrapportage staan de kwalitatieve verbeteringen voorop. In de volgende rapportages worden die aangevuld met kwantitatieve informatie over de voorgenomen en gerealiseerde uitgaven en de personele capaciteitsinzet.

Tegen die tijd is de uitgavenstroom op gang, terwijl die in de achterliggende maanden verhoudingsgewijs beperkt is geweest. Naar verwachting vindt er geen volledige uitputting plaats van het voor 2014 gereserveerde budget. Voor zover het eenmalige uitgaven, bijvoorbeeld investeringen, betreft, wordt de mogelijkheid bezien om het hiervoor bestemde budget mee te nemen naar volgende jaren. De toegezegde extra middelen zijn alleen bestemd voor uitvoering van het plan van aanpak. De eerste medewerkers zijn inmiddels aangetrokken. Bij de volgende voortgangsrapportage is de instroom van nieuwe medewerkers echt gevorderd. Bij de vervulling van de vacatures wordt enerzijds gekeken naar de mogelijkheden om interne kandidaten, waaronder herplaatsers, in te zetten en anderzijds naar de kansen die het aantrekken van externe medewerkers biedt. Het kost tijd om met de juiste kwaliteitseisen op een zorgvuldige manier de daarvoor geldende procedures te doorlopen.

In deze brief gaan wij in op de voortgang op de volgende onderdelen:

  • 1. Implementatie plan van aanpak NVWA

  • 2. Versterken van het toezicht op vijf domeinen

  • 3. Versterken organisatie ter ondersteuning van het primair proces

De Auditdienst Rijk (ADR) heeft, conform te toezegging aan uw Kamer, een externe toets uitgevoerd op het Plan van Aanpak NVWA. Voor de resultaten van deze toets verwijzen wij u naar de bijlage1 bij deze brief. Voor wat betreft de voortgangsinformatie, zoals die in deze halfjaarrapportage is opgenomen, heeft de ADR vastgesteld dat deze juist en volledig is weergegeven.

1. Implementatie plan van aanpak NVWA

Het plan van aanpak is omvangrijk en vergt veel van de NVWA en haar medewerkers. De maatregelen uit het plan van aanpak kennen allerlei onderlinge afhankelijkheden. Om te voorkomen dat ze het absorptievermogen van de NVWA te boven gaan, is faseren en het stellen van prioriteiten van belang.

Voorop staat het leggen van een goed fundament voor de handhaving, waarbij ketengerichte risicoanalyses, (handhavings-)cultuur, leiderschap en een moderne ICT-ondersteuning belangrijke elementen zijn. Dit alles vraagt om een sterke sturing vanuit een programmatische aanpak. Binnen de NVWA is daartoe een Dagelijks Bestuur Verbeterplan gevormd onder leiding van de inspecteur-generaal en ondersteund door een programmabureau.

Onder aansturing van het Dagelijks Bestuur Verbeterplan zijn de onderdelen uit het plan van aanpak NVWA uitgewerkt in concrete actieplannen, die getoetst zijn op kwaliteit, verifieerbaarheid en resultaatgerichtheid en die organisatorisch zijn belegd.

De verdere uitvoering van het plan van aanpak is onderverdeeld in plateaus van ieder een halfjaar, waarin de volgende zwaartepunten zijn te onderkennen:

  • Tweede helft 2014: werving en basis verstevigen

  • Eerste helft 2015: organisatie op sterkte

  • Tweede helft 2015: handhaving op hoger niveau

  • Eerste helft 2016: doelmatigheid

  • Tweede helft 2016: nieuwe ICT en werken op basis van een nieuwe organisatiebesluit

  • Eerste helft 2017: evaluatie en afronding van het plan van aanpak

Externe validatie is een belangrijk onderdeel van de beheersing van en sturing op de implementatie van het plan van aanpak. De NVWA heeft daartoe enkele bureaus reviews laten uitvoeren op het programmamanagement en op het meerjarenprogramma Procesvernieuwing en ICT. De aanbevelingen uit deze reviews zijn overgenomen en verwerkt. Ook het externe auditcomité van de NVWA besteedt nadrukkelijk aandacht aan het plan van aanpak. Naast externe validatie is tevens voorzien in externe ondersteuning bij de uitvoering van de actieplannen.

