Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201533722 nr. 15

33 722 Voorstel van wet van het lid Van der Steur tot het stellen van regels omtrent de registratie en de bevordering van de kwaliteit van mediators (Wet registermediator)

Nr. 15 AMENDEMENT VAN HET LID VAN NISPEN

Ontvangen 8 januari 2015

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

Artikel 39 vervalt.

II

Na artikel 40 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 40a

  • 1. De voorzitter dan wel een van de plaatsvervangende voorzitters van het tuchtcollege kan een klacht binnen 30 dagen zelf schriftelijk afdoen, indien:

    • a. het tuchtcollege kennelijk onbevoegd is;

    • b. de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is;

    • c. de klacht kennelijk ongegrond is; of

    • d. de klacht kennelijk van onvoldoende gewicht is.

  • 2. Een beslissing als bedoeld in het eerste lid is met redenen omkleed.

  • 3. Van een beslissing als bedoeld in het eerste lid worden de klager en de mediator tegen wie de klacht is ingediend onverwijld schriftelijk in kennis gesteld.

  • 4. Tegen een beslissing als bedoeld in het eerste lid staat geen rechtsmiddel open.

III

In artikel 51, derde lid, vervalt: 39,.

Toelichting

Het eerste onderdeel van dit amendement regelt dat geen griffierecht wordt geheven voor het starten van een procedure bij het tuchtcollege. Artikel 39 wordt dan ook geschrapt.

Een klager kan een klacht bij de mediator zelf indienen of direct bij het tuchtcollege. Er ontbreekt op dit moment nog een speciale toezichthouder zoals bijvoorbeeld bij de advocatuur gebruikelijk is. Indiener vindt het daarom belangrijk dat de drempel voor het tuchtcollege zo laag mogelijk is, zodat kan worden voorkomen dat de klager nergens anders meer terecht kan met zijn of haar klacht.

Om te voorkomen dat de werkdruk voor het tuchtcollege oploopt, wil indiener regelen dat klachten over onderwerpen waarin het tuchtcollege kennelijk onbevoegd is, kennelijk niet-ontvankelijke, kennelijk ongegronde klachten en klachten die van onvoldoende gewicht zijn snel schriftelijk kunnen worden afgedaan.

Het tweede onderdeel van dit amendement voegt daartoe een artikel 40a aan de Wet registermediator toe dat de voorzitter of zijn plaatsvervanger de mogelijkheid geeft om deze klachten op korte termijn zelf af te doen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de regeling in artikel 46j van de Advocatenwet. Het derde onderdeel van dit amendement is technisch van aard en regelt dat ook de verwijzing naar artikel 39 in het wetsvoorstel komt te vervallen.

Van Nispen