33 681 Verlenging van de zittingsduur van gemeenteraden in gemeenten waarvoor met ingang van 1 januari 2015 een wijziging van de gemeentelijke indeling wordt beoogd

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de zittingsduur van de gemeenteraden van gemeenten waarvoor met ingang van 1 januari 2015 een wijziging van de gemeentelijke indeling wordt voorgenomen te verlengen, teneinde te voorkomen dat in een kort tijdsbestek tweemaal verkiezingen van de leden van deze gemeenteraden worden gehouden;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

In deze wet wordt onder een herindelingsgemeente verstaan een gemeente waarvoor in de periode van 1 oktober 2013 tot en met 31 december 2013 een voorstel van wet tot wijziging van de gemeentelijke indeling als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene regels herindeling is ingediend bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal, waarin voor die gemeente is voorzien in een tussentijdse raadsverkiezing als bedoeld in artikel 52 van de Wet algemene regels herindeling.

Artikel 2

  • 1. De verkiezing van de leden van de gemeenteraad in 2014, waarvoor de kandidaatstelling plaatsvindt op de dag, bedoeld in artikel F 1, eerste lid, van de Kieswet, blijft in een herindelingsgemeente achterwege.

  • 2. De zittingsduur van de leden van de raad van een herindelingsgemeente wordt verlengd tot 1 januari 2015.

Artikel 3

  • 1. Indien een voorstel van wet als bedoeld in artikel 1 niet op 18 september 2014 tot wet is verheven en in werking is getreden, vindt de kandidaatstelling voor de verkiezing van de leden van de raad van een herindelingsgemeente, genoemd in dat wetsvoorstel, plaats op 6 oktober 2014.

  • 2. In het geval, bedoeld in het eerste lid, gelden in afwijking van de artikelen G 1 tot en met G 5 van de Kieswet de volgende tijdstippen:

    • a. de in de artikelen G 1, achtste lid, en G 2, achtste lid, van de Kieswet bedoelde kennisgeving, voorafgaande aan de kandidaatstelling voor de verkiezing van de raad van een herindelingsgemeente vindt plaats op 22 september 2014;

    • b. de in artikel G 3, eerste lid, van de Kieswet bedoelde verzoeken tot registratie van aanduidingen van politieke groeperingen voor de verkiezing van de raad van een herindelingsgemeente ingediend na 22 september 2014, blijven voor de daaropvolgende verkiezing van de desbetreffende raad buiten beschouwing;

    • c. de in artikel G 4, tweede lid, van de Kieswet bedoelde beslissing van het centraal stembureau, vindt uiterlijk plaats op 25 september 2014;

    • d. de in artikel G 5, eerste lid, onderdelen b en c, van de Kieswet bedoelde beschikkingen, vinden uiterlijk plaats op 29 september 2014.

  • 3. De op grond van het eerste lid gekozen gemeenteraadsleden treden tegelijk af met de leden van de gemeenteraden waarvoor de stemming in 2014 heeft plaatsgevonden op de dag, bedoeld in artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet.

Artikel 4

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2019.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Naar boven