33 822 Financieel beheer en toezicht semipublieke sector

Nr. 13 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juli 2018

Eind 2017 heeft u mij verzocht voor de zomer de voortgang te melden met betrekking tot declaraties in het hoger onderwijs. Dit verzoek deed u naar aanleiding van mijn reactie (Kamerstuk 33 822, nr. 12) op uw vragen en opmerkingen uit het schriftelijk overleg over het rapport van de Inspectie van het Onderwijs «Rapport specifiek onderzoek doelmatigheid declaraties bestuurders Universiteit Utrecht». In de reactie stond dat er overleggen bij hogescholen en universiteiten waren gepland over dit onderwerp en dat ik de uitkomsten van deze overleggen eerst wilde afwachten.

Ik ben zeer verheugd om u te kunnen melden dat de diverse overleggen zijn afgerond en tot regelingen hebben geleid. De universiteiten die zijn aangesloten bij de VSNU zijn eind 2017 tot een regeling voor declaraties gekomen. Deze is per 1 januari 2018 ingegaan. In de bijlage bij deze brief treft u de regeling aan1. De hogescholen hebben recent hun regeling voor declaraties afgerond. De hogescholen zullen zich maximaal inspannen om deze ook met terugwerkende kracht per 1 januari 2018 toe te passen. In de bijlage bij deze brief treft u ook deze regeling aan2.

Eerder heb ik u gemeld dat de Inspectie van het Onderwijs in 2018 een nieuw onderzoek zou doen naar declaraties. Dit onderzoek zou dan gebaseerd worden op de jaarverslagen 2017, omdat deze in 2018 gepubliceerd worden. De nieuwe regelingen zijn echter op zijn vroegst pas per 1 januari 2018 van kracht gegaan. Daarom is besloten het onderzoek uit te stellen naar 2019; het onderzoek kan dan namelijk gaan over 2018.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, I.K. van Engelshoven


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven