Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433745 nr. 10

33 745 Wijziging van de Penitentiaire beginselenwet en het Wetboek van Strafrecht in verband met de herijking van de wijze van de tenuitvoerlegging van vrijheidsbenemende sancties en de invoering van elektronische detentie

Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID KOOIMAN

Ontvangen 15 april 2014

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I vervalt onderdeel L.

Toelichting

Het recht van gedetineerden op deelname aan de in een inrichting beschikbare arbeid wordt door het onderliggende wetsvoorstel afgeschaft. In de plaats daarvan geldt voor de directeur een inspanningsverplichting om voor de beschikbaarheid van de arbeidsplaatsen te zorgen. Wat de indiener betreft blijven alle gedetineerden werken. Indiener wil er met dit amendement dan ook voor zorgen dat elke gedetineerde recht behoud op deelname aan de in de inrichting beschikbare arbeid. Ook blijft de verplichting voor gedetineerden om door de directeur opgedragen arbeid te verrichten, met dit amendement bestaan. Het opdoen van een dagritme en het aanleren van bepaalde vaardigheden is voor alle gedetineerden belangrijk, niet slechts voor hen die hiertoe op voorhand reeds gemotiveerd zijn. Het afschaffen van het recht op arbeid en de plicht om deze te verrichten, zal er volgens de indiener toe leiden dat niet gemotiveerde gedetineerden minder zullen werken aan een veilige terugkeer in de samenleving.

Kooiman