Voor het behoud van in- en extern draagvlak wordt de implementatie van het plan van aanpak regelmatig besproken met de ondernemingsraad, met de bonden en met stakeholders in de reguliere overleggen zoals de strategische klankbordgroep NVWA.

2. Versterken van het toezicht op vijf domeinen

In het plan van aanpak is aangegeven dat versterking van het toezicht plaatsvindt op de volgende domeinen:

  • Vee- en vleessector

  • Plantaardige sector

  • Veterinaire exportcertificering

  • Tweedelijns toezicht zuivelsector

  • Consument en veiligheid

De uitvoering van de maatregelen voor de vee- en vleessector maakt integraal deel uit van het plan van aanpak. Met de uitwerking en uitvoering is reeds in het najaar van 2013 gestart. Daarom is de uitvoering van de maatregelen in dit domein ook het verst gevorderd. In de volgende voortgangsrapportages zal het zwaartepunt zich verplaatsen naar de maatregelen op de andere domeinen.

Vee- en vleessector

In het plan van aanpak is uw Kamer geïnformeerd over de acties en eerste resultaten in de vee- en vleessector. De toen geschetste aanpak om de vormgeving van het toezicht te verbeteren, de capaciteit structureel op orde te brengen en de handhavingscultuur te versterken, is doorgezet.

In een intensief traject is het toezicht op de kleine en middelgrote roodvleesslachtplaatsen versterkt met een uniforme en op risico’s gebaseerde inspectiemethodiek. Daarbij wordt de inspectiefrequentie op de betrokken slachtplaatsen bepaald door bedrijfsindicatoren en de mate van naleving. Deze selectie verhoogt de druk op slecht nalevende slachtplaatsen. Zes prioritaire risicogebieden zijn gedefinieerd: hygiëne, traceerbaarheid, vleestemperatuur, dierenwelzijn, dierlijke bijproducten en reinigen en ontsmetten van veevervoermiddelen. Met het opstellen van verkorte inspectielijsten voor deze risicogebieden is het toezicht vereenvoudigd en verder geüniformeerd. Deze aanpak leidt tevens tot meer inzicht in de situatie op de slachtplaats. Slecht nalevende bedrijven waar een gecombineerde handhavingsinzet nodig is, zijn onderwerp van gesprek in het regulier handhavingsoverleg. In mei zijn risicogerichte administratieve controles op de middelgrote en kleine slachtplaatsen gestart. De NVWA-bedrijvenbeheerder (dierenarts) heeft de regie per individuele slachtplaats en bewaakt of op alle risicogebieden de inspectiefrequentie wordt gehaald. De resultaten van de evaluatie van deze aanpak worden deze zomer bekend. Toezichthoudend dierenartsen krijgen vertrouwen in de aanpak en er zijn eerste aanwijzingen dat de nalevingsbereidheid op de betrokken slachtplaatsen toeneemt.

Ook koel- en vrieshuizen die op basis van nalevingsindicatoren als risicovol worden gescoord, krijgen meer toezicht. De meest risicovolle bedrijven hebben een onaangekondigde inspectie gehad.

In de periode januari 2014–medio juni 2014 zijn van de in totaal 319 niet aan een slachthuis verbonden koel- en vrieshuizen en uitsnijderijen, 165 bedrijven één of meerdere keren bezocht. Daarbij is gecontroleerd op de naleving van HACCP, hygiëne en bouwkundige staat en traceerbaarheid. Op basis hiervan zijn in deze eerste periode 11 schriftelijke waarschuwingen en 3 boeterapporten opgemaakt. Het streven is om alle bedrijven in 2014 ten minste één keer te inspecteren.

Risicogericht toezicht in de vleesketen maakt het mogelijk om het toezicht op bedrijven aan te passen aan hun specifieke bedrijfsprocessen en aan de mate van naleving van wet- en regelgeving. Tevens zorgt risicogericht toezicht ervoor dat de beschikbare toezichtcapaciteit van de NVWA zo effectief en efficiënt mogelijk kan worden ingezet in de verschillende schakels van de vleesketen. De NVWA werkt het risicogericht toezicht gedurende 2014 en 2015 verder uit voor andere bedrijven in de vleesketen (waaronder grote slachtplaatsen, koel- en vrieshuizen, uitsnijderijen), alsmede voor het zogenaamde topsegment.

Op dit moment bestaat het topsegment vooral uit grote slachterijen. In het kader van het programma Vermindering Regeldruk Vleesketen (VRV) is toezicht op basis van Continuous Control Monitoring (CCMT) tot stand gekomen. CCMT is een bedrijfseigen kwaliteitssysteem in ontwikkeling.

De focus van het programma VRV is naar aanleiding van diverse incidenten in de vleesketen verschoven van het verminderen van regeldruk naar het eventueel aanpassen van toezicht indien de sector of een bedrijf aantoonbaar de eigen verantwoordelijkheid voor naleving van de wet- en regelgeving neemt. De reductie van toezichtkosten in de vleesketen is hier nu een afgeleide van. De eisen aan het topsegment worden verzwaard. Zo moeten bedrijven niet alleen beschikken over een bedrijfseigen kwaliteitssysteem, maar moet dit ook gecertificeerd zijn door een geaccrediteerde derde. Op alle risicogebieden moeten zij zonder meer aan de wet- en regelgeving voldoen. Het is de bedoeling dat deze bedrijven aantoonbaar ketenverantwoordelijkheid nemen, door middel van contracten of convenanten met hun leveranciers en afnemers, analoog aan de afspraken gemaakt in de Taskforce Voedselvertrouwen. Om na te gaan of bedrijfseigen kwaliteitssystemen aan deze eisen voldoen zal de NVWA tijdelijk een toetsingscommissie vleesketen instellen.

Om de personele capaciteit structureel op orde te brengen worden extra dierenartsen aangetrokken. De werving van de eerste 20 dierenartsen is afgerond. Momenteel worden nog eens 30 dierenartsen geworven, die zullen worden ingezet voor toezicht en keuring. Een aantal dierenartsen wordt versneld opgeleid voor het uitvoeren van werkzaamheden voor exportkeuringen, zodat zij eerder kunnen worden ingezet dan voorheen gebruikelijk was. Extra toezicht kan leiden tot een grotere toevoer van zaken die inzet vragen van de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de NVWA. Met een mogelijke groeiende vraag naar opsporingscapaciteit is rekening gehouden in het formatieplan 2014.

Om de handhavingscultuur te versterken zijn vrijwel alle toezichthoudend dierenartsen opgeleid om bestuurlijke boetes op te kunnen leggen in het kader van de Wet Dieren. De supervisie wordt versterkt door het verkleinen van de teams. De teamherschikking, waardoor het aantal veterinaire teams toeneemt, is uitgewerkt. Deze herschikking wordt na de zomer doorgevoerd. Teamleiders worden in hun werkzaamheden gecoacht en intervisie is ingeregeld.

MSPIN, de smartphone-versie van het bedrijfsprocessensysteem, is operationeel en het merendeel van de toezichthoudend dierenartsen is opgeleid voor het gebruik ervan. Hiermee is tegemoet gekomen aan een belangrijke aanbeveling uit het rapport Vanthemsche II (Kamerstuk 26 991, nr. 321).

Plantaardige sector

Het plan en de maatregelen voor herijking van het programma fytobewaking in relatie tot de vernieuwing van de Europese fytosanitaire regelgeving zijn nader uitgewerkt. De planning 2015 voor de uitvoering fytobewaking is gereed en de aanvraag voor Europese cofinanciering van het programma fytobewaking voor 2015 is ingediend. De werving van tien fte extra capaciteit voor het Centrum Monitoring Vectoren en de inzet op q-organismen, analyse van vondsten en markttoegang start deze zomer. Om het primaire proces kwalitatief te faciliteren en beheersmatig efficiënter en effectiever te laten opereren, wordt momenteel een werkvoorbereidingsunit opgericht.

