Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433750-A nr. 86

33 750 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2014

Nr. 86 MOTIE VAN HET LID DIK-FABER

Voorgesteld 3 juli 2014

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat op de realisatiekosten van een toekomstige spoorlijn Breda-Utrecht honderden miljoenen euro kunnen worden bespaard als bij de verbreding van de A27 optimaal rekening wordt gehouden met de mogelijke komst van deze spoorlijn;

overwegende dat de meerkosten van dit optimaal rekening houden met een spoorlijn volgens marktpartijen gering zijn;

verzoekt de regering:

  • bij de aanbesteding van de A27 Houten-Hooipolder de markt via een EMVI-gunningscriterium uit te dagen in het ontwerp van de Merwedebrug en knooppunt Gorinchem zo veel mogelijk rekening te houden met een toekomstige spoorlijn Breda-Utrecht zodat een latere realisatie van deze spoorlijn niet onnodig duur wordt;

  • en in overleg te gaan met betrokken provincies of zij bereid zijn de meerkosten hiervan met een maximum van 10 miljoen euro te dragen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Dik-Faber