Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433787 nr. 4

33 787 Samenvoeging van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen

Nr. 4 VERSLAG

Vastgesteld 17 januari 2014

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel, heeft de eer als volgt verslag uit te brengen van haar bevindingen.

Onder het voorbehoud dat de initiatiefnemers op de gestelde vragen en de gemaakte opmerkingen tijdig en genoegzaam zullen hebben geantwoord, acht de commissie de openbare beraadslaging over dit wetsvoorstel voldoende voorbereid.

Inhoudsopgave

1.

Inleiding

1

2.

Toets aan het Beleidskader gemeentelijke herindeling

2

2.1.

Draagvlak

2

2.2.

Bestuurskracht

3

2.3.

Urgentie

3

3.

Financiële aspecten

4

4.

Naamgeving

4

1. Inleiding

De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het wetsvoorstel tot samenvoeging van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen. Zij constateren dat het hier gaat om een vrijwillige samenvoeging teneinde de bestuurskracht van de drie gemeenten te versterken. Het wetsvoorstel geeft de leden van de VVD-fractie geen aanleiding tot het maken van opmerkingen en het stellen van vragen.

De leden van de PvdA-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het voorstel tot samenvoeging van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen. Door deze samenvoeging kan er een gezamenlijk gedragen einde komen aan de problemen van de gemeente Millingen aan de Rijn. Zij hopen op een spoedige afronding van de besluitvorming rond deze herindeling, zodat de betrokken partijen de voorbereidingen kunnen vervolgen.

De leden van de PVV-fractie hebben kennis gekomen van het voorstel tot herindeling van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen.

De leden van de SP-fractie hebben met interesse kennisgenomen van dit voorstel voor gemeentelijke herindeling. Belangrijke criteria ter beoordeling van de noodzaak van herindeling zijn voor deze leden de bestuurskracht van gemeenten, de urgentie van een herindeling en, in de eerste plaats, het draagvlak onder de bevolking. Ook de regering zegt dat herindelingen alleen plaats zullen vinden van onderaf, als hiervoor steun is van de bevolking. De fractie van de SP heeft enkele vragen bij de bestuurskracht, het draagvlak, de urgentie en de financiële gevolgen. Deze leden gaan hier graag nader op in.

De leden van de CDA-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het voorliggende wetsvoorstel tot samenvoeging van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen. Deze leden onderschrijven het uitgangspunt van de regering, dat gemeenten primair zelf aan zet zijn om maatregelen te nemen indien dat wenselijk dan wel noodzakelijk wordt geacht om de bestuurskracht te vergroten en kunnen daarom instemmen met de voorgestelde samenvoeging.

De leden van de SGP-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het wetsvoorstel om te komen tot een nieuwe gemeente, bestaande uit de huidige gemeenten Groesbeek, Millingen aan den Rijn en Ubbergen. Deze leden vinden draagvlak voor een herindeling erg belangrijk, alsmede de vraag of er sprake is van een herindeling op verzoek van de betrokken gemeenten. De provincie Gelderland spreekt over deze gemeente als een «unieke kans om een prachtige nieuwe, bestuurskrachtige gemeente te laten ontstaan in het zuidoosten van Gelderland.» Ook de drie gemeenten zelf geven aan zeer positief te zijn over deze voorgenomen herindeling.

2. Toets aan het Beleidskader gemeentelijke herindeling

2.1. Draagvlak

Door inspraak zijn de leden van de PvdA-fractie op de hoogte van een gemeentegrens tussen Nijmegen en Groesbeek die woonzorgcentrum Vijverhof doorsnijdt, waardoor de cliënten in twee verschillende gemeenten wonen. Kan de regering inzicht geven in de inspanningen van de betrokken gemeenten in afgelopen jaren om deze lastige situatie op te heffen? Zo ja, wat heeft dit opgeleverd? Ziet de regering in deze herindeling een logisch moment om deze onhandige situatie op te lossen?

De leden van de PVV-fractie willen graag weten waarom er geen referendum en zelfs geen representatief onderzoek heeft plaatsgevonden om te weten te komen hoe de inwoners van de betreffende gemeenten over de herindeling denken. Deze leden zijn van mening dat er pas tot herindeling moet worden overgegaan als dit is wat de inwoners van de betreffende gemeenten in meerderheid willen.

De regering stelt, zo merken de leden van de SP-fractie op, dat het voorstel tot herindeling van onderop tot stand is gekomen. Het kan rekenen op een breed lokaal bestuurlijk draagvlak. Naar het maatschappelijk draagvlak is geen representatief onderzoek gedaan. Wel is het maatschappelijk draagvlak via verschillende andere instrumenten getoetst. De leden van de SP-fractie zijn van mening dat het belangrijk is te weten wat het draagvlak onder de inwoners is en betreuren het om die reden dat dit niet grondig is onderzocht. Zij willen graag van de regering weten waarom dit niet is gebeurd.