Veterinaire exportcertificering

De herziening van het stelstel voor veterinaire exportcertificering maakt onderdeel uit van de bredere risicogerichte opzet van de toezichtssystematiek in de vee- en vleessector. Het betreft hier de invoering van het Export Kanalisatie Systeem (EKS) in de tweede helft van 2014. Waar sprake is van een laag risico worden 100%-partijcontroles vervangen door periodieke audits gecombineerd met steekproefsgewijze controles. De risicoprofielen op basis waarvan wordt vastgesteld of bedrijven in aanmerking komen voor EKS zijn in voorbereiding. In de zomer wordt gestart met de communicatie naar bedrijven, kan EKS worden aangevraagd en wordt begonnen met de uitvoering van audits.

Tweedelijnstoezicht zuivelsector

In het kader van de intensivering van het toezicht van de NVWA op het COKZ zijn de overeenkomst exportcertificering en werkafspraken over onder andere informatievoorziening, rapportages, inspectieprocedures, afhandeling van meldingen, opleidingen en HRM-verantwoordelijkheid opgeleverd. Ook is gestart met de werving van vacatures voor versterking van het toezicht op het COKZ.

Consument en veiligheid

Op het terrein van Consument en veiligheid is langs twee lijnen gewerkt. De ene is het verbeteren van het primaire proces en de andere de werving van nieuwe medewerkers.

Voor het verbeteren van het primaire proces op het terrein van Consument en veiligheid is een verandertraject gestart om de kwaliteit en effectiviteit van het toezicht te vergroten en om het toezicht te vernieuwen om beter aan te sluiten op de maatschappelijke ontwikkelingen. Het verandertraject omvat vier onderdelen: werkprocessen verbeteren, ketens in beeld brengen, kennis managen en deskundig toezichthouder zijn. Deze onderdelen worden deze zomer verder uitgewerkt. De volgende voortgangrapportage bevat de concretisering van de te nemen maatregelen en de eerste resultaten.

Tevens is gestart met de werving van 50 nieuwe medewerkers op het terrein van Consument en veiligheid. Aanstellingen op alle functies worden grotendeels voor eind 2014 verwacht. Met de invulling van deze vacatures worden de zwakke plekken versterkt, zoals het toezicht op het terrein van de voedselveiligheid bij locaties die direct aan de consument leveren. Verder zijn deze vacatures gericht op het versterken van het toezicht op het terrein van voedselveiligheid bij onder andere importeurs en levensmiddelen(productie-)bedrijven. Ook worden meer inspecteurs geworven voor het toezicht op productveiligheid. Meer hooggekwalificeerde inspecteurs komen beschikbaar voor inzet bij complexe bedrijven, voor een meer slagvaardige afhandelingen van incidenten en voor fraudeopsporing en -bestrijding. Tevens wordt de kennis en expertise versterkt om de risico’s van agentia (stoffen van biologische oorsprong of organismen) te kunnen beheersen, die een schadelijke invloed op de gezondheid van de mens kunnen hebben.

Reservering voor jaarlijks terugkerende werkzaamheden

De structureel terugkerende extra werkzaamheden op de domeinen van Economische Zaken zijn geprioriteerd en verwerkt in het jaarplan en de werkformatie voor 2014. Wettelijke verplichtingen, bijvoorbeeld komend uit internationale verdragen en Europese wetgeving, en uitvoering van het juiste toezicht conform EU-voorschriften krijgen daarbij als eerste prioriteit. Resterende capaciteit wordt ingezet waar de maatschappelijke risico’s het grootst zijn. Uitgangspunt bij de weging van deze risico’s moet zijn hoe groot het risico is voor de volksgezondheid (inclusief voedselveiligheid), het dierenwelzijn, de handelspositie en het behoud van natuur en milieu. Dit zijn de vier prioritaire maatschappelijke belangen die de NVWA met haar toezicht borgt.

3. Organisatie versterken ter ondersteuning van het primaire proces

In het plan van aanpak is aangegeven dat naast het versterken van de handhaving structurele maatregelen nodig zijn om de organisatie op orde te brengen. Daarbij gaat het om:

  • versterken van de kennisbasis voor risicogericht toezicht

  • modernisering ICT

  • opbouw van de organisatie, cultuur en medewerkers

  • versterken kwaliteit management

  • versterking ondersteuning primair proces

  • wegnemen inefficiënties in de bedrijfsvoering

  • ruimte inbouwen voor incidenten en onverwachte risico’s

Versterken van de kennisbasis voor risicogericht toezicht

De NVWA moeten kunnen ingrijpen wanneer dat nodig is. Dat vereist een stevige kennisbasis. Om de beperkte capaciteit risicogericht in te zetten en de juiste prioriteiten te stellen, is een goed onderbouwde, onafhankelijke analyse van die risico’s noodzakelijk.

