Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433771 nr. 5

33 771 Herstel van wetstechnische gebreken en leemten alsmede aanbrenging van andere wijzigingen van ondergeschikte aard in diverse wetsbepalingen op het terrein van het ministerie van Veiligheid en Justitie (Verzamelwet Veiligheid en Justitie 2013)

Nr. 5 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 5 november 2013

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

1

In artikel III, onderdeel E, punt 1, onder c, wordt «d en f» vervangen door: d en e.

2

Na artikel XXXV wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel XXXVa

Artikel 12 van de Wet op de naburige rechten wordt gewijzigd als volgt:

1. De laatste leden 3 en 4 worden vernummerd tot lid 5 en 6.

2. In lid 6 (nieuw) wordt «70» telkens vervangen door: 50.

Toelichting

Deze nota van wijziging behelst twee louter technische wijzigingen. De nota repareert ten eerste een kleine onvolkomenheid in artikel III van het wetsvoorstel. Ten tweede voegt de nota een nieuw artikel XXXVa toe aan het wetsvoorstel. Dit artikel strekt tot reparatie van een onvolkomenheid in de Wet van 9 oktober 2013 ter implementatie van de Richtlijn verlenging beschermingsduur naburige rechten (Stb. 2013, 383).

Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten (Pb EU 2011, L 265/1) behelst dat de naburige rechten van uitvoerende kunstenaars van op een fonogram vastgelegde uitvoeringen alsmede van de producenten van die fonogrammen voortaan na 70 jaar vervallen in plaats van na 50 jaar. De duur van naburige rechten is geregeld in artikel 12 Wet op de naburige rechten. Met de implementatiewet is artikel 12 dan ook gewijzigd.

De wijzigingsopdracht luidde per abuis dat (i) onder vernummering van lid 2 tot lid 4 twee leden werden ingevoegd en (ii) in het vierde lid het getal 50 telkens zou worden vervangen door 70. De wijzigingsopdracht had echter moeten luiden dat (i) onder vernummering van lid 2 tot en met lid 4 lid (oud) tot lid 4 tot en met lid 6 (nieuw) een nieuw lid 2 en 3 zouden worden ingevoegd alsmede dat (ii) in het vierde lid (nieuw) het getal 50 door 70 zou worden vervangen. Door deze onvolkomenheid bevat artikel 12 Wet op de naburige rechten thans twee keer een derde lid en twee keer een vierde lid. De laatste leden 3 en 4 zouden eigenlijk lid 5 en 6 moeten zijn. In het laatste (oude) vierde lid is daarnaast per abuis het getal 50 vervangen door het getal 70 terwijl de wijzigingsopdracht uitsluitend moest zien op het nieuwe vierde lid. Het laatste (oude) lid 4 ziet op naburige rechten van de producenten van de eerste vastlegging van een film. Die beschermingstermijn is gewoon 50 jaar gebleven nu de geïmplementeerde richtlijn slechts zag op de verlenging van de beschermingstermijn van naburige rechten op fonogrammen en niet op de beschermingstermijn van naburige rechten op de eerste vastlegging van een film. Deze onvolkomenheden worden met de voorgestelde wijziging gerepareerd.

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten