Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333475 nr. 10

33 475 Herziening van de Wet arbeid vreemdelingen

Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID VAN WEYENBERG

Ontvangen 17 april 2013

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel I vervalt onderdeel C

II

In artikel I, onderdeel D, wordt artikel 8 als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid, onderdeel f, wordt de puntkomma aan het slot vervangen door:; of.

2. In het eerste lid, onderdeel g, wordt «; of» vervangen door een punt.

3. In het eerste lid vervalt onderdeel h.

4. In het tweede lid wordt «onder a, b, c, f en h» vervangen door: onder a, b, c en f.

Toelichting

Tussen 2006 en 2011 daalde het aantal tewerkstellingsvergunningen van 75.000 naar minder dan 12.000. Dit wetsvoorstel bevat diverse maatregelen waardoor het nog moeilijker wordt om een tewerkstellingsvergunning te verkrijgen. Een quotum – waarbij het aantal tewerkstellingsvergunningen voor een sector wordt gemaximeerd, mogelijk zelfs op nul – is in dit licht een te ingrijpend instrument. Bedrijven moet de mogelijkheid worden geboden om onmisbaar personeel uit derde landen aan te nemen, zij moeten niet worden afgerekend op gedrag van andere bedrijven in de sector. Tot slot wordt in het wetsvoorstel de mogelijkheid gegeven om per algemene maatregel van bestuur een quotum op te leggen, waardoor de parlementaire controle beperkt is. Met dit amendement wordt daarom geregeld dat de mogelijkheid om een quotum te stellen aan het aantal te verlenen tewerkstellingsvergunningen (artikel 8, eerste lid, onderdeel h) komt te vervallen.

Van Weyenberg