Het onafhankelijk Bureau Risicobeoordeling & Onderzoeksprogrammering (BuRO) van de NVWA neemt een centrale plaats in bij het uitvoeren van de risicoanalyses. Het plan voor de versterking van BuRO is in concept gereed en de werving van vijf fte start deze zomer. BuRO analyseert de komende vier jaar alle relevante productieketens binnen de 23 NVWA domeinen met een methodiek voor ketengerichte risicoanalyse. De analyse vindt plaats op bestaande en op nieuwe risico’s. De eerste risicoanalyse, waarin BuRO de roodvleesketen op deze nieuwe wijze beziet, start deze zomer. Het is tevens een verdere verdieping van de analyse die het vorig jaar is uitgevoerd.

De NVWA kan meer gebruik maken van informatie uit interne en externe bronnen over de bedrijven waarop zij toezicht houdt. Ook het uitvoeren van effectmetingen is van belang. Voor vijf projecten zijn die opgestart. Het betreft de projecten: Verbeterplan vleesketen bij kleine en middelgrote slachtplaatsen, Effect openbaarmaking inspectieresultaten horeca, Effect repressief toezicht shoarma ondernemers, Effectmeting toezicht attracties en speeltoestellen en Effectmeting domein gewasbescherming.

Modernisering ICT

Een essentieel onderdeel van het op orde brengen van de organisatie ter ondersteuning van het primaire proces is het uniformeren van de interne processen en het moderniseren van de ICT-systemen. Hiertoe is een uitgebreid meerjarenplan opgesteld, waarvoor twee marktconsultaties zijn uitgevoerd, uitvoerig ervaringen zijn gedeeld met de Belgische zusterorganisatie van de NVWA en recente ICT-projecten van de NVWA zijn geëvalueerd. Een gedegen participatie van medewerkers vergroot de kans van slagen van het traject. Er is een interne expertgroep van medewerkers ingesteld, die in projectvorm nadrukkelijk wordt betrokken bij de ontwikkeling van plannen en het uniformeren van processen.

Parallel aan het opstellen van het plan is een aantal quick wins gerealiseerd, waaronder het instellen van een mobiele helpdesk die inspecteurs ter plekke ondersteunt bij het verhelpen van technische problemen. Tevens zijn de technische verbindingen op werkplekken bij slachtplaatsen (zogeheten om-niet werkplekken) en bij andere bijzondere werkplekken op inspectielocaties verbeterd. Circa 120 van de ruim 500 applicaties zijn uitgefaseerd. Naar verwachting leidt dit op jaarbasis tot een besparing van € 240.000 euro op het technisch applicatiebeheer. Dit is zo’n acht procent van het totale bedrag.

Opbouw organisatie, cultuur en medewerkers

Om de handhavingscultuur te versterken voert de divisie Veterinair en Import momenteel, met stevige externe begeleiding, een gericht programma uit. De aanpak wordt voor de zomer geëvalueerd om te bezien of die ook breder kan worden toegepast. Er is een handhavingsoverleg ingesteld voor de vee- en vleessector.

Besluiten in de top van de NVWA moeten naar de werkvloer worden doorvertaald. Andersom geldt dat signalen van de werkvloer de top moeten bereiken. Hiervoor worden onder de noemer «Rondje Nederland» bijeenkomsten georganiseerd waar de inspecteur-generaal en de hoofdinspecteurs in gesprek gaan met medewerkers. Met alle leidinggevenden vinden om de maand bijeenkomsten plaats, waarbij het plan van aanpak het centrale thema is. Om ruimte te bieden aan de signalen van de werkvloer is een interactief intranet gebouwd waar medewerkers ideeën kunnen aandragen en plannen kunnen becommentariëren.

In de periode tot en met 2018 stromen ruim 300 medewerkers uit in verband met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Een aantal van deze medewerkers bezit specifieke kennis. Deze problematiek en de gewenste diversiteit bij de personeelssamenstellingen vormen belangrijke elementen in het strategisch personeelsplan dat in voorbereiding is.

