Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201933826 nr. 30

33 826 Mensenrechten in Nederland

Nr. 30 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR RECHTSBESCHERMING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 september 2019

De Nederlandse overheid streeft menswaardige bejegening na van alle personen die onder niet vrijwillige omstandigheden worden verzorgd of behandeld, zijn gedetineerd of op welke andere manier dan ook door de overheid in hun vrijheid zijn beperkt. Met het ondertekenen van het VN-Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing van de Verenigde Naties (OPCAT) heeft de Nederlandse overheid zich op dat uitgangspunt internationaal vastgelegd.

Het Nederlandse Nationaal Preventie Mechanisme (NPM) wordt gevormd door alle organisaties die een toezichthoudende of adviserende rol vervullen bij personen die in hun vrijheid zijn beperkt. Gezamenlijk beschikken de deelnemers aan het NPM over alle bevoegdheden waarover NPM’s op grond van OPCAT dienen te beschikken.

Hierbij bied ik u het Jaarbericht 2017–2018 van de deelnemers aan het NPM-overleg aan1. In dit jaarverslag over 2017 en 2018 rapporteren de deelnemers over de detentieomstandigheden en de behandeling van personen van wie hun vrijheid is beperkt of ontnomen. Op onderdelen van het jaarverslag is al eerder een inhoudelijke reactie met de Kamer gedeeld.

De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl