Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433754 nr. 10

33 754 Wijziging van enkele wetten met het oog op de bestrijding van fraude in de toeslagen en fiscaliteit (Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit)

Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID OMTZIGT

Ontvangen 12 november 2013

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In het in artikel III, onderdeel C, opgenomen artikel 16, achtste lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen wordt «heeft begaan of wiens partner een vergrijp heeft begaan» vervangen door «heeft begaan» en wordt «hem of zijn partner» telkens vervangen door «hem». Voorts vervalt de tweede volzin.

Toelichting

In het wetsvoorstel aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit is bepaald dat geen voorschot toeslagen wordt verleend als de partner of medebewoner van de belastingplichtige in de afgelopen vijf jaar een vergrijpboete is opgelegd of strafrechtelijk is veroordeeld. De partner van degene die fraude heeft gepleegd, heeft zelf echter geen overtreding begaan, maar wordt wel hard gestraft. Als een kind van de belastingplichtige naar de kinderopvang gaat, volgt pas anderhalf jaar later de vaststelling van het inkomen en dan pas kan de eerste kinderopvangtoeslag worden aangevraagd. Weinig belastingplichtigen zullen anderhalf jaar kinderopvangtoeslag kunnen voorschieten, dus effectief worden door dit wetsvoorstel kinderen van belastingplichtigen wiens partner ooit gestraft is, het recht op kinderopvang, peuterspeelzaal of buitenschoolse opvang ontzegd. Dit zal het voor belastingplichtigen met een gestrafte partner vaak onmogelijk maken om te gaan werken. De enige wijze waarop partners op dat moment nog toegang kunnen krijgen tot de kinderopvang is scheiden en voor medebewoners apart gaan wonen. Indiener vindt dit zeer ongewenst. Daarom regelt het amendement dat de belastingplichtige niet gestraft kan worden voor gedragingen van zijn of haar partner in het verleden.

Omtzigt