Versterken kwaliteit management

Leidinggevenden worden in staat gesteld beter hun werk te doen door aanpassing van de teamgrootte, de regio’s van teams te verkleinen en de indeling van medewerkers daarop aan te passen en waar nodig via extra administratieve ondersteuning. In de werkformatie 2014 is ruimte voor veertien fte extra leidinggevenden. Plannen voor nieuwe teamindelingen zijn voor advies aan de ondernemingsraad aangeboden. De uitvoering van de herschikkingen kan naar verwachting na de zomer beginnen.

Om de kwaliteit van leidinggevenden te verbeteren, zet de NVWA een programma op voor managementontwikkeling. Leidinggevenden die niet aan de eisen van de organisatie voldoen, zullen worden begeleid naar ander werk.

Versterken ondersteuning primair proces

De NVWA brengt de capaciteit en de kwaliteit van de juridische functie, communicatie, financieel beheer, HRM-ondersteuning en integrale beveiliging op orde. Op verschillende ondersteunende functies lopen verbetertrajecten (P&O, Financiën en Control) en visitaties (juridische functie en communicatie) waarbij benchmarking een onderdeel is.

Zo is het team juristen versterkt om het grote aantal verzoeken op grond van de Wet openbaarheid bestuur (WOB) adequaat te verwerken. Drie vacatures zijn ingevuld en de werving voor vier vacatures is gestart. Sinds mei wordt het overgrote deel van de WOB-verzoeken na ontvangst door de NVWA binnen een week in behandeling genomen.

Wegnemen inefficiënties in de bedrijfsvoering

Om de aandacht voor de bedrijfsvoeringstaken te versterken is een aparte directie Bedrijfsvoering ingesteld. Bij het terugdringen van inefficiënties wordt onder meer aandacht besteed aan de implementatie van tijd- en plaatsonafhankelijk werken en de doorgevoerde besparingen op de huisvesting. Deze worden momenteel geëvalueerd. Rijksbreed vindt met het Ministerie van BZK overleg plaats over aanpassingen in de arbeidsvoorwaarden, om die te harmoniseren met wat in het maatschappelijke verkeer gebruikelijk is.

Om de planning van retribueerbare keuringswerkzaamheden op aanvraag te optimaliseren is een extern onderzoek uitgevoerd. De aanbevelingen, die zich onder andere richten op procesdiscipline, voorscreening, het managen van de beschikbaarheid van medewerkers en het optimaliseren van de beschikbare informatie, worden de komende tijd geïmplementeerd. Hierbij is ook aandacht voor de werkelijk benodigde tijd per type werkzaamheid. Het resultaat van een inventarisatie wordt besproken met de sectororganisaties. Daarna zullen deze minimale tijden als uitgangspunt dienen voor de planningsaanvragen.

Ruimte inbouwen voor incidenten en onverwachte risico’s

Het werk van de NVWA wordt jaarlijks gekenmerkt door incidenten en onverwachte risico’s. Denk daarbij bijvoorbeeld aan salmonella in zalm, vogelgriep, fraude met paardenvlees en uitbraak van de Aziatische boktor. Met het plan van aanpak is in de begroting rekening gehouden met een bepaalde inzet voor deze incidenten. Hiermee is een bedrag van 2,5 miljoen euro gemoeid, waarvan 1 miljoen euro voor materiële en 1,5 miljoen euro voor personele kosten. Van de extra personele capaciteit is twee derde toegewezen aan de divisie Consument en Veiligheid en een derde aan de divisie Landbouw en Natuur. Mochten incidenten uitblijven dan wordt de extra capaciteit ingezet op de reguliere handhaving.

Tot slot

De NVWA heeft de eerste stappen gezet in haar ontwikkeling naar een professionele en moderne handhaver. Dit kan uiteraard niet de eigen verantwoordelijkheid van bedrijven vervangen. Het bedrijfsleven is verantwoordelijk voor de veiligheid en integriteit van hun producten. Het hiernaar handelen door bedrijven en burgers is de basisvoorwaarde voor het gezamenlijk realiseren van de belangen van veilig voedsel, productveiligheid en plant- en diergezondheid.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.