Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433750-XII nr. 6

33 750 XII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII) voor het jaar 2014

Nr. 6 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 september 2013

Begin juli heb ik met de bestuurders van de gemeenten Vlieland en Terschelling gesproken over oplossingsmogelijkheden voor de dreigende problemen met de continuïteit van de veerverbinding met de eilanden. We hebben afgesproken alle mogelijke maatregelen te onderzoeken om te voorkomen dat de toen door rederij Doeksen/TSM aangekondigde gewijzigde winterdienstregeling per 1 oktober zou worden ingevoerd. In mijn voortgangsbrief van 18 september jl. (Aanhangsel Handelingen II, 2013/14, nr. 72) heb ik u geïnformeerd over de stand van zaken. Er is meer tijd uitgetrokken voor het onderzoek in overleg met TSM en TSM was bereid ten behoeve daarvan de invoering van de gewijzigde dienstregeling met een maand uit te stellen.

Inmiddels is het onderzoek naar mogelijkheden afgerond. In de commissie Bootdiensten zijn op 25 en 30 september jl. mogelijkheden doorgesproken voor een door alle partijen gedragen oplossing aan de hand van de rapportage van de onafhankelijk procesbegeleider. In het kader van het onderzoek is uitvoerig gesproken met bestuurders en eilandbewoners.

Ik heb veel waardering voor de inzet van alle partijen om gezamenlijk tot een gedragen oplossing te komen, rekening houdend met de maatschappelijke belangen en de financiële situatie bij Rederij Doeksen/ TSM.

Maar helaas is het niet gelukt tot overeenstemming te komen. Enerzijds heeft de aangepaste dienstregeling voor de eilandgemeenten nog te ingrijpende maatschappelijke gevolgen en dreigt te leiden tot maatschappelijke ontwrichting. Anderzijds is de financiële problematiek bij TSM zodanig, dat TSM stelt geen enkele ruimte meer te hebben om de gemeenten verder tegemoet te komen. Het is duidelijk geworden dat hiermee geen structurele oplossing in zicht is.

Daarom ben ik in overleg met de gemeentebestuurders tot de conclusie gekomen dat het nodig is te zoeken naar nadere maatregelen om de continuïteit van de veerdienst ook op langere termijn te garanderen. Om maatschappelijke ontwrichting te voorkomen heb ik besloten nu ook een beperking van het medegebruik van de aanleginrichtingen te gaan onderzoeken. Daarover heb ik vandaag ook EVT geïnformeerd.

Ik heb TSM bereid gevonden de besluitvorming over de invoering van de aangepaste dienstregeling vooralsnog uit te stellen.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, W.J. Mansveld