De gemeenten hebben allerlei middelen ingezet om de inwoners te informeren over de herindeling. Deze leden zijn van mening dat dit goed is, omdat zo inwoners meer betrokken worden. Maar tegelijk constateren zij dat het informeren van mensen niets zegt over het daadwerkelijke draagvlak onder de inwoners. Deelt de regering de mening van deze leden dat representatief onderzoek noodzakelijk is om een eenduidig beeld te krijgen van dit draagvlak?

2.2. Bestuurskracht

Uit de bestuurskrachtmeting van 2008 bleek, zo merken de leden van de SP-fractie op, dat wat betreft de gemeente Millingen aan de Rijn «versterking van bestuurskracht door samenwerking of herindeling noodzakelijk was». Volgens de regering is «de nieuw te vormen gemeente beter in staat de (toekomstige) taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden goed uit te oefenen. De schaal en daarmee samenhangende bestuurskracht van de nieuwe gemeente bieden voldoende mogelijkheden om de dienstverlening voor burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties op kwalitatief goede, professionele en krachtige wijze vorm te geven.» De leden van de SP-fractie vragen zich af waarop deze stellige aannames gebaseerd zijn. Hoe is onderzocht dat na herindeling sprake zal zijn van deze ontwikkelingen? Kan de regering specifiek aantonen dat er na deze herindeling sprake zal zijn van méér bestuurskracht, zonder in algemene aannames te spreken?

De leden van de SGP-fractie constateren dat de nieuwe gemeente ongeveer 35.000 inwoners zal hebben. Zij vragen zich af hoe dit voorstel zich verhoudt tot de visie op gemeentelijke schaalgrootte, zoals die in het regeerakkoord genoemd wordt. Hoe moet in dit licht deze passage uit de toelichting worden gelezen: «De schaal en de daarmee samenhangende bestuurskracht van de nieuwe gemeente bieden voldoende mogelijkheden om de dienstverlening voor burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties op kwalitatief goede, professionele en krachtige wijze vorm te geven.»? Graag ontvangen zij hierop een reactie.

2.3. Urgentie

De leden van de SP-fractie lezen dat de regering de samenvoeging voor de gemeente Millingen aan de Rijn urgent acht. Deze biedt «een structurele oplossing voor de financiële problematiek». Daarnaast is de rol van de gemeenteraad en het college in Millingen aan de Rijn de afgelopen jaren uitgehold door de ambtelijke samenwerking met en aansluiting bij het beleid van Groesbeek en de financiële zorgen. De leden van de SP-fractie vragen zich af in hoeverre dit een argument mag zijn in de discussie over de wenselijkheid van deze herindeling. Men heeft als gemeente al voorgesorteerd op deze herindeling, waardoor de uitholling heeft plaatsgevonden en er dus eigenlijk geen weg terug meer is. Dat achten deze leden onverstandig, omdat de herindeling pas definitief is als beide Kamers zich hierover uitgesproken hebben. Onomkeerbare stappen zijn dus ongewenst. Deelt de regering deze mening, en is hij het met deze leden eens dat de lokale democratie niet opgeheven of uitgehold mag worden zolang er geen sprake is van een definitief besluit en inwoners tot die tijd moeten kunnen rekenen op degelijk bestuur van hun gekozen volksvertegenwoordigers?

3. Financiële aspecten

De leden van de SP-fractie stellen vragen bij de opmerking van de regering dat de nieuwe gemeente € 1,16 mln. minder gaat ontvangen in de algemene uitkering uit het gemeentefonds dan nu het geval is bij de som van de algemene uitkeringen. Zij verwacht dat deze structurele verlaging opgevangen wordt door de te verwachten vermindering van de bestuurskosten en andere efficiencyvoordelen van de nieuwe organisatie. Waarop is deze verwachting gebaseerd? Wat als deze verwachtingen uitblijven? Herindelingen kosten geld, de uitkering op grond van de maatstaf herindeling zal hiervoor nodig zijn. Wat als blijkt dat er straks toch een tekort op de begroting ontstaat als gevolg van de herindeling? Deze leden ontvangen graag een antwoord op deze vragen.

4. Naamgeving

De leden van de SGP-fractie vernemen uit een brief van de drie betrokken gemeenten dat er grote onvrede is over de naamgeving. Zij schrijven: «De voorgestelde naam Millingen aan de Rijn, Ubbergen, Groesbeek is een politiek-bestuurlijk compromis. De keuze voor de naam van de grootste gemeente (Groesbeek) zal ertoe leiden dat het draagvlak voor de herindeling ernstig wordt beschadigd. Gesteld kan dan ook worden dat het vaststellen van de lange naam bijdraagt aan het belangrijkste uitgangspunt van het Beleidskader en daar niet lichtzinnig van afgeweken zou moeten worden.» Graag vernemen de leden van de SGP-fractie wat de reactie van de regering hierop is? Waarom wordt de door de gemeenteraden gekozen naam niet gevolgd, zoals wel gebruikelijk is?

De voorzitter van de commissie, Berndsen - Jansen

Adjunct-griffier van de commissie, Hendrickx