33 529 Gaswinning

Nr. 1032 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 31 mei 2022

Tijdens het interpellatiedebat over de afvalwaterinjectie door de Nederlandse Aardolie Maatschappij (hierna: NAM) in Twente (gehouden op 12 april 2022 (Handelingen II 2021/22, nr. 71, Interpellatie-Omtzigt over uitvoering van de motie inzake opschorting van afvalwateringsinjecties door de NAM Twente) heb ik toegezegd om uw Kamer te informeren over het onderzoek van de NAM naar de waterinjectieputten in Twente en het oordeel hierover van Staatstoezicht op de Mijnen (hierna: SodM). Met deze brief volg ik mijn toezegging op.

Op 24 december 2021 heeft de NAM een tussenrapport (met kenmerk EP202112200643) ingediend bij SodM over de door de toezichthouder gestelde vragen rondom de scheur in de waterinjectieput ROW-02. Op 31 maart 2022 heeft SodM van de NAM de antwoorden op de aanvullende vragen ontvangen (rapport met kenmerk EP202111204310). De NAM heeft beide rapporten op 31 mei 2022 op haar website1 gepubliceerd. SodM heeft het geomechanische deel van het onderzoek van de NAM extern laten analyseren door prof. M. Sintubin (Geodynamica, KU Leuven (België). De externe analyse is bij deze brief gevoegd2.

SodM heeft op basis van de onderzoeken en de review geoordeeld dat de NAM het incident met injectieput ROW-2 nu voldoende heeft onderzocht. SodM onderschrijft de conclusie van de NAM dat er geen eenduidige oorzaak te vinden is voor de scheur in de buitenbuis. De NAM heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat een combinatie van verschillende effecten van de gaswinning en/of waterinjectie tot het scheuren van de buitenbuis heeft geleid. De NAM heeft geconcludeerd dat het risico op eenzelfde soort gebeurtenis bij andere putten niet is uit te sluiten. De eventuele gevolgen van zo’n vooral zijn wel vroegtijdig op te merken met een adequaat monitoringsprogramma en zijn te beperken met een beheers-programma. SodM en de externe reviewer onderschrijven deze conclusie. De NAM heeft haar monitoringsprogramma naar aanleiding van het voorval aangepast en het Waterinjectie Management Plan is ook herzien. Daarnaast heeft de NAM in haar systemen en procedures nu geborgd dat er tijdig en adequaat wordt gereageerd op signalen uit deze monitoring.

SodM heeft mij een positief advies gegeven over de door de NAM ingediende wijzigingen. Ik zal de door de NAM ingediende wijzigingen bevestigen door het nemen van een instemmingsbesluit.

Wat betreft de overige waterinjectieputten in Twente heeft de NAM aangetoond dat tot nu toe geen vergelijkbaar incident is voorgekomen. De NAM heeft aan SodM ook laten zien dat de integriteit van put ROW-07 in orde is. Zowel de binnen- als de buitenbuis zijn intact. De NAM heeft ook aangetoond dat bij geen van de injectieputten in Twente (ROW-04, ROW-05 en ROW-07) op dit moment sprake is van een dreigende scheur in de buitenbuis.

De NAM heeft in de putten ROW-04, ROW-05 en ROW-07 extra metingen uitgevoerd. Deze metingen hebben bij ROW-4 een onregelmatigheid aangetoond achter de buitenbuis. Zowel de binnen- als de buitenbuis van put ROW-04 zijn intact. Bij de overige putten is een dergelijke onregelmatigheid niet waargenomen. Naar aanleiding hiervan heeft SodM de NAM verzocht om aanvullend onderzoek uit te voeren naar put ROW-04.

De NAM heeft het document «Overkoepelende Analyse Ondergrondse Risico’s Waterinjectie Twente en Schoonebeek» aangepast en op 16 mei 2022 bij SodM ingediend. SodM zal dit document beoordelen voordat zij uitspraak doet over het eventueel voortzetten van de waterinjectie in Twente.

Opstarten waterinjectie Twente

Op dit moment is het opstarten van de waterinjectie nog niet aan de orde. SodM heeft geoordeeld dat de onderzoeken naar put ROW-02 voldoende zijn en dat de NAM heeft aangetoond dat de putten ROW-5 en ROW-7 geschikt zijn voor waterinjectie.

De toezichthouder wil echter eerst de overkoepelende risicoanalyse beoordelen om vast te stellen of de geconstateerde onregelmatigheid bij ROW-04 gevolgen heeft voor de risicoanalyse van de waterinjectie in Twente en of daaruit volgt dat de waterinjectie in Twente nog steeds veilig kan plaatsvinden. SodM doet hier naar verwachting in juli een uitspraak over. Daarnaast dient de NAM over een vergunning te beschikken om het tolueengehalte in het injectiewater op orde te brengen. Tot slot moeten de aanpassingen aan het Waterinjectie Management Plan vastgelegd zijn via het door mij nog te nemen instemmingsbesluit.

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, J.A. Vijlbrief


X Noot
1

www.nam.nl.

X Noot
2

Zie bijlage.

Naar boven