Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201433529 nr. 31

33 529 Gaswinning Groningen-veld

Nr. 31 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 5 februari 2014

Op 4 februari jl. heeft het lid Van Tongeren bij regeling van werkzaamheden verzocht om een overzicht van de inkomsten van NAM uit het Groningengas (Handelingen II 2013/14, nr. 49, Regeling van Werkzaamheden). Er is geen specifiek overzicht van de inkomsten van NAM uit het Groningengas sinds de start van de winning beschikbaar. Een dergelijk overzicht is alleen beschikbaar voor een recentere periode, namelijk de periode 2006–2013. Deze periode beslaat bijna 40% van de gasbaten sinds de start van de winning in 1963.1 In de periode 2006–2013 is de winst van het Groningengas op de volgende wijze verdeeld tussen de Staat en NAM:

 

Groningen volume

(mrd m3)

winst

(in mld. €)

w.v. Staat

(in mld. €)

w.v. NAM

(in mld. €)

2006

32,2

7,15

6,30

0,85

2007

29,9

6,75

5,85

0,90

2008

38,9

10,65

9,45

1,20

2009

37,8

8,10

7,05

1,05

2010

50,1

9,15

8,00

1,15

2011

44,7

9,95

8,90

1,05

2012

47,2

12,85

11,40

1,45

2013

53,2

13,20

11,90

1,30

   

77,80

68,85

8,95

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


X Noot
1

Over de gehele periode 1963–2013 heeft de Staat in totaal € 265 miljard aan gasbaten inclusief vennootschapsbelasting ontvangen uit het Groningenveld en de kleine velden samen. Hiervan is in de periode 1963–2005 € 167 miljard ontvangen en € 98 miljard in de periode 2006–2013. Van deze gasbaten van € 98 miljard is € 69 miljard afkomstig uit het Groningenveld en € 29 miljard uit de kleine velden. Dus bijna 40% van de gasbaten sinds 1963 is ontvangen in de laatste acht jaar.